'De huid vertelt het verhaal'

'Een ode aan het lichaam', brengt journalist en theatermaker Wilfried de Jong in het Sportpaleis, het VPRO-programma dat vrijdag aan zijn tweede seizoen begint....

HENK BLANKEN

'IK HAD Bep van Klaveren een keer in zijn blote kont op de weegschaal zien staan. Veertig of vijftig was hij al, maar hij had het lichaam van een jonge god. Later, toen hij veel ouder was, trainde hij nog elke dag op de zak. Geweldig dat iemand op die leeftijd nog bokst. Die bravoure! Dat hij Tuur nog verrot kon slaan. Kom maar op, ik pomp 'm op z'n murf.

Ex-sporters bestaan niet. Ik heb er veel op de massagetafel gehad, maar ze zijn allemaal nog manisch aan het sporten. Als ze dat niet doen, worden ze chagrijnig. Gaan ze hun vrouw slaan. Ouwe sporters hebben een goed verhaal. Hoeven niks meer. Kunnen vrijuit vertellen. En het maakt ze niks uit dat ze uit de kleren moeten. Klaas Boot, oud-turner en televisie-commentator. In de zeventig al. Een buik alsof hij een voetbal had ingeslikt. Vraagt of z'n onderbroek ook uit moet. Gaat liggen en vertelt.

Toen we een jaar geleden begonnen met Sportpaleis De Jong, waren wij er meer verlegen mee dan de sporters zelf. Vroegen we of ze zich ergens anders wilden omkleden. Dat maakt het juist ongemakkelijk. Dit is hun wereld. De achterkant van de Kuip, blauwe deur, lange gang, en die ouwe kleedkamer van Feyenoord met het bad en de douches en onze massagetafel. Dat herkennen ze. Als er iemand gewend is z'n lichaam te laten zien, en ermee te koketteren, want dat doen ze soms ook, dan een sporter wel.

Ellen van Langen kwam op slippers binnen. Toen ze de camera zag, zei ze: ojee, de onderkant van mijn voeten komt ook in beeld. Ging ze, in d'r ondergoed, haar voeten wassen bij het kraantje in de wc waar Johan Cruyff en Willem van Hanegem in de jaren zeventig stiekem hun peuk rookten.

Die sfeer is zo vertrouwd dat het makkelijk zou zijn mensen in de maling te nemen. Ze liggen bloot op tafel, onder een handdoek, en ik sta ernaast, mijn gezicht een halve meter hoger. Wie ooit in een tandartsstoel heeft gelegen, kent dat gevoel van machteloosheid. Daar moet je netjes mee omgaan.

Ik ben gewoon nieuwsgierig. Wil zo diep mogelijk in de poriën van de huid. Zou het liefst in dat lichaam wroeten. Maar ik wil niemand ontmaskeren, en sporters merken dat. Je kunt mensen heel vlezig filmen, alsof ze aan een vleeshaak in een slagerij hangen. Maar wij willen het met het licht en de camerabeweging mooi maken. Een ode aan het lichaam.

De huid vertelt het verhaal, met alle wondjes en butsen en putten en operaties waaroverheen rauw vlees is gegroeid. Wil Hartog, die motorcoureur. Rijdt met 260 over het circuit van Assen. Die laat zijn laarzen zien. Helemaal afgesleten. Kous ook afgesleten. Stukje teen ook afgesleten. De vellen hangen erbij. Tijdens een race was hij 's gestopt omdat zijn schouder niet helemaal lekker zat. Staken de pennen van een gerepareerde sleutelbeenbreuk door zijn pak heen. Dat zegt iets over hoe weinig pijn die mensen voelen. Of hoe weinig ze zich ervan aantrekken.

Dat ongeremd fysieke heb ik in het theater met Waardenberg en De Jong ook. Het moet vol overgave. Ik ben wel eens van vijf meter hoog uit een decorstuk gelazerd. Heup gebroken, pols verbrijzeld. Dan krijg ik iets van een topsporter. Als de arts zegt dat ik negen maanden nodig heb om weer in het theater te staan, doe ik er zes maanden over. Een soort gekte.

De gedrevenheid bij sporters interesseert me meer dan uitslagenlijsten. Ik val op details. Die wil ik afkluiven tot op het bot. Met de massagetafel heb je een lichaam bij de hand en dan vraag je erover door tot het duizelt. Sporters moeten wel mee kunnen gaan in zo'n gedachtegang. Kunnen wegdromen. Soms uiten ze zich zo matig, dat het niet lekker klinkt. Maar dat iedereen een verhaal heeft, is onweerlegbaar.

Als ze mij sportjournalist noemen, schrik ik. Wat ik nu doe, deed ik tien jaar geleden bij Het Vrije Volk ook met kunstenaars. Of in Ophef en Vertier, dat ik ook bijna twee jaar heb gedaan. Ik wilde van Archie Shepp weten hoe hij de kleppen van zijn saxofoon indrukt, waar zo'n riet naar smaakt. Aan Karel Appel vroeg ik hoe je een doek te lijf gaat. Dat lichamelijke, dat dierlijke, is misschien wel waarnaar ik streef.

De massagetafel is geen interview, maar een gesprek. Na drie minuten vergeten ze dat ze in een handdoekje liggen en dat er camera's omheen staan. Wie binnen vijf minuten weer buiten wil staan, hoeft ook niet te komen. Dan maar geen Schenk of Beckenbauer. Of Anton Geesink. Die wilde wel, maar niet bloot. Dat kon niet vanuit zijn functie. Stel je eens voor dat Samaranch hem zou zien. Terwijl het mij leuk leek bobo Geesink van zijn pak en zijn IOC-speldje te ontdoen en te ondervragen over waar het nou om draait in de sport.

Waarom anderen het wel doen? Begrijp ik ook niet. Zeker niet als je ook nog eens aan ze zit. Ik heb aan de hamstring van Ellen van Langen gezeten. Zij begon over die hamstring. Niemand vraagt dan wat dat nou precies is. Vroeger had je spierpijn, nu heb je iets aan je hamstring. Ik wilde dat zien en voelen. Waar zit een hamstring? Is het een draadje, een pees, is het wit of lichtbruin, kun je het masseren of wegwrijven of inspuiten?

Van Langen is Mevrouw Blessure. Ik wilde iets anders. Zij begon over ijdelheid. Dat ze haar benen mooi vindt. Sta je daar te kijken naar de blonde haartjes op de dijbeenspier van een Olympisch kampioene. En vertelt ze dat ze, bij de prijsuitreiking in Barcelona, de lippenstift leende van de Russin die tweede was geworden.

Over schoonheid ging het. Vrouwenlichamen. Ik wilde weten hoe dat nou zat met borsten, waarom je in topsport nooit een vrouw met cup D ziet. Rare vraag natuurlijk. Maar Van Langen begon zelf over theezakjes te vertellen, geen gêne of niks. Dat het vetweefsel is dat je er helemaal aftraint en dat je dan geen borsten overhoudt.

We zijn begonnen met ex-sporters, maar nemen nu ook jongeren. Peter van Vossen. Bart Veldkamp. Niet omdat de VPRO dat wil. Ik ben volledig vrij. En het is toch ook vreselijk om met grote namen te moeten slingeren om meer mensen te laten kijken. We zitten gemiddeld op 170 tot 250duizend. Dat is toch mooi?

De sportverhalen kruipen in de theatershows. Ik heb met mijn kop een minuut in een aquarium gelegen, als een soort uithoudingsact. Heb met Martin van Waardenberg in de ringen gehangen. Net als bij het Sportpaleis gaat het om details. Zoals schaatsers met hun hak een putje in het ijs maken. De afsprong die bijna mooier is dan die ringen zelf. Hoe hard je ook neerkomt: rug recht, kop omhoog, en dan die bijna Hitleriaanse groet naar de jury.

Mart is ook een sportfanaat. Houdt van de uitdaging. Als je strammer wordt, we zijn allebei veertig, is dat bij topsport nadelig, maar bij theater, drama, humor, wordt het mooier en leuker. Nadat ik Bep van Klaveren had gezien, hebben we een boksact gemaakt. Mart speelde een bokser die het al lang niet meer kan, maar zichzelf overschreeuwt. Waar zit je dan, neger, ik sla je de pleuris. Dan werd-ie door mij helemaal in elkaar gehengst met skippyballen. Zielige humor is de leukste. In het theater is een bokser met een hersenbeschadiging verreweg de leukste bokser.'

Henk Blanken

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden