De aanhouder wint

Er bestaat een foto van de nationale jeugdselectie, gemaakt bij het afscheid van Egon van Kessel als bondscoach. Een mooie herinnering aan de dagen dat de huidige wielercracks werden gevormd....

Van onze verslaggever Bart Jungmann

Helemaal rechts staat Rik Reinerink. Hij lacht verlegen. Koos Moerenhout leunt tegen hem aan. 'Van Rik had ik veel verwacht', zegt Egon van Kessel, de bondscoach van toen. 'Maar hij heeft het nooit kunnen maken.'

Bijna tien jaar later, zaterdagmorgen 24 april kwart over tien, de Markt in Maastricht. De 34ste Amstel Gold kan elk moment beginnen. Rik Reinerink staat in de voorste rijen. Hij draagt het bonte shirt van Batavus, een kleine ploeg die op speciale uitnodiging mag meedoen. Achterin het wachtende peloton staan Boogerd, Van Bon en Moerenhout. Zijn generatiegenoten gaan gehuld in het inmiddels overbekende Rabo-oranje.

Jaloers? Nee, dat is volgens Rik Reinerink niet het goede woord. 'Ik klamp me er juist aan vast. Als ik die jongens zie, denk ik: dat moet voor mij toch ook mogelijk zijn. Ieder op zijn eigen wedstrijden natuurlijk, maar hun succes is voor mij toch ook een soort inspiratie.'

Terwijl Van Bon en Boogerd al vijf jaar met wielrennen een steeds dikker belegde boterham verdienen, is Rik Reinerink een bescheiden amateur gebleven met op zijn shirt de namen van Tegeltoko en Giant.

Waar is het onderweg mis gegaan? Tja. Waar is het niet mis gegaan? In zijn 25-jarige leven heeft Twentenaar Rik Reinerink zijn portie pech wel gehad. Lang gekampt met een onduidelijk virus, vader overleden, heup en schaambeen gebroken. 'Ik heb mijn mindere jaren gehad.'

Afgezien van al die tegenslag was hij toch al een jongen die een langere aanloop nodig had. Lichamelijk gezien kon Rik Reinerink als junior iedereen aan, maar geestelijk waren de anderen al een stuk verder.

'Rik kon de druk niet zo goed aan', zegt Piet Hoekstra die hem destijds als opvolger van Van Kessel nog onder zijn hoede had. De kennismaking werd bij Batavus hernieuwd en volgens Hoekstra heeft Reinerink onmiskenbaar vooruitgang geboekt. 'Rik is nu op de goede weg.'

Batavus heeft dit jaar als Trade Team II een eerste stap gezet naar het professionele wielrennen. Met het bescheiden budget is de formatie nog te klein voor het tafellaken, maar de plannen voor volgend seizoen zijn al een stuk ambitieuzer.

'We hebben ons in maart aardig laten zien', zegt Hoekstra. 'In april was het een beetje grijs, maar de sponsor heeft zijn vertrouwen niet verloren.'

De acht Batavus-renners hebben zich voorgenomen dat in de Amstel Gold Race niet te beschamen. Reinerink voor de start: 'Natuurlijk is dit voor ons een enorme belevenis, maar je komt hier niet alleen om te starten. We gaan koersen en we zien wel waar het schip strandt. Niet anoniem meerijden en hopen dat je de finish haalt. Misschien ligt die al wel bij 150 kilometer, maar voor die tijd moeten we er wel een paar keer in vliegen.'

John Talen, de veteraan in het gezelschap, is eventjes vooruit. Hij wordt snel teruggehaald en voor de rest wordt er niet gevlogen. Wel blijkt de finish van de 252 kilometer lange Amstel Gold Race voor alle acht Batavus-coureurs ruim honderd kilometer te ver. 'Die jongens rijden toch harder dan ik kan fietsen', zegt ploeggenoot Michel Cerneus.

Om vier uur zet Rik Reinerink, gedoucht en al, zijn fiets in het bestelbusje. Na de Gulpenerberg waren een paar spaken in zijn achterwiel gesprongen. 'Mijn wiel liep op mijn rem. Ik heb alles losgezet, maar ik moest bovenop de Schweiberg toch wisselen.'

Aan de voet van de Camerig kon hij weer aansluiten. 'Maar dat was al op hangen en wurgen. Bovenop moest ik er definitief af.' De koers was op dat moment 135 kilometer ver en Koos Moerenhout reed samen met twee collega's zes minuten voor het peloton uit.

Teleurstellend? Rik Reinerink weet het niet. 'Maar ik heb er geen goed gevoel over. Ik had gedacht dat ik langer mee had gekund. Je wordt hier met de neus op de feiten gedrukt. Die jongens rijden toch een paar tandjes harder. Ik heb nog een lange weg te gaan.'

Wanneer die weg zo'n beetje voltooid moet zijn, weet hij niet. 'Volgend jaar moet ik toch al een stuk verder zijn en over twee jaar wil ik echt kunnen meedoen.'

De 34ste Amstel Gold Race is een tegenslag geweest, maar hij laat zich er niet door ontmoedigen. 'Ben je gek. Daarvoor heb ik te veel meegemaakt. We gaan vrolijk verder.'

Zondag de Ronde van zuid-west-Friesland, volgende week de Ronde van Overijssel en dan Keulen-Bonn. Dat zijn voorlopig zijn kaliber wedstrijden.

Rik Reinerkink heeft dit seizoen de Ster van Zwolle al op zijn naam staan en hoopt ooit Parijs-Roubaix of de Ronde van Vlaanderen op zijn erelijst te kunnen bijschrijven. 'Dat zijn mijn wedstrijden.'

Met zijn één meter 93 vormen de bergen een enorm obsstakel, maar dat interesseert hem niet. 'Het is een feit en ik kan er van denken wat ik wil, maar het wordt er niks anders van.'

Om half zes verlaat het Batavus-busje het parkeerterrein van de ENCI, verzamelpunt van volgers en deelnemers. Rond dat tijdstip komt Koos Moerenhout pas aan, een brede glimlach op het gezicht. Wat in San Remo, Meerbeke, Roubaix en Luik steeds mislukte bij de Raboploeg, lukt deze zaterdag wel dankzij Michael Boogerd. De aanhouder blijkt te kunnen winnen. 'Ik hoop het', had Rik Reinerink vlak voor het vertrek uit Maastricht gezegd.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden