Column Peter Winnen

De puzzel van Tom Dumoulin in de Giro

Peter Winnen

Welk getal zou Tom Dumoulin hebben gezien, toen hij vanochtend op zijn digitale weegschaal stond? 70, 69? Naar eigen zeggen ligt zijn ideale gewicht om te excelleren in een grote ronde ergens tussen die twee getallen in. De eerste paar maanden van het seizoen woog hij 71 kilo. Dat was oké, voor het voorjaar tenminste.

Zaterdag begint de Giro met een kort, maar pittig tijdritje in Bologna. Dat wil Tom graag winnen. En dan meteen het roze aantrekken. Het laatste stuk naar de basiliek van San Luca heeft stijgingspercentages tot 16 procent, dus is het wel handig als het streefgewicht er reeds is.

En dan? Het zou ook heel handig zijn die trui meteen de dag erop te slijten aan een van de mindere goden. Hoe eerder het gewicht van de koers van de schouders, des te beter. Sparen van de ploeg en jezelf, tot het er werkelijk om gaat, is strategisch gewenst.

Maar heel groot is de kans dat Primoz Roglic het eerste roze gaat dragen. Hoe die jongen huishield vorige week in de Ronde van Romandië. Zondag raasde hij als een perpetuum mobile over het parcours van de afsluitende tijdrit in Genève. Maar zelfs voor een perpetuum mobile is het zaak die trui zo snel mogelijk in te leveren.

Simon Yates bleek in Parijs-Nice ineens een tijdritspecialist, dus ook hij is kanshebber voor de eerste trui. Yates leerde tijdens de vorige Giro de pijnlijke les dat zelfs voor de sterkste man van de koers een te vroeg veroverd roze truitje het gewicht van een harnas kan krijgen. Als hij wint in Bologna geldt voor hem net zo goed de vraag: hoe kom ik zo voordelig mogelijk van die leiderstrui af.

Het laatste roze, daar gaat hem om. Wie zich niet meer druk hoeft te maken over het eerste noch het laatste roze is Egan Bernal. Een lullig trainingsongevalletje leverde hem een gebroken sleutelbeen op. Die zien we in de Tour wel terug.

Tom Dumoulin vergelijkt het winnen van een grote ronde met het oplossen van ‘een grote puzzel waar heel veel bij komt kijken’. Ik vind het een mooie vergelijking. En ik heb stellig de indruk dat hoe wetenschappelijker de sport bedreven wordt, des te gecompliceerder die puzzel wordt. ‘Voeding, voorbereiding, training, rusten, weet ik veel wat nog meer’, zo somt Tom op. Eigenlijk staat zaterdag een heel team met ondersteunende specialisten aan de start van de Giro.

Iedere topwielrenner heeft een heel team specialisten achter zich. Je zou kunnen zeggen dat al die teams een wetenschappelijke Giro betwisten. Hoe goed ze zijn weten ze over dik drie weken als de benen gesproken hebben, en alle puzzels zijn opgelost − of niet. Onderweg raakt makkelijk een stukje kwijt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.