De grote Ireen Wüst blijkt op alle fronten minder dan Jorien Ter Mors

Wat betekent dit voor het olympisch seizoen?

Bij de eerste serieuze test van het seizoen blijkt Jorien ter Mors de grote Ireen Wüst overal de baas. Wat betekent dit voor het olympisch seizoen?

Ireen Wüst en Jorien Ter Mors na de 1000 meter op het KPN NK Afstanden Foto anp

Ireen Wüst, een vaste winnaar in het Nederlandse schaatsen, werd in één NK-weekeinde links en rechts voorbijgereden door concurrenten in vorm. Jorien ter Mors, traditioneel rivaal op de kortere afstanden, veroverde drie nationale titels, op de 500, 1.000 en 1.500 meter. Teamgenoot Antoinette de Jong, Friezin met een frisse kijk op de zaak, greep twee kampioenschappen op de langste afstanden, de 3 en de 5 kilometer.

Wüst, 31 inmiddels en naar eigen zeggen 'een ouwe bok', hield zich bij de nederlagen vast aan het vroege stadium van het olympische seizoen. 'Ik hoef pas in februari goed te zijn.' Ze had, met tweemaal zilver en eenmaal brons, drie tickets voor de komende wereldbekerwedstrijden veroverd. 'Ik wilde drie uit drie halen. En dat is gelukt.'

Er was een excuus, eentje uit de oude doos die Wüst bij voorkeur niet opendoet. Toppers hebben het niet graag over lichamelijk malheur, over blessures. Wüst vertelde van een blessure die ze vorig seizoen bij de WK allround in Hamar had opgelopen. Een zenuw was beklemd geraakt in de buikstreek. Ze kreeg een spuit en de hele zomer voelde ze er niets meer van.

Maar in de aanloop van de NK afstanden, de eerste grote graadmeter voor de olympische winter, kwam de pijn in de buikstreek terug. Vorige week maandag, bekende de schaatser, had ze nog getwijfeld of ze wel zou kunnen deelnemen. Ze kreeg last van het linkerbeen dat 'vol liep'. 'Topsport is leven op de rand', sprak zij over het besluit toch mee te doen aan de eerste wapenschouw.

Recordkampioen Wüst, goed voor zestien nationale afstandstitels, was, zo kon vervolgens uit andere verklaringen worden opgemaakt, een week niet echt te harden. Antoinette de Jong, ploeggenote die vrijdag Wüst haar titel op de 3 kilometer afpakte, vertelde van de dagen dat in hun team niet met elkaar gesproken werd. 'Wij praten niet zo veel met elkaar. We hebben niet echt contact', aldus De Jong, die een mentale barrière slechtte door de eerste twee Nederlandse titels uit haar loopbaan te veroveren.

Maatje

Ireen Wüst gaf toe weinig met haar jonge teamgenoten, Melissa Wijfje en Antoinette de Jong, te hebben gesproken. 'Ik was deze week meer met mezelf bezig. Ging ook steeds later het ijs op.' Een betere verklaring was dat de jongeren elkaar beter verstaan en dat Wüst er als routinier een beetje buiten staat. Ze mist een maatje, zoals Paulien van Deutekom dat ooit was. Het gaat ten koste van de sfeer.

Het is de keuze van Wüst voor sterke mannen in haar ploeg. Die moeten haar zo veel beter maken dat zij, over een dikke drie maanden, haar olympische collectie van acht (4-3-1) met zeker drie plakken kan uitbreiden. Die zouden van goud moeten zijn, maar ze weet, ook na deze NK, dat uit eigen kring forse concurrentie loert.

Die wordt belichaamd door de nog jeugdige De Jong (22) die volgens eigen zeggen pas één weekend haar 'kopvrouw' voorbij is. Kortom, er valt nog zoveel meer te doen om Wüst echt af te lossen als de vrouw om wie het schaatsen in Nederland draait.

Ireen Wüst passeert Jorien ter Mors, die haar schaatsen losmaakt na haar winnende rit op de 1.500 meter Foto Klaas Jan van der Weij

De vrouw die dat zeker zou moeten kunnen, is Jorien ter Mors. Zij scoorde in Heerenveen een zeldzame hattrick. Alleen Ireen Wüst ging haar daarin voor, in 2006. Voor Ter Mors waren het nationale titels op de 500, de 1.000 en de 1.500 meter. De Twentse noemde het 'een mooi rijtje', maar ze ging zeker niet uit de bol. In het shorttrack had ze weleens vijf titels in één weekend gewonnen, bracht ze naar voren.

Op het volkslied na de 500 en de 1.000 had Ter Mors gerekend. Die moesten haar, met haar aangeboren snelheid en buitengewone bochtentechniek, sowieso toevallen. Van de 1.500 meter was ze vooraf niet zeker geweest, zo sprak ze zondag. Op die afstand vreesde ze Wüst.

Hoog niveau

Het was evenwel de schaatsmijl van Ter Mors die tot de beste prestatie van het weekeinde werd uitgeroepen. De 1.54,93 van zaterdag was van hoog niveau, een kampioenschapsrecord. Wüst zei dan ook dat ze zoiets eind oktober nog nooit had gekund. Ter Mors, olympisch kampioen op de schaatsmijl, was zelf ook verrast. Ze was op Thialf door de muur gegaan, zonder gehinderd te worden door brokstukken.

Het had haar in zekere zin verwonderd. Ter Mors is niet 100 procent fit. Twee dagen voor de WK afstanden van februari, in het olympische schaatsoord Gangneung, maakte ze in de warming-up een simpele uitvalpas. Geen grote sprong, nee gewoon een pas opzij, zo deed ze voor in de catacomben. Ze kreeg een scheut in de rechterknie. De kniepees protesteert sindsdien. 'In de race voel ik het niet', vertelde ze zondag. Het is een zeurende pijn. 'Als ik de trap op loop, voel ik hem.'

Maar medicijnen zijn niet besteed aan Ter Mors. 'Ik houd niet van pillen.' De voorgeschreven acht weken rust heeft ze genegeerd. Geen tijd voor. Ze moet door. Er wacht haar een olympische winter op een leeftijd (27) die het allerbeste moment uit een carrière kan betekenen.