De soldaten van Oranje zijn adjudant geworden

De twee voornaamste adviseurs van Frank Rijkaard tijdens Euro 2000 zijn twee legendarische afgevaardigden van de Hollandse School, Johan Neeskens en Ruud Krol....

door Paul Onkenhout

ONVERMIJDELIJK komt het gesprek op die waardeloze zomerdag in 1974, de dag dat Nederland in München verloor van West-Duitsland en enkele generaties voor de rest van hun leven gewond raakten - niet zwaar, maar toch.

Ruud Krol: 'In het buitenland, overal, spreken de mensen me altijd aan over 1974. Over de finale in 1978 begint bijna nooit iemand een gesprek. Ze willen altijd alles over 1974 weten. Ze begrijpen nog steeds niet dat het beste elftal van het toernooi er toen niet in slaagde de finale te winnen.

'We kwamen met 2-1 achter, beukten in de tweede helft 45 minuten op hun doel maar kregen 'm er niet meer in. Daar kom ik nooit meer vanaf. Het doet nog steeds pijn. Iedere keer als ik er aan word herinnerd, doet het pijn. Dat is niet prettig.'

Johan Neeskens: 'De finale van 1974 zit nog steeds in ons hoofd.'

De twee voormalige soldaten die indertijd in West-Duitsland dienden onder generaal Rinus Michels zijn momenteel adjudant van Frank Rijkaard. Ruud Krol (51) en Johan Neeskens (48) verbinden het Nederlands elftal met het verleden.

In de jaren zeventig speelden zij samen bij Ajax, in het succesvolste Nederlandse clubelftal uit de geschiedenis. Ze werden als onverschrokken voetballers legendarisch in dienst van Oranje en verdwenen in de jaren negentig van het toneel.

Neeskens werkte in Zwitserland, bij clubs zonder aanzien, Krol week uit naar Egypte. Ze waren trainer geworden, maar zonder overtuiging, zo leek het, totdat ze zich aansloten bij het Nederlands elftal. Neeskens werd in 1996 door de toenmalige bondscoach Hiddink aan de staf toegevoegd. Krol sloot zich vorige maand op verzoek van Rijkaard bij de nationale ploeg aan.

Neeskens: 'Het is geweldig dat we samen aan dit karwei kunnen werken. Ook bij Ajax was hij al een van mijn maatjes. Dit is heerlijk.'

Krol: 'Op de avond van de erewedstrijd van Johan Cruijff, veertien maanden geleden, vroegen Frank en Nees of ik er wat voor voelde om erbij te komen. Dat zou ik leuk vinden, zei ik, maar we krijgen dan wel te maken met de regeltjes in Nederland. De trainersvakbond zal er problemen mee hebben. Dus moest ik aan de cursus beginnen.

'En toen kwam ook Celtic er nog eens tussendoor met een aanbieding. Dat ging niet door. Toen ben ik met Arie van Eijden en Henk van de Wetering van de KNVB om de tafel gaan zitten. Ik moest lessen inhalen en zo. Ze hebben een mooi programmaatje voor me gemaakt.

'De uitslag zou op 29 mei bekend worden gemaakt. Maar Frank wilde me er vanaf het begin van de voorbereiding bij hebben. Toen is er wat meer snelheid gemaakt.'

Neeskens: 'Ik wilde na het WK in 1998 graag bij het Nederlands elftal blijven werken. Maar ik wilde eerst weten wie de nieuwe eerste man zou worden. Het werd Rijkaard. Hij wilde het risico wel nemen. Ik bleef, ook vanwege hem.

'Na het WK vroeg de KNVB eerst aan mij of ik er iets voor voelde Hiddink op te volgen. Ik heb daar goed over nagedacht. En vervolgens nee gezegd.

'Ik heb het programma van het Nederlands elftal bekeken, met al die vriendschappelijke wedstrijden. Nederlandse voetballers zijn ongeschikt voor vriendschappelijke wedstrijden. Het zou héél moeilijk zijn geworden voor de nieuwe bondscoach. Zo wilde ik niet beginnen. Ik zou zijn afgeslacht.'

Krol: 'In 1986 ben ik gestopt als voetballer. Ik kon het reizen niet neer opbrengen. Ik speelde bij Cannes dat graag wilde promoveren naar de Franse eerste divisie. Maar het was geen kapitaalkrachtige club.

'Er werd bijvoorbeeld beknibbeld op reiskosten. Soms moesten we met bussen acht uur heen en acht uur terug als we een wedstrijd speelden. Dan kwamen we 's ochtends om zes, zeven uur terug en moesten we meteen weer trainen. Dat stond me tegen.

'Daarna heb ik een tijd rust genomen, een jaartje of drie. Ik heb wel steeds wedstrijden bekeken en bezocht. Toen ik bij Cannes speelde heb ik van Dick Advocaat eens wat cursusboeken en trainersboeken gekregen. Advocaat was toen al coach bij de KNVB. Heel goed Ruud, zei hij, kijk ze maar eens rustig in.

'In 1988 werd ik plotseling gebeld door een oud-speler van Volendam, een Portugees. Of ik niet in Portugal aan de slag wilde. Ach, Portugal, ik sprak geen Portugees, beetje moeilijk allemaal. Maar het begon te kriebelen. Hee, dacht ik.'

Neeskens: 'Ik ben nu vier jaar bezig met deze ploeg. Het is mooi geweest. Nu wil ik iets voor mezelf. Daarom word ik trainer van NEC.'

Krol: 'Ik ben een avonturier. Ik vind het prachtig om te vertrekken en niet te weten wat me te wachten staat. Maar wel naar een land waar te leven is. Ik moet me op mijn gemak voelen. Dat is al snel het geval.

'Het kost me weinig moeite me in te leven in andere culturen. Ik probeer niet de Nederlandse cultuur te vertalen naar andere culturen. Zo werkt het niet, dan blijf je altijd een buitenstaander. Ik verdiep me in een andere cultuur en probeer, zoals in Egypte, een bepaalde professionele houding te introduceren, wat betreft de organisatie en zo.'

Neeskens: 'Natuurlijk staat NEC lager in aanzien dan het Nederlands elftal. Maar alle clubs staan lager in aanzien dan het Nederlands elftal, ook Ajax of Vitesse. En is NEC minderwaardig? Ik vind van niet. Grote trainers zijn ook laag begonnen, zoals Louis van Gaal bij AZ.

'NEC is een hele mooie stap. Ik begin liever op dat niveau. Ik heb heel veel geleerd, ook bij de jeugdploeg van de KNVB. Het is prettig dat ik nu bij een club kan beginnen. Ik ben hartstikke gemotiveerd.'

Krol: 'Ik heb mijn huis in Nederland twintig jaar lang verhuurd. Eind augustus, begin september keer ik er terug omdat ik de cursus coach betaald voetbal ga volgen. Dat heb ik in mijn hoofd gezet en dat ga ik dan ook doen, samen met oud-voetballers als Mario Been, Erwin Koeman en Edward Sturing.

'Tijdens de stage heb ik dit jaar Ajax opnieuw leren kennen. Ajax is de top van de top. Voor de volgende stage is het beter om eens bij een andere club te gaan kijken. Ik moet ook inzicht krijgen in het functioneren van andere clubs.

'Toen ik terugkwam bij Ajax was ik teleurgesteld over de sfeer in de club. De jeugd en zo, de organisatie, het klopte niet. Ik ben vervreemd geraakt van mijn eigen club. Mijn intuïtie zei me onmiddellijk dat er een hoop dingen niet klopten. Bij Ajax is veel veranderd en niet alles ten goede.

'Dat is ook de reden dat ik niet bij Jan Wouters stage wilde lopen. Jan zat bij Ajax in een moeilijke periode. Ik wilde geen olie op het vuur gooien. Toen ben ik rustig bij Bruins Slot gaan zitten, bij het tweede elftal.

'En volgend jaar, ach, als het avontuur lonkt ben ik weer weg. Ik heb nog een paar landjes waar ik nog wel eens naar toe zou willen. En dat kan ook: ik heb de afgelopen twintig jaar enorm veel mensen leren kennen.'

Neeskens: 'Als ik video's van vroeger bekijk zit ik nog steeds te genieten, iedere keer weer. Maar ik praat liever over het heden. Daar moeten we mee verder. De uitdaging ligt nooit in het verleden.'

Krol: 'Het was een andere tijd. Geen leukere tijd of minder leuke tijd, maar een andere tijd. Het voetbal is groter geworden. Meer wedstrijden, meer sponsors, meer geld, meer pers, meer snelheid, meer van alles.'

Neeskens: 'Vergelijken is oude koeien uit de sloot halen. Het is te lang geleden.'

Krol: 'Wij hadden in 1974 een hardere, agressievere ploeg dan deze. Ga maar na: Van Hanegem, Nees, Suurbier, Rijsbergen en ik. Wij waren de bikkeltjes als het er op aankwam.'

Neeskens: 'Ruudje, Rijsbergen, Suurbier, Van Hanegem, ik, we konden voetballen én uitdelen. Het is niet altijd nodig. Maar als je niet kunt domineren, moet je vechten. Dan moet je de duels winnen.'

Krol: 'Agressie kun je niet aanleren. Dat heb je. Of niet. Davids heeft het van nature, daar hoef je echt niet met hem over te praten. Natuurlijk wijzen we spelers er op dat ze agressief moeten spelen, fel op de bal. Maar de een pikt het beter op dan de ander.'

Neeskens: 'We doen er alles aan om ze beleving bij te brengen. Niet alleen techniek is bepalend. Als je wedstrijden niet naar je hand kunt zetten, zal je andere middelen moeten gebruiken. Dat gebeurde niet. Dat vonden wij en dat vonden zij ook. De spelers hadden het zelf ook in de gaten hoor.

'Ik doe tijdens trainingen niet mee met partijen om het goede voorbeeld te geven. Ik zou de vader kunnen zijn van deze spelers. Dus ik weet dat ik zo goed mogelijk mijn best moet doen. Anders word ik links en rechts voorbij gelopen. Daar heb ik geen zin zin.

'Dus kleun ik er in en leg ik zo nu en dan een speler neer. Dat hoort er ook bij. Dat gebeurt ook in de wedstrijd. Ze kunnen me niet zomaar voorbij lopen.

'Als voetballer gaf ik altijd honderd procent. Dat werd op prijs gesteld. De supporters wisten dat ik ze nooit in de steek zou laten. Ik was geen spectaculaire speler die het van technische hoogstandjes moest hebben. Ik sprak om een andere reden tot de verbeelding.

'Ook met die kwaliteiten kun je ver komen. Het is geweldig dat voor mij nog steeds alle deuren open gaan in Barcelona.'

Krol: 'Toen ik stopte met voetballen, wilde Napoli dat ik terug kwam als hoofd jeugdopleidingen. Nee, zei ik, dat doe ik niet. Mijn kop was daarvoor nog niet schoon genoeg.'

Neeskens: 'Ik heb bij Barcelona een fantastische tijd gehad. Het zal altijd een van mijn favoriete clubs blijven. Toen ik in Zwitserland bij de amateurs werkte, zijn we er met z'n allen vaak geweest. En de laatste twee jaar natuurlijk weer, om de Nederlandse spelers te bekijken.

'Ik praat niet met de spelers over Barcelona, nee. Dat vind ik niet prettig. Ik hoor het ze al zeggen: daar komt hij weer aan met z'n verhalen over vroeger. Ze hebben er geen zin in. En ik ook niet. Het doet niet meer terzake.

'Wij waren de pioniers in Barcelona. Twee Nederlanders, Cruijff en ik, een Peruaan, Sotil, en een Nederlandse trainer, Michels. Wij waren óók De Hollanders, net zoals de jongens nu. Als buitenlander werd ook van ons verwacht dat we beter waren dan de Spanjaarden. Ook in Catalonië lopen vier miljoen coaches rond. Ik was redelijk populair, ja.'

Krol: 'Napoli is een fantastische club. Schitterend. Geweldig publiek ook. Mooier dan daar heb ik het niet meegemaakt. De ambiance is zo warm, echt zuid-Italië.

'In het begin stond ik er natuurlijk heel raar tegenaan te kijken. Ik was dat niet gewend. In Amsterdam kon je rustig over straat lopen, later in Vancouver ook. En toen zat ik plotseling in Napels. Als ik in een restaurant zat te praten, begon iedereen mee te lullen. Dat moest je accepteren. Ze zijn zo trots op hun Napels en hun voetbal.'

Neeskens: 'Ik ben in Barcelona altijd gastvrij ontvangen. Ik hoefde maar te bellen en er werden dingen geregeld. Ik heb nooit met wrok omgekeken. Daar was geen enkele aanleiding voor.

'In 1978 moest ik weg bij Barcelona. Neeskens si, Nuñez no, scandeerden de mensen. Pas 22 jaar later vertrok de voorzitter. Ach, spelers komen en gaan, presidenten komen en gaan en trainers komen en gaan.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden