WielrennenRonde van Italië

De bijzondere klik tussen Mathieu van der Poel en zijn ploeg

De beste wielrenner van Nederland, Mathieu van der Poel, rijdt niet voor een toonaangevend World Tourteam, maar voor de ploegleiders Christoph en Philip Roodhooft. Het is een gouden combi. Hij levert en Alpecin-Fenix geeft hem alle vrijheid. De komende dagen zullen ze van zich doen spreken in de Giro.

Rob Gollin
Mathieu van der Poel ( links ) is woensdag in Boedapest met zijn ploeggenoten van Team Alpecin-Fenix op weg naar de ploegenpresentatie voor de Ronde van Italië. Beeld Klaas Jan van der Weij / de Volkskrant
Mathieu van der Poel ( links ) is woensdag in Boedapest met zijn ploeggenoten van Team Alpecin-Fenix op weg naar de ploegenpresentatie voor de Ronde van Italië.Beeld Klaas Jan van der Weij / de Volkskrant

Het team van Mathieu van der Poel (27), die vrijdag in Boedapest bij zijn debuut in de Giro d’Italia de roze trui pakte, begon als een betrekkelijk kleine Belgische ploeg in het veldrijden. De beste wielrenner van Nederland, ook mondiaal behorend tot de top, is zijn werkgever sinds 2014 altijd trouw gebleven, ook al acteert Alpecin-Fenix niet op het allerhoogste niveau, de World Tour. Wat bindt hem aan het team, dat met hem als motor uitgroeide tot speler van formaat?

De broers

Eind 2021 werden ze in België tijdens het wielergala rondom de uitreiking van de Kristallen Fiets uitgeroepen tot ploegleiders van het jaar, Christoph en Philip Roodhooft, afkomstig uit Morkhoven, een dorpje onder Herentals in de Kempen. Het is nog altijd de uitvalsbasis van de ploeg, met een kantoor en twee loodsen.

De statistiek van het afgelopen jaar klonk als een klok: 33 overwinningen, met (rit)zeges in de Strade Bianche, de Giro, de Tour de France en de Vuelta. Van der Poel droeg zes dagen de gele trui in Frankrijk. Alpecin-Fenix eindigde op de wereldranglijst in het ploegenklassement op de zesde plaats, met een budget (8 tot 9 miljoen euro) dat nog geen derde bedraagt van veel teams uit de World Tour. Dat heet een succesverhaal.

Ze begonnen in 2009 voor zichzelf met een budget van 925 duizend euro. De ervaring tot dan: Christoph had zelf gekoerst (hij noemt zichzelf een kermiscoureur) en was ploegleider bij een crossteam, Palmans. Philip was verantwoordelijk voor de commercie bij wielerploeg Unibet, later Collstrop.

‘Nuttige leerjaren’, verklaarden ze in 2019 in de Gazet van Antwerpen. Ze hadden vooral gezien ‘hoe het niet moest’. Ze wilden niet langer afhankelijk zijn. BKCP-Powerplus lijfde de talentvolle veldrijder Niels Albert in. Die werd in februari meteen wereldkampioen in Hoogerheide. De toon was gezet.

Christoph (48) is het meest zichtbaar van de twee. Als ploegleider neemt hij plaats achter het stuur van de volgwagen en fileert hij na de wedstrijden niet zelden met scherpe tong de concurrentie. Hij bemoeit zich intensief met de techniek en de afstelling van de fietsen. Philip (46) zet de marketingstrategie uit en sluit contracten met renners en sponsoren.

Van der Poel is in die eerste jaren nog nauwelijks in beeld. Christoph is een bekende van vader Adrie en stelt materiaal aan diens zoons beschikbaar, eerst aan David, later aan Mathieu. Adrie had het voorspeld. ‘Die jongste, dat is een speciale.’

Op zijn 16de rijdt Mathieu in een juniorenploeg van het team. Renner en broers zijn vanaf dan aan elkaar geklonken. Het blijkt op tijd. Als Albert in 2014 stopt wegens hartproblemen, staat Van der Poel klaar in de coulissen. Een jaar later wordt de Nederlander wereldkampioen veldrijden in het Tsjechische Tabor, met 20 jaar en 13 dagen de jongste ooit.

Als Van der Poel ook op de weg successen begint te boeken, beseffen de Roodhoofts dat ze op de kar moeten springen. Vooral het Nederlands kampioenschap in 2018, in Hoogerheide, vroeg om actie. Een entree in de categorie van de pro-continentale teams, die kans maken op deelname aan prestigieuze koersen, is noodzakelijk om te voorkomen dat de renner, die een contract tot 2020 had, zijn heil elders zoekt. De broers keren hun spaarpot ervoor om.

Adrie van der Poel, als adviseur (‘een groot woord, ze vragen me als ze me nodig hebben’) betrokken bij het team, roemt de gedrevenheid van de twee. ‘Alles moet tiptop in orde zijn.’ Ze sleutelen eigenhandig aan aangeschafte touringcars om ze geschikt te maken voor de renners. ‘Dat heeft niks met zuinigheid te maken. Dat is passie.’

Intussen is er meer dan een organisatie rondom Van der Poel. De broers bestieren een cluster van ploegen. Naast Alpecin-Fenix (actief op de weg en in het veld, onder anderen met oud-wereldkampioen Ceylin del Carmen Alvarado) vallen een tweede crossploeg (Credishop-Fristads) twee teams voor vrouwen (777 en Iko-Crelan) en een vrouwenploeg op de weg (Plantur-Pura) onder de holding. Wat cijfers: 64 renners (de jeugd meegerekend), 35 medewerkers in vaste dienst, aangevuld met een twintigtal freelancers, een wagenpark van 40 voertuigen.

Ambitie

Aan het eind van het seizoen verandert de samenstelling van de World Tour, op basis van punten die er in 2020, 2021 en 2022 zijn behaald. De eerste 18 van de 23 krijgen een licentie aangeboden voor de volgende periode van 3 jaar. Andere ploegen zullen degraderen naar de pro-continentale klasse en moeten afwachten of ze voor de belangrijkste wedstrijden worden uitgenodigd. Alpecin-Fenix staat nu 7de en heeft zicht op vestiging in de hoogste categorie, tussen ploegen als Ineos Grenadiers, UAE Emirates, Trek-Segafredo en Jumbo-Visma.

Van der Poel en de Roodhoofts hebben er wel oren naar. Het zou de bekroning zijn van een proces dat in 2008 aan de keukentafel in Morkhoven in gang is gezet. Vader Adrie snapt de verleiding, maar heeft ook bedenkingen. ‘Het is in principe niet nodig. We staan goed in de ranking, we worden overal voor uitgenodigd, maar we hebben niet de plicht die de WorldTour-ploegen wel hebben om in alle belangrijke wedstrijden aan de start te verschijnen. Je moet er ook maar zin in hebben in het voorjaar in Australië te koersen en in het najaar naar China te vertrekken voor wat wedstrijden.’

Wat de doorslag zal geven is de vraag of er voldoende budget beschikbaar komt. Van der Poel: ‘Je moet aan sponsors het dubbele binnenhalen van wat je nu hebt.’

De sponsors

Dit waren de namen voor Alpecin-Fenix: BKCP-Powerplus, BKCP-Corendon, Beobank-Corendon, Corendon-Circus. De Nederlands-Turkse reisorganisatie stapte in 2015 in en bleef tot 2020. Philip Roodhooft benaderde destijds oprichter Atilay Uslu. Die was geïnteresseerd: zomervakanties worden vooral in de winter geboekt. Corendon wilde tijdens die maanden in België meer zichtbaar zijn. Van veldrijden wist Uslu niets. ‘Ik kende het bestaan ervan niet eens. Ik was stomverbaasd: complete volksfeesten rondom WK’s.’

De sponsoring leverde veel media-aandacht op, vooral door de prestaties van Van der Poel. Diens aanwezigheid was aanvankelijk geen argument voor financiële steun. Uslu: ‘Dat groeide. Het was een mooi verhaal: de twee broers, hun vader als oud-renner en hun moeder was de dochter van Raymond Poulidor. Maar het werd ook steeds duurder: in die periode is het budget vervijfvoudigd.’

Hij had niet willen stoppen, twee jaar geleden. Maar toen Sunweb Corendon overnam – wat uiteindelijk niet doorging – kon Uslu de broers Roodhooft geen zekerheid meer bieden. Hij heeft de relatie altijd als plezierig ervaren. ‘Het zijn ambitieuze jongens.’ Uslu miste het sportieve hoogtepunt van de samenwerking. Toen Van der Poel in 2019 in het shirt van Corendon de Amstel Gold Race won, lag hij thuis met koorts op bed.

De broers haalden nieuwe partners binnen; acquisitie is noodzakelijk, ze vertelden eerder dat ze niet of nauwelijks worden gebeld door bedrijven. Shampoo-fabrikant Alpecin (‘doping voor het haar’, een verwijzing naar de cafeïne in het product, was een omstreden slogan) was vertrokken bij wielerploeg Katusha, maar wilde verder in de sport. Het Nieuwsblad citeerde directeur Jörn Harguth. Het ging niet alleen om ‘de mooie kop met haar’ van Van der Poel. ‘Het team heeft de juiste spirit.’ Over de renner zelf: ‘Hij lacht veel, is geen egotripper en staat nog aan het begin van zijn carrière. Dat maakt hem tot de perfecte ambassadeur voor ons team.’

Fenix, een Italiaanse fabrikant van interieurmaterialen, zocht naar naamsbekendheid in de Benelux. In Giro-startplaats Boedapest verschenen de renners op de teampresentatie onverwachts niet in het gebruikelijke blauw, maar in een olijfgroen tenue. Het was om de aandacht te vestigen op nieuwe wandbekleding. Pikant was de werving van Deceuninck, een producent van kunststof deuren en kozijnen en tot vorig jaar de naamgevende geldschieter voor concurrent Quick-Step. Het bedrijf wil zich graag vereenzelvigen met de aandacht voor jong talent en het vrouwenwielrennen. Het Duitse Canyon heeft met Van der Poel een renner in huis die zich met het fietsenmerk zowel op de weg, in het veld als op de mountainbike manifesteert.

De positie

Van der Poel is ontegenzeggelijk het gezicht van de ploeg, magneet voor publiek en sponsoren, onbetwiste kopman in de ploeg als hij aan de start verschijnt. Het wisselgeld, naast een goed salaris: vrijheid. Als hij wil gaan mountainbiken, gaat hij mountainbiken. Dat hij na de mislukte greep naar het goud op de Spelen in Tokio in 2024 op herhaling wil in Parijs, zal niemand hem uit het hoofd kunnen praten. Hij blijft ook veldrijden, zijn eerste liefde, al wordt er gesnoeid in het aantal crossen.

Adrie van der Poel: ‘Hij voelt zich op zijn plek. Hij heeft veel invloed. Hij bepaalt zelf zijn programma. Hij wordt geraadpleegd als er renners worden aangetrokken.’ Ja, er was interesse van grote ploegen. Het rijke Ineos, UAE Emirates van tweevoudig Tourwinnaar Tadej Pogacar en Quick-Step-Alpha Vinyl hebben geïnformeerd. Ze klopten op een gesloten deur. Van der Poel: ‘Je hebt altijd kans dat je elders iets krijgt opgelegd waar je geen zin in hebt.’ Nog zwaarder weegt dat zijn zoon tot 2025 onder contract staat. ‘Als je hebt getekend, houdt het op.’

De andere partij handelt niet anders. ‘Christoph en Philip zijn hun toezeggingen altijd nagekomen. De loyaliteit komt van beide kanten.’ De renner ziet dat in hem wordt geïnvesteerd. Alpecin-Fenix trok een prestatiecoach aan, Kristof De Kegel. Van der Poel: ‘Er was lang niks op dit terrein, behalve wat goedbedoelde adviezen van Christoph en mij. Nu is er wetenschappelijke onderbouwing.’

Dat alles om Van der Poel draait, spreekt de ploeg tegen. Gewezen wordt op de successen van andere renners. Tim Merlier, ook veldrijder in de winter, pakte ritzeges in de Giro en de Tour, won dit jaar twee klassiekers. Jasper Philipsen werd vorig jaar in Frankrijk drie keer tweede.

Het onder andere teams geregeld opduikende verwijt dat Alpecin-Fenix in wedstrijden zich nogal eens gedroeg als ‘dat kleine ploegje’ en verantwoordelijkheid in de jacht op vluchters ontliep, is volgens Van der Poel intussen wel achterhaald. ‘Na de Tour is het omgeslagen. Toen heeft iedereen kunnen zien waartoe de ploeg in staat is.’ Tekenend was dat ‘Matje’ in het geel deel uitmaakte van de sprinttrein die Merlier naar winst leidde.

Ziet zijn vader hem ooit nog van ploeg veranderen? Van der Poel denkt er niet lang over na. ‘De kans is groot dat hij er tot aan het eind van zijn carrière zal blijven.’

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden