De Friese connectie

In eigen land voelt Shani Davis zich onheus bejegend. In Friesland wordt de Amerikaanse schaatser op handen gedragen. Wietze Jongsma en John Postma hebben zich met veel liefde over ‘het zwarte paard’ ontfermd....

Door John Volkers

Het zwarte paard? John Postma: ‘Als Shani Davis hier in de praktijk komt, dan noemt hij zichzelf het zwarte paard, The Black Horse. Want ik masseer naast mensen ook paarden.’

Wietze Jongsma: ‘Ik heb een vermaarde paardenfokker uit Friesland nog gevraagd of hij Shani niet kon sponsoren. Shani kwam zelf met die merknaam aanzetten: The Black Horse.’

Vrijdagochtend vroeg stapten John Postma (Oosterwolde) en Wietze Jongsma (Gorredijk) in Friesland in de auto, om vrijdagmiddag in Berlijn, op de eerste dag van de wereldbeker, hun Amerikaanse held te kunnen steunen. Ze zijn geen doorsnee supporters. Zij zijn manager en masseur, de Friese connectie van schaatsgrootheid Shani Davis.

‘Wietze beschouw ik als een vriend, een gepassioneerde fan van het schaatsen. En hij is de man die mij de handen van John Postma heeft bezorgd. De beste handen in de wereld als je het mij vraagt. Ik was maandag nog bij hem in Friesland. John kan lichaam en geest voorbereiden. Vooral de geest. Ik ben zo blij dat ik deze man heb gevonden.’

Deze betuiging van diepe aanhankelijkheid hoort bij Davis, een warm mens die in de Amerikaanse schaatswereld voornamelijk wordt tegengewerkt. Hij is in de Verenigde Staten weinig bekend als de olympisch kampioen op de 1000 meter, maar eerder omstreden als de zwarte schaatser die zijn achtervolgingsteam – en zijn land – in de steek liet in Turijn, bij de Winterspelen van 2006.

De manier waarop dat is uitgelegd, ‘daar ben ik nog altijd bitter om’. ‘Wat een van de gelukkigste momenten uit mijn leven had moeten zijn, werd dat niet omdat ik en mijn moeder voortdurend werden aangevallen. Hoe durven ze?’

Gelukkig was daar altijd de steun uit schaatsland Nederland. Eerst van de inmiddels failliete sponsor DSB Bank (tot de zomer van 2008), daarna van Actemium, een industrieel technologiebedrijf uit Weert, en van het UWV Werkbedrijf. Dat laatste leverde een tot in de Tweede Kamer bediscussieerd contract op.

De man die de laatste twee overeenkomsten regelde, was een amateur, in de goede zin van het woord. Schaatsliefhebber Wietze Jongsma (49), in het dagelijks leven een bemiddelaar voor ‘engineering solutions’, kwam in maart 2008 in contact met de familie Davis. ‘Ik was naar Thialf. Shani was daar aan het trainen. Ik kijk graag naar schaatsers. Er zat een vrouw op de tribune. Dat was Cherie, Shani’s moeder. Ik ben dan zo’n kerel, daar stap ik op af. Ik bood haar een kopje koffie aan. Van het een kwam het ander.’

De vuile was van de schaatser ging een dag later al mee naar Oosterwolde. Weer later zaten moeder en zoon, ‘een Siamese tweeling’ volgens Jongsma, bij de Friese familie aan tafel. Het dorp zag ’s avonds dat die verduvelde Jongsma aan de wandel was met een donkere man, dat moest, volgens de tamtam van deze Friese schaatssamenleving, Shani Davis zijn.

In november 2008 bereikten de twee een deal. Ze hadden elkaar weer eens gesproken in Heerenveen: ‘Op de weg terug naar huis dacht ik, hier rijdt een trein voorbij. Stap ik erop? Of laat ik hem voorbij rijden?

‘Het kan toch niet waar zijn, dacht ik. Een fenomeen als Davis, de eerste zwarte schaatser die olympisch kampioen wordt, rijdt rond voor nul centen. Toen ben ik erin gestapt.’

Jongsma had contacten met Actemium. Binnen enkele dagen leidde dat tot een contract. Daarna zei Davis tegen Jongsma: ‘Jij bent mijn Nederlandse manager.’

Jongsma: ‘Hij zei ook: ik mag dan snel zijn, maar jij bent sterk. Ik voelde me vereerd. Dat motiveert. Hij schrijft ook: love you tremendously. We hebben een gelijkwaardige verhouding. Ik ben niet nederig naar Shani toe.

‘Hij is als alle topsporters, van nature aartslui, zeker als het op andere dingen dan sport aankomt. Bij hem is het extreem. Zelfs geldzaken laat hij aan een ander over. Hij wil geen afleiding.

‘Of ik nou geld heb of niet, of ik nou een sponsor vind of niet, ik schaats. Dat is wat ik het beste kan, het is mijn leven. Dat is waar ik sinds mijn zesde jaar van houd’, zegt Davis op de tribune in Berlijn, waar zijn moeder eventjes is weggelopen (‘denk erom, he is my baby’), wanneer zoonlief uitleg geeft over zijn Friese connectie.

Jongsma zit sinds de met een handdruk bezegelde overeenkomst met Amerika’s beste schaatser bijna dagelijks te ‘skypen’, met Cherie. Shani: ‘Zij doet de contacten met Wietze. Hij doet in Europa alles voor mij, beter kan niet. En hij heeft een goed contact met mijn moeder. Ze praten veel met elkaar. Ik stukken minder.’

Jongsma: ‘Shani is ook geen sms’er. Maakt niks uit. Overdag doe ik mijn eigen werk. En ’s avonds kan ik, door het tijdsverschil met Chicago, de dagelijkse zaken afhandelen voor Shani. Het was dit jaar af en toe niet gemakkelijk voor mijn gezin. Vader zat ’s avonds ook achter de computer.’

De ‘enige echte zaakwaarnemer’ van Davis moest deze zomer op sjouw voor zijn schaatser. Het contract met Actemium werd verlengd. Jongsma: ‘Die waren zo enthousiast. Shani won in februari in Heerenveen de wereldbeker 1500 meter, met 360 werknemers van Actemium op de tribune. Allemaal een Yes We Can-petje op.

‘Na afloop kwam hij op verzoek naar de kantine, met dat typische loopje van hem. Alle bussen stroomden leeg om met hem op de foto te mogen en een handtekening te krijgen. Hij is aanraakbaar en gemakkelijk. Voor iedereen.’

De fans uit Nederland zitten Davis in het hart. Toen zijn moeder in 2006 in de verdrukking kwam in Turijn, bij een stormloop door de Amerikaanse media, schermden de in oranje uitgedoste supporters haar in het ijsstadion Lingotto af. Van Cherie moesten ze afblijven. Shani: ‘Het was vreselijk. Dat hoop ik nooit meer mee te maken.’

Van de sponsors is het UWV afgehaakt. Jongsma: ‘Ik had een Shani Davis Tour klaar, door vier Nederlandse steden, gesponsord door het UWV, met clinics en speedmeets. Toen sloeg de crisis toe, 150 duizend werklozen erbij. Het UWV kwam om in het werk. Dit kunnen we niet meer doen, zeiden ze.’

De zoektocht naar opvolgers verloopt stroperig. ‘Het credo is: heel graag, maar niet nu’, vertelt Jongsma.

Tussen de bedrijven door is het zaakwaarnemerschap van Jongsma breed geworden. Hij bemoeit zich actief met het welzijn van zijn schaatser. Toen die na een valpartij in Kolomna zijn schaats brak en in februari half verrot en met een beenwond (achttien hechtingen) naar Heerenveen kwam, werd het tijd voor een extra behandeling.

Hier kwam masseur John Postma (47) om de hoek zetten. Jongsma: ‘Shani traint gigantisch hard, deze zomer harder dan ooit zelfs. Maar het niveau van zijn verzorging is daar niet mee in lijn. Hij heeft niet, zoals bij Nederlandse ploegen, drie keer per dag verzorging. Het gaat te pas en te onpas, veel te weinig in mijn ogen.’

Jongsma bracht Davis, die er na de vele jetlags ook mentaal doorheen zat, naar Postma in Gorredijk. Hij was er zelf onder behandeling en kende het verhaal van Rintje Ritsma die na een ongeval door Postma weer op de been was gebracht. Hij schaatste vervolgens de snelste 5 kilometer van zijn leven.

‘Don’t hurt, don’t hurt’, had Davis op de massagetafel geroepen. Doe het voorzichtig aan, had ook Jongsma zijn masseur aangeraden. Een dag later won de wereldkampioen sprint de 1500 meter in Heerenveen. Daarvoor was er al het bericht dat Postma’s behandeling als verbazingwekkend goed was aangemerkt.

De masseur, ook van pony’s en paarden, werd vanaf dat moment tot de begeleidingsstaf gerekend. Postma: ‘De beste van de wereld, volgens Shani. Ik had al eerder een aanbeveling van Ritsma gehad. Wat John in een uurtje met me gedaan heeft, dat kan geen mens, zei hij. Ik krijg hier mensen uit heel Europa. Ik kan mijn techniek niet uitleggen. Ik heb mijn diploma sportmassage. En daarna heb ik mijn kennis uitgebreid.

‘Ik zeg: het is een gave. Ik heb de handen, bijzondere handen volgens mensen als Rintje en Shani. Ik adverteer nooit. Ze komen van overal naar me toe. Shani was toen in februari een uitdaging. Hij kon na die valpartij niks. Hij was stijf en ziek, hij had een hele week op bed gelegen. Hij was niet goed, maar de volgende dag won hij een wereldbekerwedstrijd.’

Jongsma: ‘Shani is een bijzondere, een harde voor zichzelf. Ik zeg wel eens: zijn geheim is de weg die hij heeft afgelegd. Hij heeft voor alles drie keer zo hard moeten werken om er te komen. Als je de tien Volvo’s van TVM ziet staan en dan het huurautootje van Shani, dan ken je de verhoudingen.’

Bij wijze van nieuwe luxe is masseur Postma deze zomer vier dagen naar Salt Lake City geweest, bij het trainingskamp van Davis. ‘Ik heb niks van Salt Lake gezien. Ik ben alleen maar aan het masseren geweest. Voorlopig is het liefdewerk oud papier. Maar als er een grote sponsor komt, verandert dat wel.’

Wat hij van de spieren van Davis vindt, wil Postma niet kwijt. Ook de schaatser krijgt het niet te horen. ‘Ik probeer het steeds bij John: hoe sterk is mijn lichaam? Wat denk je ervan? Hij lacht me toe, maar hij houdt het voor zichzelf’, vertelt de Amerikaan.

Davis is na een lange zomer terug in Europa, voor drie wereldbekerwedstrijden op rij en de uitreiking van de Oscar Mathisen Trofee, zijn tweede. Hij voelt zich er meer gesteund dan in eigen land, waar de belangstelling alleen aanwakkert in het jaar dat de Olympische Winterspelen plaatshebben.

Davis: ‘Ik heb twee Olympische Spelen gedaan, die van 2002, als reserve van de shorttrackploeg, en die van 2006, als schaatser. Beide waren uitzonderlijk negatief. Ik heb beide keren iets gedaan dat niet goed was in de ogen van de toeschouwers, of de media. In 2002 was mijn kwalificatie controversieel en vier jaar later ging het over de ploegachtervolging.

‘Niemand vertelt de waarheid hierover. Ik was niet eens verkiesbaar, noch verkozen. Ik stond niet op de lijst van vijf. Tot iemand na de 5 kilometer zei: heb je het gehoord, Shani doet de achtervolging niet? Vanaf dat moment heb ik me moeten verdedigen. Eric Heiden zei dat ik geen teamspeler was. Iedereen praatte hem na.

‘Ik wilde me concentreren op mijn beste nummers: de 1000 en de 1500 meter. De bond verdedigde mij niet. Het leek bedoeld om mij te ontmoedigen. Ik lag constant onder vuur. Dat ik er nog goud en zilver heb uitgesleept, is een wonder op zich. Maar het had twee keer goud kunnen zijn, als ze me gesteund hadden.’

Davis is bang dat Vancouver 2010 in een soortgelijk pandemonium kan ontaarden. Daarom heeft hij deze herfst direct zijn steun toegezegd aan de achtervolgingsploeg. Volgt hij zijn hart of wil hij problemen vermijden? ‘Het is half half. Ik volg deels mijn hart, want ik houd van schaatsen en wil daarom deel uitmaken van de ploegachtervolging. Maar ik ben er ook door beschadigd. Ik zou er niet eens over moeten praten nu. Maar het zit in mijn hart. Ik ben zo van slag. Dit kan mogelijk weer gebeuren.

‘Ik geef het een kans. Dit is een stuk makkelijker, want nu krijg ik niemand op mijn nek die roept: Shani, waarom rijd jij de ploegachtervolging niet? We zullen zien wat de mensen ervan zeggen. Als ze mij blijven lastigvallen en belasteren, dan doe ik het niet.’

De twee Friezen knikken. Zo zit het.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden