De nieuwe Epkes en Yuri's zijn alleskunners

De opvolgers van Epke Zonderland en Yuri van Gelder zijn geen specialisten aan rek of ringen. Het zijn de alleskunners van de turnsport. Ze beheersen ring, rek, vloer, sprong, voltige en brug. Ze zijn in gedachten vaak bij de Zomerspelen van Tokio, in 2020, maar eerst wacht in april de EK turnen. Michel Bletterman blonk zondag in Tilburg uit bij de kwalificaties voor dat toernooi.

Michel Bletterman. Beeld Marcel van den Bergh

Michel Bletterman (25), Topsport Noord Heerenveen, coach Daniël Knibbeler

Hij was de enige turner in Nederland die in augustus vorig jaar ongezouten zijn mening gaf over Yuri van Gelder, de ringenspecialist die van de Zomerspelen werd weggestuurd. Michel Bletterman zei tegen RTL Nieuws. 'Er zijn regels waar je je aan moet houden, doe dat gewoon. Het zijn verdomme de Olympische Spelen.'

De jonge Fries speelde drie maanden eerder een belangrijke rol in de kwalificatiewedstrijd voor Rio. Maar hij mocht niet mee naar de Spelen, omdat het vijfkoppige team een 'medaillekans' moest hebben. Daarom was ringenspecialist Van Gelder afgevaardigd. Meerkampspecialist Bletterman zou geen individuele finale hebben gehaald, maar de olympische ervaring leek hem het einde.

Zondag won de pupil van Daniël Knibbeler een kwalificatiewedstrijd in Tilburg. Het was een zege zonder veel betekenis, maar Bletterman wilde zich laten zien. Onlangs, bij de presentatie van de plannen van de turnbond werd hij in het tweede team voor Tokio geplaatst. Het eerste team bestond uit: Deurloo, Schmidt, Rijken en Verhofstad.

Een misverstand, zegt Bletterman nu. Hij was niet aanwezig bij de eerste test, voor de indeling. Net terug van vakantie. Energie aan het verzamelen voor de komende vier turnjaren. 'Mijn doel is de Olympische Spelen. Die van 2020. Tokio. Met goud op brug.'

Hij zegt het zonder blikken of blozen. Bletterman is een ogenschijnlijk lange turner, maar dat heeft meer met zijn slanke postuur te maken. Zijn stijl oogt elegant. Hij wil op sprong een tweeënhalve salto maken. 'En in de ringen wil ik sterker worden.' Het zijn de twee onderdelen die verbetering nodig hebben om als allrounder de Spelen van Tokio te kunnen halen.

Bart Deurloo, 26, O&O Zwijndrecht, coach Jeroen Jacobs

Bart Deurloo kon zondag zijn wedstrijd in Tilburg niet beëindigen. Bij het zesde toestel viel hij bij het inturnen lelijk van de rekstok. De rug verkrampte totaal, waarna hij de vlag streek voor wat zijn sterkste toestel is.

Een week eerder was hij, bij de gerenommeerde wereldbeker in Stuttgart, nog de beste van het hele veld geweest. Goud op rekstok, het is het beste gevoel dat een Nederlandse turner in de traditie van Epke Zonderland kan hebben.

Deurloo haalde de voorbije zomer in Rio de olympische meerkampfinale. Hij werd vijftiende in een finale met 24 deelnemers. Hij was de eerste Nederlander in de geschiedenis die in die bijzondere eindstrijd terecht kwam. Zijn verrichting ging verloren in al het gekrakeel rond Yuri van Gelder. Deurloo moest zich de tong afbijten om geen kritiek te spuien op het gedrag van zijn omstreden teamgenoot.

Bart Deurloo Beeld Marcel van den Bergh

Als hij het lichaam heel houdt, is Deurloo de aanvoerder van het Nederlandse kwartet dat de Spelen van Tokio dient te halen. Hij turnt op hoog niveau op zes toestellen. Dat vraagt ongekend veel fysieke kracht en concentratie. Een rondgang in de volledige meerkamp kost rond de tweeënhalf uur. Teleurstellingen moeten snel verwerkt worden. Deurloo kan het.

Hij is geen juryfavoriet. Hij was een van de eerste turners die tatoeages toonde. Het leek afdoende voor telkens een aftrek in de waardering van zijn prachtige opvoeringen. Op rekstok heeft Deurloo een repertoire dat in de buurt komt van het menu van collega Epke Zonderland. De mondiale jury's wilden er tot voor kort niet echt aan. Sinds de wereldbeker in Stuttgart lijkt een kentering in de maak. In Nederland is iedereen al lang overtuigd van de grote kwaliteit van de gymnast van O&O: oefening en ontspanning.

Bram Verhofstad (22), Flik-Flak Den Bosch, coach Marcel Kleuskens

Toen Bram Verhofstad 18 jaar was, vroeg hij aan Roel Bron van de turnbond of die contact voor hem wilde leggen met de Japanse turnbond. Hij, het jonge talent uit Venray, wilde zien hoe Japanse turners toch zo goed kwamen. Het kijkje in de keuken ging hem helpen, zo was de overtuiging van de ambitieuze Limburger.

Zo toog hij in 2013 naar Tokio, dat in dat jaar werd verkozen tot de olympische gaststad van 2020. Kohei Uchimura, de meervoudig wereldkampioen en olympisch kampioen, zag hij van dichtbij. Kenzo Shirai miste hij. Die was nog te jong. Van hem is Verhofstad echt een fan.

Shirai is de turner die in 2013, bij de WK in Antwerpen, de viervoudige schroef deed in zijn salto. Dat was nooit eerder gedaan. Verhofstad deed hem zondagmiddag in Tilburg na, maar hij werd niet geteld. Hij draaide onvoldoende door aan het einde.

Bram Verhofstad Beeld Marcel van den Bergh

Verhofstad past bij de tolbeweging een trucje toe. Hij schroeft heel snel en heeft daardoor kans rechtuit te landen. Als de voeten niet de juiste lijn hebben, wordt de laatste schroef niet geteld. Het is de borst tegen de kin, de armen na de afzet zo strak mogelijk tegen het lichaam, om de snelle draaien om de as te kunnen maken.

De pupil van de nieuwe Bossche coach Marcel Kleuskens beheerst de vloer als zijn beste toestel. Hij heeft nog een andere specialiteit: de rekstok. Zondag toonde hij de twee vluchtelementen, de Cassina en de Kovacs, aan de stok. Daarna raakte hij uit zijn ritme en moest hij tweemaal opnieuw beginnen.

De vluchten boven de stok zijn afgekeken van Epke Zonderland, de Nederlander die in 2012 olympisch goud won aan het hoge rek en daarmee vele jonge landgenoten heeft geïnspireerd.

Casimir Schmidt, 21, SV Pax Haarlemmermeer, trainer Jos van Klink

Niemand heeft zo veel tatoeages op zijn lijf als Casimir Schmidt. Voor de wedstrijd pelt hij zijn shirt naar beneden en showt hij bij het inturnen zijn blote vel, vol tekeningen in inkt die voor hele verhalen staan.

Schmidt heeft de mislukking van Rio achter zich gelaten. Hij dacht vaste keuze te zijn, omdat hij met Bart Deurloo elk jaar in elk toernooi de man van zes geturnde toestellen was. Ze zouden niet zonder hem kunnen. Op een kwade zondag in juli 2016 kreeg Schmidt te horen dat hij bij de keuze van de ploeg voor Rio buiten de boot was gevallen. Hij was ontroostbaar.

Casimir Schmidt. Beeld Marcel van den Bergh

De bond koos voor de even jonge doch minder ervaren Frank Rijken, omdat die op het eerste toestel, de rekstok, Nederland een soort van superstart zou kunnen geven. Het was geen sterk verhaal, Schmidt had er een sterk verweer tegen willen geven, maar de boosheid week uit zijn lichaam en geest. 'Ik zal niet de eerste en ook niet de laatste zijn die de Olympische Spelen mist', verklaarde hij.

De Europees juniorenkampioen van 2012 kreeg later betere uitleg, van bondscoach Bram van Bokhoven, maar diens explicatie wilde Schmidt voor zichzelf houden. Hij weet dat er nog altijd een vuurtje in de wereld van het turnen smeult, met de rel van de weggestuurde Yuri van Gelder en het passeren van een vaste kracht als Casimir Schmidt als hout dat vlam kan vatten.

Schmidt concentreert zich op nieuwe zaken, om de teleurstelling van Rio te verwerken. Coach Van Klink laat hem op vloer een drieënhalve salto doen plus een dubbele salto dubbele schroef. Maar de verrassing moet de komende jaren komen van de rekstok. De vluchtelementen worden erin gebeiteld. Bij de WK van 2018 moet dat programma olympisch waardig zijn.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden