RECONSTRUCTIE

De hel van Martien Vreijsen

Ooit speelde hij in Oranje en bij Feyenoord. Nu is Martien Vreijsen getuige tegen Kris J., die hem zou hebben geterroriseerd.

April 1980: Vreijsen (rechts) scoort voor NAC tegen Feyenoord, zijn oude club.Beeld Jacques Klok / ANP

Oud-profvoetballer Martien Vreijsen zat in een wegrestaurant in Noordeloos tegenover Young Boys-voorman Kris J., en nog voordat hij een slok van zijn koffie kon nemen, plofte er dreigend een envelop op tafel. Er stond 52.000 euro op zijn 'kop', en in de brief kon hij dat teruglezen. J. had de vordering overgenomen van een firma, en kwam het bij hem 'halen'.

Binnen een paar dagen moest Vreijsen, de man die in 1980 zijn enige wedstrijd voor het Nederlands Elftal speelde op het EK, over de brug komen.

Hulp zoeken was nutteloos, werd de Brabander gezegd, het was ondenkbaar dat hij hier onderuit zou komen. 'Je kan mijn naam en telefoonnummer doorgeven aan de politie', zo werd Vreijsen verteld. 'Je kan onderduiken in Barbados of zo, dat maakt niet uit. Ik heb overal vrienden.' Achter J. zat 'een klerenkast' in een Young Boys-trainingspak aan tafel: de materiaalman dan wel de voorzitter van de Haarlemse voetbalclub, met 'handen als kolenschoppen'.

In het strafdossier van de zaak Courage, waarin de afpersing van Vreijsen prominent voorkomt en uiteen wordt gezet, spat de angst die deze ontmoeting in 6 juli 2011 inluidde, van het papier. Met bevende handen opende Vreijsen de envelop, nadat J. met aanhang was verdwenen. Hij las dat het sportkledingbedrijf ERMA die 52.000 euro van hem eiste. De directeur van het bedrijf, Erwin S, had Kris J. uitgekozen als incassobureau, als '24-uurs geldservice'. Het bedrag stond uit vanwege Vreijsens betrokkenheid bij het failliete bedrijf IFSP, waarvan hij nog voor 9 procent aandeelhouder was maar wel zijn handen vanaf had getrokken.

Hij was flink van slag, zou hij een paar maanden later vertellen aan twee brigadiers van de Regiopolitie Kennemerland. Vreijsen had op dat moment rood omrande ogen, zagen de functionarissen, en hij bleek bij een psycholoog te lopen vanwege suïcidale neigingen. De recherche had de afpersing overigens in real time kunnen volgen, middels taps en surveillance. Juist in die periode liep het grootschalige onderzoek naar de Haarlemse amateurclub Young Boys en J. en zijn handlangers.

Vreijsen zou het later nog vaak denken: hoe was hij in hemelsnaam in deze hel verzeild geraakt? Hij, de frêle rechtsbuiten van Feyenoord en NAC, die vervolgens algemeen directeur was geweest van de Bredase club en van Go Ahead Eagles. In die functie als voetbalbestuurder was hij ook niet gespaard gebleven: de harde kern van NAC had hem herhaaldelijk bedreigd en Feyenoord-supporters waren ooit zelfs zijn huis binnengedrongen.

Hij was wel wat gewend, wilde hij maar zeggen. Maar dit was een andere categorie, ontdekte zijn zoon na een zoektocht via internet in de krantenarchieven. Deze Kris - voluit Krishnapersad - J. was niet zomaar een afgezant van een overambitieuze amateurvoetbalclub uit de regio. Hij zou in het drugscircuit figureren, in de illegale voetbaltoto zitten, en zelfs een cruciale rol hebben gespeeld in de IRT-affaire.

Doodsbang zag Nikolaas Martinus Hubertus Johannes Vreijsen na de ontmoeting in Noordeloos dreigementen binnenstromen, telefonisch of via sms, en telkens van andere telefoons. In het strafdossier staan talloze sms-jes opgesomd: 'Zal ik nu iemand sturen', 'Je hoeft niet te vluchten.' En: 'We maken je niet dood maar komen achter je aan. Het is dat ik je ken. Je krijgt uitstel tot maandag.'

Inderdaad, ze hadden elkaar eerder ontmoet: samen met zijn zoon was hij weleens gaan kijken bij Young Boys, nadat hij een partij sportkleding daar had afgeleverd. De rekening was nooit betaald.

Met zijn voormalige compagnons ging hij de dagen erna aan tafel zitten, terwijl de dreigementen aan zijn gezin doorliepen. Hij was een knokker, verklaarde hij later bij de politie, en zeker niet iemand die zich zo snel gewonnen gaf. Maar tegen zoveel aankondigingen van geweld tegen zijn gezin kon hij echt geen weerstand bieden.

Foto uit 2011. Het voetbalcomplex van Lost Boys in Haarlem.Beeld anp

Hamers achter voordeur

Hij zag voortdurend een onbekende zwarte auto door de straat rijden, en in de expliciete bedreigingen werd er verwezen naar zijn vrouw en kinderen. Wat kon hij doen? Drie hamers lagen achter de voordeur, en hij controleerde keer op keer alle sloten. Zijn dementerende moeder, die bij hem in huis woonde, was voor de zekerheid elders ondergebracht.

Alle betaalrekeningen werden tegen het licht gehouden, zakelijk en privé. Zijn schoonmoeder kon geld bijpassen, en deels ook oude zakenpartners. Vreijsens zoon verzamelde alles, en zei tegen een bankmedewerkster dat zijn vader en hij niet anders konden dan nu al dat geld van de rekening halen omdat ze werden 'afgeperst'.

Met 49.000 euro op zak reed hij op 11 juli samen met zijn zoon van Breda naar Haarlem. Zijn zoon had nog eens drieduizend euro in zijn sokken verstopt, mocht Kris geen genoegen nemen met minder dan 52.000 euro. Buiten de voetbalkantine zit J. met zes mannen op hem te wachten.

In de bestuurskamer overhandigde Vreijsen hem het geld, waarna hij het in een kast gooide. En die zevenhonderd euro dan van die sportkleding?, sputterde hij nog na. Stoïcijns pakte Kris een stapeltje geld uit zijn zak en pulkte er een briefje van 500 uit, en een biljet van 200 euro.

Opgelucht reed hij terug naar huis, al betwijfelde hij of dit het einde was van de ellende. Wie kon hem verzekeren dat hij voor eens en voor altijd van Kris J. af zou zijn?

Bij de politie durfde hij aanvankelijk geen aangifte te doen. Vreijsen had wel gebeld naar het korps in Breda maar daar krijg hij te horen dat de politie 'nooit zulke mensen op zal pakken' als hij niet meewerkte aan het onderzoek. Betaal maar, en duik onder, kreeg hij te horen.

Dat de Haarlemse recherche op dat moment precies wist hoe het zat, had de Brabantse collega's nooit bereikt - zo begreep hij later.

Pas toen zijn vrouw zich ermee ging bemoeien kwam er in het najaar van 2011 alsnog een verklaring van de oud-voetballer, en werd hij een belangrijke getuige in de strafzaak. Het geld hadden ze afgeschreven, meende hij, maar het recht moest zegevieren. Anders zouden criminelen overal maar mee weg komen. Het moest een keer stoppen.

Inmiddels is Erwin S. van sportkledingbedrijf ERMA al voor de Haarlemse rechtbank verschenen. Hij heeft verklaard dat hij Kris J. dan wel had ingeschakeld maar dat hij geen weet had van de incassomethodes van de beruchte Haarlemmer. Het Openbaar Ministerie eist elf maanden cel tegen de zakenman, en hij moet de grofweg 50.000 euro terugbetalen aan de oud-voetballer.

Nu, ruim drie jaar later na de ontmoeting in Noordeloos, heerst er nog steeds permanente angst in het gezin van Vreijsen. Zelfs het uitlaten van de drie Frans buldogs is elke dag een opgave. Het idee dat Kris J. in afwachting van de rechtzaak vrij rondloopt, bezorgt Martien en zijn vrouw nog steeds slapeloze nachten.

Laatst liep hij J. toevallig tegen het lijf in een wegrestaurant, overigens niet in Noordeloos. Daar werd hij naar eigen zeggen wederom geïntimideerd. Vreijsen hoopt met alles dat hij heeft dat hij op een dag van deze hel wordt verlost.

Beeld thinkstock
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden