Reportage

Dat dammen hip is, moet nog doordringen tot jongeren

De tweede match tussen Groenendijk en Boomstra trekt online 217 volgers. In de speelzaal zit niemand. Aan de dammers ligt het niet. Die spelen vol vuur.

Jan Groenendijk (L) en Roel Boomstra aan zet tijdens de wereldtitelstrijd Dammen in Groningen. Beeld null
Jan Groenendijk (L) en Roel Boomstra aan zet tijdens de wereldtitelstrijd Dammen in Groningen.

Dammen is hip, dammen is modern. De WK-match tussen Jan Groenendijk en Roel Boomstra moet de brug slaan tussen de jeugdige hiphopscène en de vergrijsde damnerds om een nieuw publiek te bereiken. In het Van Swinderen Huys in Groningen is de new wave in de damsport nog niet tastbaar. Voor welgeteld 25 toeschouwers analyseert Groenendijk zondag de tweede partij, waarin hij verzuimd heeft om de nederlaag in het openingsduel met Boomstra meteen uit te wissen.

De tweekamp verhuist van Groningen via Wageningen naar Den Haag, waar over twee weken de eerste Nederlandse wereldkampioen sinds Harm Wiersma in 1984 wordt gekroond. Jan vs Roel is het flitsend vormgegeven affiche, maar de locatie in de Groningse binnenstad mist de grandeur van een WK-match. Dit is dammen in een huiskamer, op de eerste verdieping, zonder publiek.

De Volkskrant-verslaggever is de enige toeschouwer. De scheidsrechter drinkt bedaard een kopje thee. Boomstra (23) zit in een smetteloos kostuum met stropdas achter het bord. De vijf jaar jongere Groenendijk draagt een spijkerbroek en de polo van de sponsor. 'Ik hoop ooit in een uitverkocht theater te spelen', zegt hij. 'Maar we moeten het hippe imago van dammen niet overdrijven. De sport moet centraal staan.'

Zaterdag is de demonstratiezaal afgeladen, mede met dankzij neuropsycholoog Erik Scherder, die een lezing houdt over de werking van het brein. Zondag volgt commentator Auke Scholma de tweede partij tussen Boomstra en Groenendijk met twintig damfanaten, die discussiëren hoe je het beste de 'tempi' kunt tellen in een partij. Hier domineren de vijftigers.

Producer Kees de Koning bracht met rappers en dammers twee werelden bij elkaar. In 'Teamkamer Boomstra' erkent de 61-jarige bondscoach Rob Clerc dat hij nog nooit van Ronnie Flex had gehoord. 'Ik dacht: wat gebeurt er nu?'

Jan Groenendijk: 'We moeten het hippe imago van dammen niet overdrijven. De sport moet centraal staan.' Beeld null
Jan Groenendijk: 'We moeten het hippe imago van dammen niet overdrijven. De sport moet centraal staan.'

Clerc zag tijdens het bezoek van Ronnie Flex aan een basisschool in Den Haag hoe populair de rapper is bij de Nederlandse jeugd. 'Voor die kinderen is hij een soort God. Als hij zegt dat dammen leuk is, is het zo.'

Dammen is volgens Ronnie Flex niet alleen voor nerds. Clerc was verrast door een enquête op Facebook onder 10 duizend kinderen. 'De vraagstelling was: is dammen saai? Geen positieve insteek. Toch had 67 procent met nee geantwoord. We hebben nu het momentum, Nederland krijgt een nieuwe wereldkampioen. En de jeugd vindt het mooi. Er is hoop, want het schooldammen blijft de vijver voor nieuw talent.'

Leuk om de damsport af te stoffen. Maar de organisatie moet niet overdrijven, aldus Clerc. Dammen in een glazen kooi op het Plein in Den Haag ging hem een stap te ver. 'Ik heb bedongen dat je niet bij die jongens naar binnen kunt kijken, straks staan mensen nog te zwaaien naar Groenendijk, terwijl hij een zet doet. Met speciale folie op de ruiten kun je nu alleen van binnen naar buiten kijken.'

Dammen in de Eerste Kamer op het Binnenhof in Den Haag heeft wel meer allure dan de locatie, waar Clerc in 1985 een deel van zijn WK-match met de Rus Gantwarg afwerkte. 'Wij zaten ook in een kooi, maar dan op de beddenafdeling van de V&D tussen het winkelende publiek. Er is gelukkig wel iets veranderd.'

In de jaren '70 was oud-wereldkampioen Ton Sijbrands met zijn imposante baard tevens een rockster. 'Misschien was dammen in die tijd populairder dan nu', zegt Clerc. En glimlachend: 'De presentatie van deze WK-match had niet bij Ton gepast. De damsport was vroeger vrij gesloten, Groenendijk en Boomstra zijn aanraakbaar.'

De computer in het Van Swinderen Huys laat zien dat de analyse van commentator Scholma door slechts 217 mensen online is gevolgd. Clerc, berustend: 'Het beeld van een kleine sport wordt ook nu bevestigd. We hebben nog een slag te maken.'

Vol op de aanval

Aan de kwaliteit van de WK-match ligt het niet. Boomstra en Groenendijk presenteren het moderne dammen, zegt Clerc. Ze vliegen elkaar meteen naar de strot. 'De organisatie was bang voor twaalf remises. Ik wist wel beter. Deze jongens zijn opgegroeid met de computer. Hun berekeningen zijn dieper. Het spel is harder en beter geworden.'

De moeders van de spelers ontfermen zich liefdevol over hun zonen na een spectaculair gevecht. Boomstra legt in de bar zijn hoofd op de schouder van zijn moeder in de wetenschap dat hij in partij 2 verloren heeft gestaan. Groenendijk laat zich troosten door de vrouw, die ook als zijn manager optreedt. 'Ik was zo dichtbij de overwinning, mam', mompelt hij.

De roodharige tiener hervindt snel zijn bravoure. Het spel wint bij hem altijd. Stralend demonstreert Groenendijk een kaarttruc. Te lauw, zou Ronnie Flex zeggen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden