De nieuwe inwoner van spitsenland

Nederland is een spitsenland. De bondscoach was een spits. Zijn adviseur Cruijff was een spits...

Aan aanvalsleiders geen gebrek. Kluivert, de topschutter aller tijden in Oranje, tracht de scherven van zijn loopbaan op te rapen in Eindhoven.

Makaay is afgeschreven door Van Basten, hoewel hij glorieert bij Bayern München.

Kuijt, voor wie Liverpool vijftien miljoen euro uittrok, is meestal rechts- of linksbuiten in het Nederlands elftal.

Van Nistelrooij heeft het vertrouwen dat hij een tijdje kreeg in Oranje, niet voldoende waargemaakt en is (voorlopig) afgeserveerd.

Het fenomeen in de dop, Huntelaar, heeft zich gemeld aan het firmament. Vandaag is Luxemburg de ideale tegenstander om de lijn door te trekken die hij met twee treffers inzette bij zijn debuut in het oefenduel met Ierland. Een nieuwe loopbaan is begonnen. Niemand weet waar die eindigt: bij de 40 interlandtreffers van Kluivert, bij de 28 van Van Nistelrooij, de 24 van Van Basten zelf?

Zo snel kan het gaan. Zo vergankelijk is roem, vanuit Van Nistelrooij bezien. Drie maanden nadat hij niet meemocht naar het WK, belandde Huntelaar op de eerste plaats in de toptien van spitsenland Nederland.

Zeg je dat tegen hem, dan glimlacht hij fijntjes, zoals hij glimlachte toen het volkslied weerklonk voor zijn debuut in Dublin.

De Achterhoeker bezit de fijne mengelmoes van ideale eigenschappen voor een spits: links- en rechtsbenig, goede kopper, gezegend met het instinct voor de juiste positie. Maar vooral: hij scoort altijd, sinds hij de stap terugdeed van PSV en De Graafschap naar AGOVV, om telkens twee of drie passen vooruit te zetten.

Als critici iets hebben aan te merken, over zijn wat snelheid bijvoorbeeld, is Huntelaar al bezig zich te verbeteren. Dan huurt hij de snelste van allemaal in, Troy Douglas, om explosiever te worden.

Huntelaar is plattelander, wars van kapsones, niet onder de indruk van materiële zaken, sociaal. Hij had geen idolen vroeger, toen hij bij Hummelo & Keppel voetbalde en eeuwig te vinden was op het veldje aan de J.D. Pennekampweg. Omdat zijn broer Van Basten wilde zijn op straat, was hij gewoon Gullit. Klaar.

Terwijl Kuijt onlangs vertelde dat Van Nistelrooij nog steeds een idool van hem is, zegt Huntelaar: ‘Als je zelf aan het begin van je carrière staat, kijk je tegen jongens op. Dat verdwijnt als je je sterk begint te ontwikkelen, op je veertiende of zo. Vanaf dat moment waardeerde ik voetballers zoals Bergkamp. Die was briljant.’

Natuurlijk is Huntelaar niet alleen nuchter. Doodnerveus was hij afgelopen week toen hij, gestoken in kostuum, de prijs in ontvangst nam als grootste talent van Nederland. Traplopen in een volle zaal met duizenden ogen die op hem zijn gericht, leek hem moeilijker dan scoren in een vol stadion.

Scoren vergeleek hij onlangs met fietsen. Dat verleer je niet. ‘Ik bedoelde aan te geven dat, als je iets goed kunt, dat voor jezelf normaler is dan voor anderen.’

Zijn debuut in Oranje, met vader, moeder en twee broers op de tribune, was fantastisch. ‘Voor het duel lag ik op bed en was ik de wedstrijd al een beetje aan het spelen. Voor andere wedstrijden lig ik meestal lekker te slapen. Ik voelde dat het anders was, maar ik stapte niet met knikkende knieën het veld op.’

Na de interland bleef hij drie duels van Ajax droog staan. ‘Als je alles analyseert, komt een beeld naar voren.’ Een schuiver voorlangs tegen RKC. Een kopballetje op de lat tegen Kopenhagen. Een penalty gemist tegen NAC. ‘Ik heb niet eens zoveel kansen gekregen. Achteraf dacht ik, na misschien zes open kansen van ons tegen Kopenhagen: als ík in die positie was gekomen*’

Hij won het jeugd-EK toen hij niet meemocht naar het WK. Eén doelpunt maakten de drie spitsen van Oranje in Duitsland gezamenlijk, in vier duels. Wat hij vond van de uitschakeling tegen Portugal? ‘Klote, net als iedereen. Er had meer ingezeten.’

Maar de vraag of het anders was gelopen als hij mee was geweest, is onzinnig. ‘Als bestaat niet.’

Huntelaar wil zijn energie positief aanwenden en kijkt liever naar zaken waarop hij invloed heeft. Toen vrijwel niemand in hem een aanstaand fenomeen zag, volhardde hij. ‘Soms heb je een trainer die het niet in je ziet zitten.’ Dan kun je in zijn ogen maar het beste zo snel mogelijk weg zijn.

‘Ik heb het gevoel dat we het hebben weggegeven’, zegt hij over de uitschakeling tegen Kopenhagen, in de voorronde van de Champions League. Dat is een ander geluid dan andere Ajacieden lieten horen: de scheidsrechter was schuldig, de zwabberbal, het stroeve veld, de behoudzuchtige tegenstander.

Zo gaat dat ook met Oranje: ‘Je moet gewoon voetballen en laten zien wat je kunt. Dan word je uitgekozen.’ Moet hij een mening hebben over de absentie van Van Nistelrooij en zo ja, waarom zou hij die verkondigen? De bondscoach is er om te selecteren, hij om te voetballen.

Waar is trouwens het shirt van zijn debuut in Oranje? ‘In dat soort dingen ben ik vrij laks. Ik heb heel wat shirts die ik wil inlijsten, maar dat gebeurt waarschijnlijk pas na het voetbal. Ik ben trots en blij, maar ik ben meer met andere dingen bezig dan met het kopen van een lijst voor een shirt.’

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden