De omgekeerde weg van een handbaltalent

Het woord grillig past het best op de carrière van handbalster Wendy Smits. Ze keerde de Duitse Bundesliga de terug toe en speelt nu voor koploper Dalfsen....

KWINTSHEUL Sinds Wendy Smits bij Dalfsen speelt is ze weer een blije, levenslustige handbalster. Ze is nog niet op haar best, maar ze voelt zich thuis bij de club, koestert de ambiance en wentelt zich in gezelligheid. Het is net alsof ze is opgenomen in een grote familie.

Hoe anders was dat in Duitsland, waar ze als fullprof uitkwam in een der sterkste clubcompetities ter wereld. Sportief gezien een hoogtepunt, maar de keerzijde was een eenzaam bestaan dat uitmondde in een sociaal isolement en een vlucht terug naar Nederland.

Smits naar Dalfsen, de handbalwereld keek er vreemd van op. Vanuit de Bundesliga naar de nummer vijf van de eredivisie, het was een opmerkelijke stap. Niet voor Smits, ze had besloten hoe dan ook Duitsland de rug toe te keren en naar huis te gaan. De keuze voor Dalfsen had veel te maken met trainer Richard Kuijer. Met hem had ze in haar eerste Nederlandse periode bij SEW prettig samengewerkt. Ze belde en vroeg of er een plekje vrij was.

Vijf jaar speelde ze in Duitsland, waarvan drie seizoenen bij Frisch Auf Göppingen in de Bundesliga. Een fantastische ervaring, maar de eenzaamheid brak haar op. ‘Je bent alleen en je moet het allemaal zelf uitzoeken. Mijn hoogtepunten van de dag waren de trainingen. Een paar keer ben ik van club veranderd, dan laat je bij je oude vereniging je vrienden achter. Daar heb ik het ook moeilijk mee gehad. Als je niet lekker in je vel zit en je je familie en thuis mist, dan leiden je prestaties er onder. Dan moet je een keuze maken. Dat heb ik gedaan.’

Nu heeft Smits, bijna 27, afgestudeerd voedingsadviseur, naast handbal een baan bij een uitgeverij. Dat vergt een geestelijke en lichamelijke omschakeling. ‘Ineens komt er een hoop op je af. In plaats van twee keer per dag, train ik nu drie keer per week. Daarom moet ik heel anders met mijn lichaam omgaan. Het zal nog wel even duren om mijn weg te vinden.’

In haar veranderde kijk op het handballeven deert het haar niet dat het niveau in de eredivisie beduidend lager is dan wat ze in Duitsland gewend was. ‘In Nederland zijn er hooguit vier of vijf goeie ploegen. Het is allesbehalve spannend om tegen de overige teams te spelen.’

‘In de Bundesliga kan de onderste club van de bovenste winnen. Elke wedstrijd opnieuw moet je er met je hoofd bij zijn en alles geven, anders red je het niet. Hier kun je steekjes laten vallen. Als je slecht speelt tegen de onderste win je toch wel. Dat is het verschil.’

Zaterdagavond in de Van der Voorthal in Kwintsheul is Dalfsen met 34-31 te sterk voor Quintus. De ploeg maakt veel technische fouten en het baltempo ligt te laag in de omschakeling van verdediging naar aanval. Smits kan als opbouwer ditmaal geen stempel op de wedstrijd drukken, ook al begint iedere aanval bij haar.

Ze strooit met passes, soms geniaal, een andere keer minder doordacht. Ze scoort zeven keer, maar is desondanks niet tevreden. ‘Ik ben slechts bij vlagen belangrijk geweest voor het team. Het kan tien keer beter.’

Het verrast haar niet dat Dalfsen na dertien ontmoetingen koploper is in de eredivisie. ‘Er zit veel potentieel in de ploeg. Het zijn jonge, gedreven meiden met talent. Er kan nog veel meer uit worden gehaald. We moeten vooral brutaler zijn en meer overtuigd van onszelf. Maar met deze mix van aanleg en ervaring kun je een eind komen.’

Logisch dat trainer en coach Kuijer verguld is met de komst van Smits. ‘Daar hebben we geluk mee gehad. Met haar moeten we een extra stap naar boven kunnen maken. Bij de eerste vijf eindigen was ons uitgangspunt.’

‘Nu zij er bij is gekomen, vind ik dat onze doelstelling een plaats bij de eerste vier moet zijn. Wendy heeft de ervaring om de ploeg bij de hand te nemen als het nodig is. En als het nodig is gooit ze de bal er zelf ook nog eens in.’

De grote kracht van dit team is collectiviteit, vindt Kuijer. ‘Het is een echte vriendinnengroep. Niemand heeft vedetteneigingen.’ Dat past ook niet bij de aard van de Sallandse dorpsclub. Tijdens thuiswedstrijden in sporthal De Trefkoele mag de ploeg steeds rekenen op een grote schare supporters.

‘Hoe beter het gaat, hoe gekker ze worden’ zegt Kuijer. ‘Al zouden we verliezen met 15 doelpunten verschil, als we er maar voor hebben geknokt, komen ze allemaal naar de kantine en dan is het: halleluja, jammer, de volgende keer beter.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.