WK wielrennen

De branie van Evenepoel of de harde kop van Van Aert; het is lastig kiezen voor de Belgen bij WK wielrennen in eigen land

Remco Evenepoel (l) en Wout van Aert tijdens de olympische wegwedstrijd in Tokio. Beeld AP
Remco Evenepoel (l) en Wout van Aert tijdens de olympische wegwedstrijd in Tokio.Beeld AP

Twee favorieten voor de titel, bij een WK in eigen land. Een mooier uitgangspunt lijkt er met Remco Evenepoel en Wout van Aert voor België niet te zijn. Of gaan de twee wielrenners elkaar juist in de weg zitten?

Het ene supporterslokaal is het andere niet. In Lille, een dorp in de Belgische Kempen, volstaat aan de buitenzijde van het parochiecentrum Sint Pieter een bord met een klinische mededeling op de pui: Supporterslokaal Wout van Aert. De letters beginnen al wat te vervagen. Binnen hangen een regenboogtrui en enkele foto’s.

Nee, dan in Schepdaal, een dorp westelijk van Brussel, in het heuvelende Pajottenland. Op de zijgevel van café In de Rustberg prijkt een muurschildering. Boven de luifel hangen foto’s. Klapstuk is een monument met een gestileerde renner, pontificaal op de parkeerplaats. Op de sokkel staat met grote letters R.EV 1703. Voluit: Remco Evenepoel. De cijfers vormen de postcode van Schepdaal. Op bordjes worden zijn zeges bijgehouden, de Palmaremco. In het café volstaan twee vitrinekasten niet om de truien te tonen, drie tricots bungelen er aan hangertjes onder.

Van Aert en Evenepoel zijn de wielrenners van wie in België grootse prestaties worden verwacht op de komende wereldkampioenschappen in eigen land. Zij moeten het gaan doen. Het begint zondag met de tijdrit van Knokke-Heist naar Brugge en eindigt een week later met de wegwedstrijd van Antwerpen naar Leuven. Tegen de klok rijden kunnen ze allebei. Op de weg is Van Aert de uitgesproken favoriet. Evenepoel heeft al toegezegd dat hij in zijn dienst zal rijden. Maar niemand is er zeker van dat het jonge talent, bijgenaamd de aerokogel, zijn eerzucht kan beteugelen.

Onderscheid

Het uiterlijk vertoon op de lokalen weerspiegelt ook het onderscheid tussen beiden. Van Aert (deze week 27 geworden, 1.87 meter lang en 78 kilo zwaar) rijdt voor het Nederlandse Jumbo-Visma en is het toonbeeld van een voorbeeldige prof. Evenepoel (nog maar 21, 1.71 groot en een gewicht van 61 kilo) fietst in dienst van het Belgische Deceuninck-QuickStep, is zelfverzekerd, uitgesproken en bij vlagen een enfant terrible.

Van Aert begon als veldrijder. Dat sprak bijna vanzelf. Uit Lille en omstreken komen wereldkampioenen: Erwin Vervecken, Paul Herygers en Bart Wellens. Sanne Cant was meermaals mondiaal de beste bij de vrouwen. Het zit in het water en in de grond, zeggen ze in het dorp. Inmiddels is Van Aert wereldtopper op de weg. Hij ontpopte zich in de afgelopen Tour de France als multitalent, met overwinningen op de Mont Ventoux, in de tijdrit naar Saint-Émilion en in de sprint op de Champs-Élysées. Zijn ploeg roemt zijn loyaliteit en nooit aflatende inzet. Je ziet hem zelden zichzelf op de borst kloppen.

Dorpsheld

Op het terras voor het parochiecentrum weten supporters Jos Van Echelpoel (74), Dirk Vingerhoets (64), Danny Arts (62) en Peter Vandenbrande (55) wel waar die onverzettelijkheid vandaan komt: van vader Henk. Van Echelpoel: ‘Diens vader overleed jong, 50 nog maar, in een gezin met negen kinderen. Dat heeft Wout meegekregen.’ Vandenbrande: ‘Ik kan me geen enkele wedstrijd voor de geest halen waarin Wout voortijdig is uitgestapt.’

De renner, zeggen ze, kon de oprichting van een supportersvereniging, nu vier jaar geleden, ‘zeer appreciëren’. Volgens Vandenbrande was de komst van een club vanzelfsprekend. ‘Als je wielerminded bent en iemand uit het dorp gaat presteren, dan volg je hem. We wisten alleen toen nog niet dat hij zo goed zou worden.’ Maar, had Van Aert tegelijkertijd gezegd, ik kom alleen als ik win. Ook dat tekent hem, zeggen de fans. Vingerhoets: ‘Hij houdt er niet zo van in de belangstelling te staan.’ Arts: ‘Wout laat liever de benen spreken.’

De vereniging telt intussen meer dan 900 leden. Vooral na zijn eerste zege in de Tour van vorig jaar is het aantal geëxplodeerd. Kwamen ze vooral uit de omgeving, nu is het uit heel België en ook uit Nederland. Ondanks zijn glanzende prestaties, is het niet tot feesten gekomen. Corona en een overvolle wieleragenda stonden dat in de weg. Maar nu is er de toezegging dat hij op 24 oktober toch echt de schade komt inhalen.

Voetbal

Evenepoel begon als voetballer, bij Anderlecht en PSV, en is pas vanaf zijn 17de serieus gaan fietsen. Een jaar later stond hij al te boek als de nieuwe Eddy Merckx, met 34 overwinningen in één seizoen. Als belofte won hij zowel de tijdritten als de wegraces op het Belgisch kampioenschap, het EK en het WK − met de concurrentie doorgaans op grote afstand; hij laat het liever niet op een sprint aankomen. Rijdend als prof kwam er nauwelijks een eind aan zijn zegereeks. Die stokte pas toen hij augustus vorig jaar tijdens de Ronde van Lombardije in een ravijn dook, waarbij hij onder meer een bekkenbreuk en een longbloeding opliep. Sinds zijn rentree is het aura van onoverwinnelijkheid wat verbleekt.

Het Belgisch kampioenschap van dit jaar: links winnaar Van Aert, rechts de nummer 3, Evenepoel. Beeld BELGA
Het Belgisch kampioenschap van dit jaar: links winnaar Van Aert, rechts de nummer 3, Evenepoel.Beeld BELGA

Wat bleef zijn torenhoge ambities en branie. Wie hem dwarszit, krijgt de volle laag. Vraag het Sonny Colbrelli, die het afgelopen weekeinde op de EK in Italië niet meewerkte om samen naar de finish te rijden. Het leidde tot misbaar in gebaar en geluid. Gianni Vermeersch kreeg na de eerste etappe van de Benelux Tour de schuld van een botsing in het peloton. Dat het voor het oog van de camera was, interesseerde hem niet. Geagiteerd tegen zijn collega: ‘Je moet niet weglopen maar je fout toegeven. Ga je me nu nog een beetje uitlachen in mijn gezicht?’

Het maakt hem ook in België niet overal even geliefd. Luister maar eens in Lille. Vandenbrande: ‘Het zijn apenstreken. Hij schold in de Benelux Tour ook al een mecanicien uit. Ik vind het moeilijk te aanvaarden als hij zich zo gedraagt.’ Vingerhoets: ‘Hij moet nog veel leren.’ Van Echelpoel: ‘Wout smijt ook wel eens met zijn helm. Maar dan is hij vooral boos op zichzelf.’

Arrogant joch

In de feestzaal van café In de Rustberg halen uitbater Guy Janssens (64) en gasten Robert Santingh (59) en Davy Van Haeverbeek (44) er hun schouders over op. Het volgens hen door de media gecreëerde beeld van een arrogant joch klopt niet. Zij weten beter. Janssens kent hem vanaf zijn 14de. ‘Remco is een zachtaardige en sympathieke jongen. Hij woont hier enkele huizen verderop. Als ik hem vraag wat foto’s te signeren of een shirt, is het nooit een probleem.’ Santingh: ‘Als hij langs fietst, steekt hij altijd zijn duim op. Hij groet iedereen hier. Het is een toffe gast.’

Ja, Remco was boos op Vermeersch, maar ze hebben het al snel uitgepraat. En is dat nou zo uitzonderlijk? In het peloton wordt vaak op elkaar gescholden. Santingh: ‘Van Aert was ook een keer furieus op Peter Sagan in de Tour. Daar hoorde je niemand over. Bij Remco wordt het uitgesponnen.’ Vanhaeverbeek: ‘Vergeet niet dat Remco nog maar 21 is, hè.’ Janssens: ‘De tweede Merckx, dat is een stempel. De kannibaal van Schepdaal. Hij moet het allemaal nog bewijzen.’

Zeshonderd leden telt de vereniging. Dat is niet alles. Er zijn clubs in West-Vlaanderen, Henegouwen, Luik, ja, zelfs in Italië. Janssens: ‘Het moet wel via ons lopen.’ Ook hier is nog maar weinig gevierd. Nu corona onder controle lijkt, reizen ze hem weer achterna. Zo waren de drie met dertig andere supporters in Trento, toen Evenepoel op de EK op de weg zilver pakte achter Colbrelli en brons op de tijdrit. ‘Hij nadert weer zijn hoogvorm.’

Vechten

In Lille herinneren ze zich Van Aert in zijn jeugd vooral als een klein mannetje op een te grote fiets. Toen hij 10 was, deed hij wel eens mee aan dikke bandenraces in Nederland. Mathieu van der Poel, zijn latere grote rivaal, was ook wel eens van de partij. In zijn eerste wedstrijd in het veldrijden bij de nieuwelingen van 14 en 15 jaar eindigde Van Aert als laatste. Vingerhoets: ‘Omdat hij lang klein bleef, heeft hij altijd op z’n tanden moeten bijten.’ Arts: ‘Hij heeft ervoor moeten vechten.’ Vingerhoets: ‘Ik zeg altijd: Van der Poel is een slangenmens, een acrobaat op de fiets. Wout is een karaktermens.’

Van Aert woont al enkele jaren niet meer in Lille, met vrouw Sarah en de kleine Georges heeft hij een huis betrokken in het nabije Herentals. Maar op het terras van het parochiecentrum laten ze er geen twijfel over bestaan. ‘Wout is er een van bij ons.’

Evenepoel is niet van Schepdaal. Hij is geboren in Aalst en verhuisde met zijn ouders daarna naar Galmaarden. Vanaf zijn 14de woont hij in Pajottenland. Hij schopte het in het voetbal tot aanvoerder in het nationale jeugdelftal, maar vertrok met onmin bij Anderlecht. Hij voelde zich niet op waarde geschat. Daarmee was het plezier verdwenen.

Niet lang daarna zocht vader Patrick, zelf een voormalig wielrenner en tegenwoordig manager van zijn zoon, op een dag naar zijn racefiets. Remco was ermee weg. Bij terugkeer liet hij trots zijn tellertje zien: 120 kilometer gereden, 34 gemiddeld. Vanaf toen stond het vast: hij wilde gaan koersen.

Café-eigenaar Janssens houdt een plakboek bij. Kijk, in Belgisch Limburg reed Evenepoel in 2017 zijn eerste wedstrijd. Hij werd 71ste. Maar in datzelfde jaar bleek hij al vijf keer de snelste, één keer tweede en twee keer derde. In 2018 was er die explosie aan zeges, in 2019 het profcontract.

Huiverend

De supporters denken huiverend terug aan zijn val in Lombardije, ze zaten in het café naar de tv te kijken. ‘Er was eerst ongeloof, totdat we zijn fiets tegen een muurtje zagen staan. Daarna brak er echt paniek uit, gevolgd door stilte. Het was wachten op het nieuws. Toen hij na lange tijd de ambulance werd ingeschoven, wisten we eigenlijk nog niks.’

Dat hij sindsdien wat meer verliest dan voorheen, komt hem geregeld op kritiek te staan. Dat hij op de EK in Italië in het duel met Colbrelli beter zijn benen had stilgehouden. Dat hij op de Olympische Spelen nooit zo vroeg in de aanval had mogen gaan, waardoor Van Aert in de finale alleen kwam te zitten. In Schepdaal denken ze er anders over. Als hij in Trento had gewacht, zouden ze zijn bijgehaald en had hij nooit zilver gehad. In Tokio wilde niemand met hem meerijden, dat kun je hem niet aanrekenen.

Wie is volgens de aanhang de te kloppen man, volgende week zondag? In Lille is er weinig ruimte voor twijfel. ‘Wout kan Parijs-Roubaix nog wel vijf keer winnen, maar een WK in eigen land is iets eenmaligs. De vorm is er. Het parcours is hem op het lijf geschreven. Zeg het maar: wie gaat hem eraf rijden, zondag?’ In Schepdaal zijn ze minder zeker van hun zaak. Van Haeverbeek: ‘Remco is vanaf zijn val nog steeds aan het groeien. Van Aert zit al aan zijn top en blijkbaar staat al vast dat alle kaarten op hem worden gezet. Maar vergeet niet: een WK is altijd een wedstrijd op zich.’ Santingh: ‘Ik zag vorige week in Italië weer voor het eerst sinds lange tijd grinta op zijn gezicht, concentratie, spanning. Dat stelt me gerust.’

Beide kampen verklaren er vrede mee te hebben als de ander wint. Janssens: ‘Het zijn allebei kampioenen.’ Santingh: ‘Van Aert is geen sukkelaar, hè.’ In Lille is enige terughoudendheid op te tekenen. Vandenbrande: ‘Ik zal geen gat in de lucht springen, maar ook geen boe roepen.’ Alles in het nette, bij de fans van Wout? Vingerhoets: ‘Kom nog maar eens terug als we een pintje op hebben.’

Gaat Van der Poels rug het houden?

Gelet op het parcours vol nijdige klimmetjes tussen Brussel en Leuven zou Mathieu van der Poel zondag 26 september tot de favorieten voor de 100ste WK-wegwedstrijd moeten worden gerekend. Maar de Nederlander kampt al maanden met rugproblemen. De komende dagen rijdt hij drie wedstrijden om zichzelf te testen. Bondscoach Koos Moerenhout heeft hem wel opgenomen in de selectie, met onder anderen Dylan van Baarle, Bauke Mollema (die wel verre van fit is door een val in de tijdrit van de Ronde van Luxemburg) en Mike Teunissen. Jos van Emden is na het wegvallen van Tom Dumoulin de enige die uitkomt op de tijdrit, komende zondag. Bij de vrouwen voert Nederland met onder anderen Annemiek van Vleuten, Anna van der Breggen en Marianne Vos de boventoon.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden