De sfeer is ontspannen op Papendal. Schippers lacht veel, coach Reider maakt steeds contact.

Reportage Schippers in voorbereiding op EK atletiek

De sprintdiva lacht, maar de ‘turbo’ is zoek: heeft coach Reider haar te zwaar belast?

De sfeer is ontspannen op Papendal. Schippers lacht veel, coach Reider maakt steeds contact. Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

Maandag beginnen de EK atletiek en voor het eerst in vier jaar is Dafne Schippers niet Europa’s snelste. De ‘turbo’, haar befaamde versnelling in het tweede deel van de sprint, werkt niet. Er wordt gewezen naar coach Rana Reider. Hij zou haar te zwaar belasten.  

Bijna struikelt Dafne Schippers. Haar linkervoet schraapt over het geribbelde tartan, met rechts kan ze nog net corrigeren. ‘Dat verdomde bultje ook’, roept coach Rana Reider van een afstand. Een grap. De helblauwe atletiekbaan van Papendal is gloednieuw en superstrak. 

De sfeer is ontspannen. Schippers lacht veel, Reider maakt steeds contact. De 48-jarige Amerikaan masseert haar voet en geeft soms kort commentaar op de machtige versnellingen die ze afwerkt op de zonovergoten, vrijwel verlaten ovaal in het Papendalse bos. Ze zet voor elke krachtsexplosie haar donkere zonnebril even af. 

Reider houdt ondertussen ook de training van zijn acht andere atleten in de gaten. Vier van hen hebben een geweldig seizoen. De Amerikaanse hinkstapverspringer Christian Taylor won bijna al zijn wedstrijden, zijn drie Chinese sprinters hebben magische barrières doorbroken: Bingtian Su en Zhenye Xie zijn onder de 10 seconden gedoken, Yongli Wei onder de 11 seconden. 

Schippers (26) verlangt hartstochtelijk naar dat soort prestaties. Ze begint maandag aan de EK atletiek in de wetenschap dat haar reputatie op het spel staat. Ze is voor het eerst in vier jaar niet de snelste Europese atlete van het seizoen. Dat is niet omdat andere sprinters sneller zijn geworden. Zij komt niet in de buurt van haar eigen toptijden.

Dat voelt niet lekker, zegt Schippers twee uur voor de middagtraining, tijdens een ongemakkelijke persbijeenkomst. Reider zit naast haar met zijn onafscheidelijke honkbalpet. Ze proberen vertrouwen in de goede afloop van de EK uit te stralen. 

Tegelijkertijd erkennen ze dat het seizoen niet vlekkeloos is verlopen. De 26-jarige titelverdediger: ‘Ik train niet tien keer in de week kneiterhard om boven de 11 en 22 seconden te lopen. Zo simpel is het. Als je er 24 uur per dag voor zorgt dat je atleet bent, als je alles maar dan ook alles doet om de beste atleet te zijn, dan doe je het daar niet voor.’ 

Dafne Schippers: ‘Ik moet leren aanvoelen dat ik extreem moe ben, een betere balans vinden.’ Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

Souplesse zoek 

Coach Reider besefte dat hij een risico nam toen hij Schippers vorig jaar toeliet tot zijn groep. Onder haar eerste coach, Bart Bennema, was de voormalig zevenkampster in korte tijd uitgegroeid tot een van de snelste vrouwen aller tijden. Ze staat hoog alle ranglijsten: 10de op 60 meter, 22ste op de 100 meter en 3de op 200 meter. Slechts drie vrouwen zijn betere allroundsprinters geweest dan Schippers. Wat viel er te verbeteren? 

Het eerste seizoen kende, na een moeizaam begin, een grotendeels positieve afloop. Schippers prolongeerde haar wereldtitel op de 200 meter, ze pakte brons op de 100 meter en bleef, niet onbelangrijk, gevrijwaard van blessures. In 2016 moest ze zich bijna terugtrekken van de Olympische Spelen toen ze twee dagen voor haar eerste wedstrijd een acute liesblessure opliep. Ze behaalde uiteindelijk zilver op de 200 meter, maar Reider trok lering uit het noodlottige incident. Dat nooit weer. 

Met andere accenten in de kracht- en starttraining wist Reider Schippers heel te houden. Ze werd sterker en gespierder, maar kwam ook enkele kilo’s aan. Daarvoor leek ze een tol te betalen. Schippers verloor aan souplesse. Dat bleek vooral uit het verdwijnen van de magistrale versnelling waarmee ze veel tegenstrevers op de slotmeters van de 100 en 200 meter voorbijliep. Die passeerbeweging oogde zo moeiteloos dat ze aangeboren leek.

Dafne Schippers en haar coach Rana Reider kijken naar de training van andere atleten op het trainingscomplex van Papendal. Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

Die versnelling is ook dit seizoen zoek. In Londen, tijdens haar laatste race voor de EK, blokkeerde Schippers haast nadat ze op de 200 meter aan een inhaalactie begon. Ze eindigde als zevende, haar slechtste klassering ooit in de Diamond League, achter twee belangrijke concurrenten bij de EK: de Britse Dina Asher-Smith, de snelste vrouw van 2018 op de 100 en 200 meter, en de Nederlandse Jamile Samuel, de 26-jarige pupil die zich dit seizoen onder coach Bennema sterk heeft verbeterd. 

Het wegvallen van de ‘turbo’ baart niet alleen Schippers en Reider zorgen. Ook andere coaches en atleten vragen zich af wat er loos is. De beschuldigende vinger wijst dan vaak naar de voormalige universiteitscoach uit Florida, die er nooit een geheim van maakt dat hij dicteert wat er op de trainingsbaan gebeurt. Als het mis gaat, accepteert hij de consequenties. ‘Ik ben dan de persoon die Dafne heeft geruïneerd. Ik ben de schuldige.’ 

Krachthonk 

 Over het vakmanschap van Reider bestaat weinig twijfel: vooral zijn Amerikaanse atleten hebben prijzen gewonnen op WK’s en Olympische Spelen. Maar hij heeft onder trainers de reputatie dat hij zijn atleten veel arbeid laat verrichten, een erfenis uit Amerika. Vanwege het prestatiegerichte universitaire sportsysteem verzetten op jonge leeftijd meer werk dan Europeanen. 

De Vlaamse coach Wim Vandeven, die voormalig zevenkamper Tia Hellebaut tien jaar geleden als hoogspringster aan olympisch goud hielp, heeft Reider aan het werk gezien op buitenlandse trainingskampen. De nadruk op krachttraining viel hem op. Hij vermoedt dat de verhouding tussen kracht en souplesse zoek is geraakt bij Schippers. ‘Kracht is een belangrijke factor van 60 tot 100 meter, maar je moet het koppelen aan souplesse. Dafne was altijd al vrij gespierd. Als je dat overdrijft kan het contraproductief zijn.’ 

Vandeven denkt dat Schippers anders reageert op gewichtsoefeningen dan de zwarte Amerikanen met wie Reider succesvol is geweest: ‘Het effect is niet hetzelfde als bij de doorsnee blanke atleet. Ze behouden hun souplesse gemakkelijker.’ 

Bondscoach Rana Reider (48) is met Dafne Schippers op zoek naar topvorm. Dinsdag loopt ze op de EK atletiek de 100 meter. Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

De groep van Reider, die sinds 2014 in Nederland werkt, wisselt steeds van samenstelling. Churandy Martina (nu bij Bart Bennema) en andere Nederlanders maakten er voor korte of langere tijd deel van uit. Zijn aanpak slaat niet bij iedereen aan. 

 De Oostenrijkse hordenloopster Beate Schrott, olympisch finalist in 2012, had hoge verwachtingen van hun samenwerking toen ze zich vier jaar geleden op Papendal vestigde. Het werd een bittere teleurstelling. Telefonisch vertelt ze dat ze 5 à 6 kilo aankwam, haar snelheid verloor en een slaapstoornis ontwikkelde. ‘Ik geloof dat ik overtraind was. Er was geen goede balans tussen training en herstel.’ 

Schrott weet dat Reiders werkwijze goed kan uitpakken: haar vriend Christian Taylor is onder hem tweemaal olympisch kampioen geworden. Ze denkt dat de Amerikaanse aanpak niet geschikt is voor veel Europeanen. ‘Wat Dafne nu doormaakt, doet me denken aan wat ik heb doorstaan. Het eerste jaar werd ik iets langzamer, het tweede jaar nog slechter. Mijn centrale zenuwstelsel was van slag. Mijn advies aan Dafne is: verander iets. Je kan geen andere resultaten verwachten als je hetzelfde blijft doen.’ 

Tijden van Schippers 2014-2018

2014
100 meter: 11,03
200 meter: 22,03

2015
100 meter: 10,81
200 meter: 21,63

2016
100 meter: 10,83
200 meter: 21,86

2017
100 meter: 10,95
200 meter: 22,05

2018
100 meter: 11,01
200 meter: 22,34

Overtraind 

Op Papendal reageert Reider met onderkoelde humor op de kritiek van de ‘toetsenbordstrijders’ die geen idee hebben wat hij tijdens zijn lange werkdagen bedenkt voor zijn atleten. Hij wijst naar de vederlichte Chinese sprintster Wei, die dit jaar 10,99 liep. ‘Vier keer per week krachttraining’, zegt hij. Dan wijst hij naar de Britse Anyika Anuora, een 400-meterloopster met de bouw van een bodybuilder. ‘Een keer per week krachttraining.’

Al zijn atleten hebben eigen programma’s, zegt Reider, toegesneden op hun unieke lichaam. Elke atleet reageert anders, elk lichaam heeft andere prikkels nodig. Het kost tijd om te ontdekken wat werkt. Risico’s nemen hoort bij het streven naar een hogere snelheid. 

 Met de kennis van nu denkt Reider dat hij Schippers vorig jaar te zwaar heeft belast. ‘Ik kan wel zeggen dat ik haar op sommige gebieden een beetje heb overtraind’, zegt hij zonder details prijs te geven. Het fanatieke karakter van Schippers werkte dat wellicht in de hand. Bennema remde haar af, Reider liet haar begaan. ‘Ik ben soms mentaal sterker dan fysiek’, meent ze. ‘Ik kan doorbeuken, doorbeuken, doorbeuken. Ik moet beter leren aanvoelen dat ik extreem moe ben, een betere balans vinden.’ 

Reider heeft het programma van Schippers dit jaar aangepast. ‘Qua volume doet ze veel minder dan de rest van mijn atleten. Krachttraining? Twee keer per week. Het is mijn taak om haar zo slank en sterk als mogelijk te krijgen. Toch weet ik niet of ze ooit weer zo licht zal zijn als in 2015. Leeftijd verandert alles, de hormoonhuishouding verandert als het lichaam ouder wordt. Ik heb ook een atleet die steeds lichter wordt. We weten niet waarom. Ze eet nu meer dan vroeger.’ 

‘Ik ben soms mentaal sterker dan fysiek’, weet Schippers. ‘Ik kan doorbeuken, doorbeuken, doorbeuken.’

Krachtsverschil

 Reider wordt op Papendal bijgestaan door de biomechanicus Paul Brice. De Brit filmt de flitsende starts van Schippers vandaag met een kleine camera, meer uit gewoonte dan uit noodzaak. Hij beschikt over veel betere apparatuur. Het laserpistool van Laveg kan de ontwikkeling van Schippers' snelheid tot in honderdsten van seconden registreren. Het datasysteem Optojump meet de duur van haar afzet, de tijd die ze boven de grond zweeft, de lengte van haar passen en de pasfrequentie. 

Atletiekfederatie IAAF verricht ook metingen. Vorige week verscheen een biomechanisch onderzoek naar alle disciplines tijdens de WK van 2017: ook Schippers’ prestaties op de 100 en 200 zijn van kritisch commentaar voorzien. De cijfers geven in detail weer wat met het blote oog te zien was: Schippers wist haar snelheid minder goed vast te houden dan twee jaar eerder, toen ze bij de WK in Beijing haar snelste tijden liep. 

Volgens de studie kampt Schippers met een ‘uitgesproken onevenwichtigheid met een inefficiënte zwaai van het linkerbeen’ als ze met haar rechtervoet afzet. Haar linkervoet raakt de grond korter dan haar rechtervoet: 0,092 seconde om 0,104 seconde. Bij de meeste atleten is dat verschil kleiner. Dat verschil vertaalt zich ook in zweeftijd. Na een afzet met haar rechtervoet blijft ze langer in de lucht dan na de afzet met links (0,132 om 0,108). Bij geen van haar tegenstanders was het verschil tussen beide benen zo groot. 

‘Ik kan wel zeggen dat ik haar op sommige gebieden een beetje heb overtraind’, zegt coach Rana Reider.

Volgens Reider en Brice bevatten de IAAF-bevindingen geen aanwijzingen die de mindere prestaties van dit jaar kan verklaren. Het krachtsverschil tussen het linker- en rechterbeen van Schippers is al jaren bekend. Als zevenkamper zette ze jarenlang met haar rechterbeen af bij het hoog- en verspringen. Ook kampte ze met knieproblemen. 

Reider: ‘In testen uit 2014 bleek dat er tussen links en rechts een verschil van 17 procent zat. Dat is te veel. Het is veel minder geworden. Als het rond de 3 procent zit, is het geen probleem. Iedereen beweegt anders. Het gaat erom dat je de juiste balans voor de atleet in kwestie vindt.’ En die inefficiënte achterzwaai met het linkerbeen waarvan de IAAF rept? Brice: ‘Wat een been in de lucht doet is onbelangrijk. Het gaat om het contact met de grond. Daar maak je snelheid.’ 

Extra rust 

Ondanks de geavanceerde apparatuur en gedetailleerde kennis van de coach en de biomechanicus is het gissen naar Schippers’ mogelijkheden bij de EK. De 26-jarige titelverdediger hoopt dat de ‘puzzel’ in Berlijn opeens in elkaar valt, net als vorig jaar in Londen. Ze heeft al vaak bewezen dat ze op toernooien tot bijzondere prestaties in staat is. ‘Ik zie eigenlijk geen structurele fouten in de training. Ik ben ook niet bang dat ik mijn versnelling kwijt ben. Het moet er alleen nog uitkomen.’ 

De afgelopen weken heeft Schippers meer rust gekregen van Reider, ook al druist dat in tegen haar instinct. ‘Kneiterhard’ trainen gaat haar gemakkelijk af. Snelheid opwekken door uit te rusten voelt minder logisch. ‘Je wilt beter worden. Je denkt: ik moet trainen, want de wereldtop doet dat ook. Misschien is less more. Naar die balans zijn we heel erg aan het zoeken.’ 

Ook vandaag houdt Reider de training kort. Het blijft bij wat rekoefeningen, enkele ontspannen acceleraties om de spieren op te warmen, driemaal 20 meter voluit sprinten en ter afsluiting wat felle sprongen op een trap met tien hoge treden. Na een uurtje zit het erop. ‘En ik ben die gast die haar te veel laat doen?’, vraagt Reider met gespeelde verbazing.

Even later verlaat Schippers de baan op haar scooter, de gespierde armen en benen ontbloot, de blonde paardenstaart zorgeloos wuivend in de wind. Onmiskenbaar een snelle vrouw. Maar hoe snel?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.