De gewelddadigste beweging in de sport

Geen sportbeweging is zo'n aanslag op het lichaam als het pitchen in het honkbal. Vraag het Rob Cordemans. Hij speelde dit jaar amper. Over banden, pezen en de Tommy John-operatie.

Zelfs tandenpoetsen deed pijn bij werper Rob Cordemans.Beeld epa

Bij alles wat Rob Cordemans deed, was er die zeurende steek in zijn rechterelleboog. Zelfs het poetsen van zijn tanden deed pijn. Een pijnlijke arm hoort bij het leven van een honkbalwerper, maar dan wel tot op zekere hoogte. Voor het eerst in zijn loopbaan miste de 41-jarige Cordemans bijna een volledig seizoen door een blessure.

Een maand geleden stond hij voor het eerst weer op de heuvel. Zaterdag was Cordemans de startende werper van Amsterdam Pirates in het eerste duel van de Holland Series tegen Neptunus, de seizoensfinale van de Nederlandse honkbalcompetitie.

Na iets meer dan drie innings was het alweer gedaan. Hij kreeg de ene na de andere honkslag om zijn oren. Na de wedstrijd draaide hij er niet omheen: 'Het ging voor geen meter.' De arm haperde. 'Ik ben nog lang niet in vorm, volgens mij zat ik op iets van zeventig pitches. Dat is het meeste wat ik dit jaar heb gegooid en dan ben ik ook op.'

Vandaag gaat de kampioensstrijd in Amsterdam verder met een stand van 1-1 in de best-of-seven-serie. In een normaal seizoen zou Cordemans weer kunnen gooien. Nu niet. Langzaam rekt hij zijn limiet op. Een werper moet zijn arm behandelen als Chinees porselein: voorzichtig en alleen gebruiken als het echt nodig is.

De werpbeweging in honkbal is volgens de Amerikaanse bewegingswetenschapper Glenn Fleisig 'de gewelddadigste beweging in de sportwereld'. Een bal met ruim 140 kilometer per uur naar de slagman gooien vraagt het uiterste van het menselijk lichaam. Bij elke gooi vraagt de werper het uiterste van de pezen, banden en spieren in zijn elleboog en schouder. Tijdens het draaimoment trekt er omgerekend een gemiddeld kracht van 60 kilo aan de arm. En dat honderd keer per wedstrijd. Hoe harder of vaker een werper een bal gooit, hoe zwaarder de belasting.

Charles Urbanus, de coach van Amsterdam Pirates, waakt bij zijn werpers daarom voortdurend voor overbelasting: 'Als mijn startende werpers een aantal weken achter elkaar tachtig pitches halen, ga je niet opeens dik over de honderd. Rob is nu bezig met zijn revalidatie. We bouwen het voorzichtig op. Het slechtste is te lang niets doen en dan te hard willen gooien.'

Bij Neptunus stond die andere veteraan uit het Nederlandse honkbal zaterdag op de heuvel, de 36-jarige Diegomar Markwell. De Curaçaoënaar kende wel een blessurevrij seizoen, maar dat betekent niet dat hij een seizoen lang pijnvrij speelde. Na een zwaar duel - startende werpers staan gemiddeld zes innings op het veld en gooien per inning zo'n vijftien ballen - wordt hij geregeld wakker met een zeurende linkerschouder of -elleboog.

Hoe houdt hij zijn arm operationeel? 'Als je ouder wordt, moet je harder werken. Vaker naar de sportschool. Iedere dag gooien in plaats van soms een dag niet. Gewoon, in shape blijven', zegt Markwell. Samen met Cordemans is hij al meer dan een decennium niet weg te denken bij het Nederlands team. Anderhalve week geleden werden ze samen Europees kampioen.

Beiden zijn nooit geopereerd aan hun werparm. Dat is bijzonder in een werploopbaan. In de VS bezwijkt de laatste jaren de ene na de andere arm. Het is steeds lastiger een topwerper te vinden zonder een halve maan aan de binnenkant van zijn elleboog; het teken van de Tommy John-operatie, vernoemd naar de werper van Los Angeles Dodgers uit de jaren zeventig die als eerste honkballer de operatie onderging.

Bij de ingreep worden de door tienduizenden worpen beschadigde banden in de elleboog vervangen door pezen uit bijvoorbeeld de voorarm, hamstring of knie. Alleen al vorig jaar ondergingen twintig honkballers in de VS de operatie. Ruim een kwart van de pitchers op het topniveau Major League heeft de operatie ondergaan.

De Tommy John-epidemie valt samen met het accent op snelheid in de VS. Scouts kijken bij werpers tegenwoordig eerst naar de snelheidsmeter. Het maakt werpen nog zwaarder dan het al is, zeker als het lichaam daar niet klaar voor is, zei bewegingswetenschapper Glenn Fleisig begin deze maand in The New York Times.

Diegomar Markwell.Beeld anp

'Als je een jeugdwerper 160 kilometer per uur wil laten gooien, zijn z'n spieren getraind om dat te doen, kunnen zijn botten en hersenen het aan, maar zijn banden en pezen niet', aldus Fleisig. Vroeg of laat knapt er iets in de arm. Major Leagueclubs houden hun sterwerpers uit angst voor blessures steeds minder innings op de heuvel.

Rob Cordemans kwam in de VS tot het college-niveau. Diegomar Markwell speelde zeven seizoenen in de minor leagues. Hun snelste ballen tikten net niet de 145 kilometer per uur aan, een snelheid die in de Major League als ondergrens wordt beschouwd. Achteraf is die relatieve traagheid misschien de verklaring voor hun werpleven zonder operaties, denken ze.

Markwell gebruikt zijn snelheid alleen als het echt nodig is. Liever verslaat hij een slagman met zijn techniek en variatie. Dat geldt ook voor Cordemans. Wat ze ook helpt, is dat het seizoen in Nederland minder wedstrijden telt. Een startend werper in de Major League krijgt vier dagen rust. In Nederland is dat vaak een week.

Het maakt wedstrijden niet minder intens. Voor werpers bestaat er niet zoiets als halve kracht. Dan dreigen homeruns. Markwell: 'Je hebt als pitcher geen kans om te kloten'.

Tijdens het eerste Holland Series-duel gooide hij zes goede innings. Met een stand van 5-2 voor Neptunus werd hij van de heuvel gehaald. Toen het in de negende inning 5-5 werd, vloekte hij het hardst van alle Neptunus-spelers. 'Eigenlijk wil je doorgaan, maar je weet: je hebt rust nodig en die andere jongens zijn fris. Dan zie je iemand zo'n makkelijke bal krijgen en baal je wel.'

Vandaag staat hij weer op de heuvel, op zoek naar eerherstel. Cordemans mag zaterdag weer aan de bak. Aan stoppen moeten ze allebei nog niet denken. Nu telt de Nederlandse titel, vervolgens gaat het vizier op de World Baseball Classic van volgend jaar; het officiële WK en enige toernooi waaraan alle profspelers uit de VS mogen meedoen. Daarna zien ze wel. Als de arm nog wil, willen zij ook wel.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden