ReportageBaanwielrennen

De allerbesten in de teamsprint zijn natuurlijk ook in Tokio de allerbesten

V.l.n.r.: Jeffrey Hoogland, Harrie Lavreysen en Roy van den Berg op weg naar goud.
 Beeld Klaas Jan van der Weij / de Volkskrant
V.l.n.r.: Jeffrey Hoogland, Harrie Lavreysen en Roy van den Berg op weg naar goud.Beeld Klaas Jan van der Weij / de Volkskrant

De Nederlandse baanwielrenners maakten dinsdag op de Olympische Spelen hun favorietenrol op de teamsprint waar. Hun zege betekende het zesde goud voor Nederland in Tokio.

Het mag simpelweg niet mislukken, deze dinsdag op het velodroom in Izu, de greep naar het goud van de Nederlandse baanwielrenners op de teamsprint. Ze zijn drievoudig wereldkampioen. Ze bezitten het wereldrecord, 41,225 seconden, eind februari 2020 gevestigd in Berlijn. De concurrentie is er nooit bij in de buurt geweest. Ze hadden het van tevoren ook gezegd: wij zijn de allerbesten.

Het gaat dan ook niet mis. Roy van den Berg, Harrie Lavreysen en Jeffrey Hoogland rammen gedrieën in de finale tegen Groot-Brittannië naar 41,369 – het is nota bene de derde keer deze middag dat ze een olympisch record rijden.

Als Lavreysen als tweede man uitstuurt, ziet hij uit zijn ooghoeken dat de laatste man bij de Britten, meervoudig olympisch kampioen Jason Kenny, het wiel van zijn voorganger niet kan houden. Het zit goed. Maar pas als Hoogland als laatste man van het trio afklokt, worden de vuisten gebald, gaan de armen omhoog en vallen op het middenterrein de begeleiders elkaar in de armen.

Langdurig project

Het is de afronding van een langdurig project. Vanaf 2018 werden alle kaarten gezet op dit onderdeel, waarin de renners drie ronden van 250 meter afleggen, met een starter, een tweede man en een afmaker. Waar op nummers als de keirin en de sprint de uitkomst met andere renners in de baan onzeker is, blijft op de teamsprint de regie volledig in eigen hand.

Er is veel geïnvesteerd in materiaal, zoals een volledig nieuwe baanfiets, in kleding, waarin elk los naadje en lubberend stofje zijn weggewerkt, in mentale begeleiding voor wie het nodig had. Er zijn vooral oneindig lange uren gemaakt in het krachthonk.

Dat Lavreysen, Hoogland en Matthijs Büchli, die dinsdag als derde man de kwalificatie rijdt, zich dankzij die inspanningen ook als wereld- en Europees kampioenen manifesteren, is een meer dan aangename bijvangst.

Pijntjes overwinnen

Het uitstel van de Spelen is snel voor kennisgeving aangenomen. Het gaf ze alleen maar meer tijd pijntjes te overwinnen, nog wat verder aan te sterken en verder te experimenteren met houding en materiaal. De enige onzekere factor was de onwetendheid over de prestaties van de andere landen. Sinds Berlijn had de selectie geen wedstrijd meer gereden.

Bij de kwalificatie komen de Britten nog enigszins in de buurt, ze geven slechts een tiende toe op de Nederlanders. Zouden de olympische kampioenen van 2016 dan toch nog voor een verrassing kunnen zorgen, zoals ze wel vaker flikten tijdens de Spelen? Maar in de daarop volgende twee ronden dijt de marge geruststellend uit. Loos alarm.

‘Topvorm’

Bondscoach Hugo Haak: ‘In de eerste race waren de tijden iets minder dan gedacht. Het is natuurlijk spannend, zoiets. Maar we hebben de knop tijdig omgezet. Daarin ging het als vanouds. We zijn in topvorm.’

Dat het wereldrecord buiten bereik blijft, ook al was dat vooraf een doel geweest, wijten coach en renners aan de omstandigheden: de andere baan, de relatieve koelte binnen, de droogte, de wat hogere luchtdruk. Lavreysen: ‘Gelukkig was het record ook helemaal niet nodig.’

Erg bezorgd waren ze niet geweest. Dat ze niet eens in hun sterkste opstelling al sneller waren geweest, had vertrouwen gegeven. Het klopte weer. Het inzetten van Büchli betaalde zich uit. Hoogland kon de krachten sparen voor de eerste ronde en de finale. Na zijn eerste beurt vraagt hij nog voordat hij afstapt naar zijn tijd. Dat blijkt 12,2 te zijn. ‘Zoiets vermoedde ik al. Het voelde licht.’

Klein verzetje

Voor de finale rijden Lavreysen en Van den Berg op een klein verzetje op een racefiets op het middenterrein, in gedachten verzonken. Hoogland meldt zich als laatste. Hij heeft nog snel een monstertandwiel laten monteren. Voor zover hij weet, trapt niemand een ‘69-15’. Die 69 had hij speciaal voor de Spelen laten maken.

Eenmaal naast elkaar op de baan voor de start worden de verschillen tussen de renners goed zichtbaar. Van den Berg, onderaan de baan, kijkt gespannen. Zijn tijden overtuigden het minst. Hij weet dat het beter moet.

Bovenaan fokt Hoogland zichzelf op. Hij schreeuwt, hij wipt op en neer op het zadel, hij is, zegt hij later, ‘oerinstincten’ aan het opwekken. Hij heeft wat cafeïne tot zich genomen. Lavreysen in het midden kijkt geconcentreerd. Hij dronk zojuist thee met honing.

Tweede luide petsen

Coach Haak heeft een vast ritueel. Hij loopt zijn renners af. Hij gaat voor ze staan, kijkt ze in de ogen en verkoopt ze twee luide petsen op beide schouders.

Van den Berg trekt zijn fiets uit elkaar om op gang te komen. Pas vlak voor zijn tweede bocht zinkt hij op het zadel. Na 17,1 seconden stuurt hij naar boven. Lavreysen laat achter hem wat ruimte om te kunnen versnellen. Hij weet Hoogland 11,9 seconden pal in het wiel. Diens eenzame missie duurt weer 12,2 seconden. Goud.

‘Het voelt raar’, zegt Lavreysen, ‘het is zo lang geleden dat we weer een wedstrijd rijden. We zitten weer op een middenterrein. Er is publiek. Maar ik heb niet het besef dat dit de Olympische Spelen zijn.’

‘Ontzettend gaaf’

Coach Haak, die zelf in Rio de Janeiro de Spelen miste nadat hij in een selectiewedstrijd zijn plek had verloren aan Theo Bos, heeft anderhalf uur na de race zijn emoties weer onder controle. ‘Dit is ontzettend gaaf. Dit is waar die jongens het al die jaren voor gedaan hebben. Het is een lang en intensief traject geweest. Als de verwachtingen zo hoog zijn, moet je het toch nog maar even doen.’

Later in de week komen Lavreysen, Hoogland en Büchli nog uit op de individuele nummers. Of er nog meer inzit? Haak: ‘Als de teamsprint succesvol is, geeft dat in de rest van een toernooi altijd een goed gevoel. Dat zal nu niet anders zijn.’ Één belangrijk verschil is er wel: de allerbesten nemen het nu tegen elkaar op.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden