ANALYSE

De magere jaren houden maar aan bij Feyenoord

Dick Advocaat en Steven Berghuis voor de verlenging van het bekerduel tegen Fortuna. Feyenoord won pas in de extra tijd, 2-1. Beeld ANP Sport
Dick Advocaat en Steven Berghuis voor de verlenging van het bekerduel tegen Fortuna. Feyenoord won pas in de extra tijd, 2-1.Beeld ANP Sport

Feyenoord heeft een probleem. Sportief pakt de club te weinig prijzen en financieel zijn er amper reserves. Vooral de transferinkomsten blijven achter. Het is funest voor de uitstraling van de club. Talenten kiezen eerder voor AZ dan voor Rotterdam.

Het was de voorbije week een opvallend bericht: Sam Beukema, een getalenteerde verdediger van Go Ahead, kiest voor AZ en niet voor Feyenoord.

Bij Go Ahead ruikt het in zekere zin naar Feyenoord. Deventer is een arbeidersstad, de supporters zijn fanatiek, trouw, gehecht aan traditie en nijverheid. Hoofdtrainer Kees van Wonderen en technisch manager Paul Bosvelt van Go Ahead wonnen als speler in Feyenoordtenue de Uefa Cup in een ontploffende Kuip, nog ­altijd de laatste Europese prijs voor een Nederlandse club.

Maar het is lang geleden, 2002. Sindsdien behaalde Feyenoord slechts één landstitel (2017), evenveel als AZ (2009). Steeds meer heeft AZ het etiket van overachiever gekregen, het presteert boven de macht. Waar Feyenoord de underachiever is.

Bij AZ vloog vorig jaar een deel van het dak van het stadion, met alle ­financiële consequenties van dien. Maar het is Feyenoord, de club met de veel grotere achterban, commer­ciële slagkracht en historie, dat nu de hand ophoudt.

Smeekbede

De opgebouwde reserves zijn niet toereikend om het ontbreken van ­publiek dit seizoen op te vangen. Directeur Koevermans deed een smeekbede aan fans en sponsors om hun geld voor een seizoenkaart niet terug te vragen. Dat kan de club 15 miljoen euro kosten.

Feyenoord is welbeschouwd al ­decennia een club die maar niet rijk kan worden, hooguit financieel gezond. Al jaren wordt gesproken over een topinvesteerder die de club in een klap terug moet brengen naast Ajax, voorbij PSV en ruim voorbij AZ. Als een soort financiële brug naar het nieuwe stadion dat de structurele inkomsten moet opstuwen. Maar beide kapitaalinjecties zijn hoogst onzeker.

Ondertussen is op het veld weer een neerwaartse spiraal ingezet. ­Feyenoord stevent af op de play-offs om Europees voetbal. Een gruwel voor een topclub, want het betekent lang doorvoetballen en mogelijk weer snel beginnen op een armetierig Europees niveau (tweede voorronde Conference League) met navenante financiële revenuen.

Het is bovenal dodelijk voor het imago en de aantrekkingskracht van de club, zoals blijkt uit de keuze van Beukema voor AZ. Die club strijdt om de tweede plaats en levert het ene na het andere talent af aan Oranje. De laatste vijf jaar wordt vrijwel elke ­zomer een speler verkocht voor meer dan 10 miljoen euro.

Transferinkomsten

Feyenoord slaagt daar niet in, terwijl transferinkomsten de voornaamste geldbron zijn voor de meeste Nederlandse clubs. Feyenoord werd in 2017 nog landskampioen, verkocht die zomer Terence Kongolo en Rick Karsdorp voor in totaal zo’n 30 miljoen en speelde het seizoen erop Champions League.

Dat had een vliegwiel moeten worden voor betere tijden, maar grote klappers blijven uit terwijl de transferbedragen de laatste jaren zijn verveelvoudigd. Zelfs Heerenveen doet het de laatste tien jaar beter wat betreft transferinkomsten. Terwijl het in Zuid-Holland stikt van de talentjes die dolgraag voor Feyenoord willen spelen.

De doorstroming van toptalent (De Vrij, Martins Indi, Kongolo, ­Clasie) was bij de vorige financiële crisis, rond 2010, nog de noodlijn die Feyenoord er bovenop hielp. Tegenwoordig staat de Feyenoord Academy bekend als een stroperig, ouderwets, in zichzelf gekeerd bolwerk, waar een serieuze springplank (een beloftenteam in de eerste divisie) naar het eerste ontbreekt.

Het rommelt er bovendien tussen oudere en jongere trainers. Er wordt door ouders geklaagd over gebrek aan structuur, innovatie en uitdaging voor hun kroost. Veel talenten vertrokken vroegtijdig naar Engelse of Duitse clubs. Of naar Ajax. Noa Lang en de tweeling Jurriën en Quinten Timber bijvoorbeeld. Bij Feyenoord was het ‘te makkelijk’ voor ze.

Opleiding

Hoofd jeugdopleiding Stanley Brard moest fungeren als bruggenbrouwer. Hij toonde de pers anderhalf jaar geleden trots het nieuwe trainings- en jeugdcomplex 1908. Maar zijn contract is niet verlengd. De jeugdtrainers die van Brard weg moesten (en die dat vernamen doordat Brard abusievelijk een voor de directie bedoelde mail naar een van hen stuurde) mogen blijven.

Alsnog bereikte een aantal spelers via de opleiding het eerste, omdat de talentenvijver nu eenmaal van Scheveningen tot Gorinchem reikt. Bij de jonge Geertruida, Bijlow en Malacia zit Feyenoord diep in het bloed. Maar wie kent de Feyenoord-talenten buiten Nederland? De eredivisie geldt vanwege de gebrekkige weerstand niet als graadmeter. Alleen middenvelder Kökcü is A-international, maar bij Turkije is hij vooral reserve. Ja, Steven Berghuis slaat op zijn 29ste eindelijk aan het scoren voor het ­Nederlands elftal, maar hij heeft een gelimiteerde transfersom van ver ­beneden de 10 miljoen.

Een ander internationaal podium ontbreekt, want steevast vliegt ­Feyenoord voor de winterstop uit Europa. Juist in de knock-outfase van een Europees toernooi, liefst de Champions League, schieten de marktwaarden van goed presterende spelers omhoog. Ajax kan erover meepraten.

Er zijn ook andere methoden om spelers aanlokkelijk te maken zoals het zogeheten ‘opschudden van de markt’. Het is een spel van netwerkers, zaakwaarnemers en clubdirecteuren die hun connecties gebruiken om interesse van een grote club te veinzen in een speler. Daarmee worden andere clubs wakker geschud. Feyenoord was lang niet erg bedreven in deze ‘voetballersmarketing’.

Een andere manier om veel geld te verdienen is internationale scouting. Spoor een toptalent op bij een buitenlandse club met minder financiële mogelijkheden, begeleidt hem kundig en verkoop hem voor goed geld. Feyenoord investeerde daar nooit serieus in, ook de begeleiding van buitenlandse spelers liet te wensen over.

Pas de laatste jaren gaat dat laatste beter. Er wordt veel verwacht van de toekomstige opbrengst van de Argentijnse verdediger Senesi en Colombiaanse aanvaller Sinisterra. Zij moeten meer opleveren dan de transfervrij vertrokken Peruaanse middenvelder Tapia, die door zijn prestaties in Spanje inmiddels 20 miljoen waard is.

Veel, zo niet alles bij Feyenoord komt nu aan op één man, de ervaren Frank Arnesen, sinds een jaar technisch directeur. De innemende Deen gaat volgens ingewijden volstrekt zijn eigen gang. Naast de jeugdopleiding gaat hij ook de scouting opnieuw vormgeven, met behulp van een gespecialiseerd bedrijf. Veel wordt verwacht van trainer Arne Slot en zijn assistent Marino Pusic die komend seizoen voor de A-selectie staan en bij Feyenoord veel meer gaan verdienen dan ze deden bij AZ, hun ­vorige club.

Het is voor hen te hopen dat er snel extern geld loskomt, hetzij door een investeerder, hetzij door een toptransfer van Senesi of Kökcü waarvoor momenteel de markt wordt opgeschud.

Animositeit

Ondertussen lekken verhalen uit over animositeit tussen coach Advocaat en sterspeler Berghuis, over spelers die niet akkoord gaan met een loonoffer en een directie die het er dan toch doorheen drukt. Want bij Feyenoord lekt alles uit. Het verzwakt geregeld de onderhandelingspositie en vloeit voort uit een groter probleem: Feyenoord is een intens verdeelde club.

Ondertussen gebeurt er zo weinig, zijn de mogelijkheden überhaupt zo beperkt dat Slot zelf maar in de telefoon klimt om spelers te verleiden naar Feyenoord te komen. Beukema sprak met hem, want Feyenoord is de topclub waar de Go Ahead-verdediger het meest mee heeft. Maar het verhaal van AZ sprak hem toch meer aan: de club liet coach Pascal Jansen en oud-speler Ron Vlaar hem ook nog opbellen. AZ hoestte de transfersom van minder dan een miljoen zonder dralen op.

Het bericht ‘Beukema verkiest AZ boven Feyenoord’ is geen aardschok. Het is wel een serieus teken dat de machtsverhoudingen aan het kantelen zijn.

Topverkopen zijn een zeldzaamheid bij Feyenoord

Feyenoord wist in het tijdvak 2010-2020 slechts vier transfers te realiseren van tussen de 10 en 20 miljoen euro. Net zoveel als AZ, maar dat had ook nog een uitgaande transfer van plus 20 miljoen, Vincent Janssen. In zijn totaliteit verdiende AZ bijna zestig miljoen euro meer aan transfers het voorbije decennium dan Feyenoord. PSV doet het nog veel beter qua topverkopen, om over Ajax nog maar te zwijgen.

Volgens VI weet zelfs Heerenveen meer transferinkomsten te behalen dan Feyenoord. Het weekblad becijferde dat wat betreft inkomende en uitgaande transfers Feyenoord een negatief transferresultaat boekte over de laatste tien jaar van zo’n 6,5 miljoen euro, terwijl bijvoorbeeld FC Groningen ruim 14 miljoen in de plus staat, PSV op plus 26 miljoen, Heerenveen plus 50 miljoen, AZ plus 80 miljoen en Ajax plus 180 miljoen.

Feyenoord

Verkopen meer dan 10 miljoen

4 Pellè, Clasie, Karsdorp, Kongolo

AZ

Verkopen meer dan 10 miljoen

5 Idrissi, Til, Altidore, Weghorst, Jahanbakhsh

Meer dan 20 miljoen

1 V. Janssen

PSV

Verkopen meer dan 10 miljoen

7 Dzsudzsak, Strootman, J. Bruma, D. Pröpper, Locadia, Arias, Mertens

Meer dan 20 miljoen

1 Wijndaldum

Meer dan 30 miljoen

3 Depay, Bergwijn, Lozano

Ajax

Verkopen meer dan 10 miljoen

7 Vertonghen, Eriksen, Blind, Cillessen, Bazoer, Kluivert, Wöber

Meer dan 20 miljoen

4 Suarez, Klaassen, Dolberg, Dest

Meer dan 30 miljoen

2 Milik, Van de Beek

Meer dan 40 miljoen

2 Sánchez, Ziyech

Verkopen meer dan 70 miljoen

2 De Jong, De Ligt

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden