Dat belooft wat voor de Spelen van Rio

Het preolympisch jaar is prachtig verlopen voor de Nederlandse sport. NOC*NSF telde 271 medailles in 2015. Geen toeval zegt de sportkoepel, maar een gevolg van beleid. In 2016 in Rio moet er echt worden geoogst.

Atlete Dafne Schippers won twee medailles op het WK.Beeld anp

Het sportjaar 2015 is voor Nederland uiterst succesvol verlopen. Zelfs de voorbije dagen nam het aantal medailles veroverd bij internationale wedstrijden toe. Zo werd tennisser Julien Rojer wereldkampioen in het dubbelspel en waren de dammers Jan Groenendijk en Roel Boomstra goed voor zilver en brons bij het WK. En al verspeelde zeilster Marit Bouwmeester donderdag haar wereldtitel in de Laser Radial, ze redde wel het zilver op de zee bij Oman.

Het waren de medailles 268 tot en met 271 van dit jaar volgens de opgave van NOC*NSF. De kalender van de sportkoepel loopt van 1 december tot 29 november, de zondag dat NOC*NSF de kandidaten voor sportman, sportvrouw, talent en ploeg van het jaar bekendmaakt.

Een jaar geleden riep de Volkskrant 2014 uit tot het succesvolste sportjaar aller tijden. Dat geschiedde na een serieuze bestudering van alle resultaten sinds 1928: van Olympische Zomerspelen in Amsterdam tot en met Olympische Winterspelen van Sotsji. Dat 2014 zo hoog scoorde, kwam vooral door de 24 medailles van Sotsji. Nederland schoof op naar de vijfde positie op de wereldranglijst.

Op het pre-olympische jaar 2015 zullen we geen stempel zetten. Het was een goed jaar: een 8 vergeleken met 2014. Als je het afzet tegen het voorolympische jaar 2011, de aanloop naar Londen, dan is de oogst van 270 (inclusief paralympische en niet-olympische sporten) een enorm aantal. In 2011 stopte de teller op 158 medailles, blijkt uit de archieven van NOC*NSF.

Beeld .

Beleid

Wie denkt dat de vlag uitgaat op Sportcentrum Papendal heeft het mis. '2015 was geen uitmuntend voetbaljaar en geen uitmuntend schaatsjaar', zegt Maurits Hendriks, de technisch directeur van NOC*NSF. Hij kijkt vooral naar beleid, minder naar medailles.

Zijn doelstelling is om met de Nederlandse (olympische) topsport tot de toptien van de wereld te behoren. Daarvoor is in 2013 het focusbeleid ingesteld. Van een dikke 180 topsportdisciplines ging Nederland terug naar 55 ondersteunde projecten. Extra aandacht gaat sindsdien uit naar de acht traditionele medaillesporten die Nederland kent: zwemmen, wielrennen, judo, paardensport, roeien, hockey, zeilen en schaatsen. In Londen werd Nederland op de Spelen van 2012 dertiende in de medaillespiegel, een officieus klassement van het IOC dat door de landen met zucht naar prestige steeds serieuzer wordt genomen.

De klassering in Londen kwam tot stand door 6 gouden medailles, 6 zilveren plakken en 8 bronzen exemplaren. Het doel voor Rio is als altijd de oogst van Londen te verbeteren met één medaille: 21 derhalve. Dat lijkt een laag aantal, wanneer je met geconcentreerde blik door de oogst van dit sportjaar loopt.

De 28 olympische zomersporten, van atletiek tot zwemmen, kenden op echte olympische nummers een oogst van 36 medailles (7 goud, 18 zilver en 11 brons). Daar moet bij worden opgemerkt dat de hockeyers en de ruiters Europese titels veroverden. In de hippische wereld is Europa de top, in hockey speelt Australië een grote rol.

Niet meegeteld is de wereldtitel van baanwielrenster Kirsten Wild. Het nummer scratch is geen olympische discipline. Het zilver van teamzwemmers open water en de gemengde estafette in het 50-meterbad zijn ook zonder voorspellende waarde. Het olympische programma is nu eenmaal nauwer gesneden dan wat de wereldfederaties met hun eigen toernooien opdienen.

Voorspelling

In het land van nabeschouwen en vooruitkijken speelt dataleverancier Infostrada sinds een aantal jaren een belangrijke rol. Zij wegen in hun Virtual Medal Table (VMT) bij voortduring de positie van elk land in elke sport. Daarbij wordt gelet op de potentie, het verleden, het heden en de toekomst van de sportman. Blessures worden gek genoeg nauwelijks meegenomen in die inschatting.

Wielrenster Marianne Vos lijdt aan overtraindheid, maar staat toch gewoon derde in een voorspelling van de olympische wegrace van volgend jaar. Baanwielrenster Shanne Braspennincx heeft een hartprobleem, maar ook zij krijgt (op het onderdeel keirin) brons toegerekend.

Infostrada plaatst Nederland, per 3 november, voor Rio 2016 op de dertiende plaats in het landenklassement. Dat is dezelfde positie als in Londen, maar het aantal medailles van TeamNL - de nieuw gekozen ploegnaam - is volgens de glazen bol met 60 procent toegenomen: van 20 naar 32 plakken. Qua eindtotaal (naar hoeveelheid medailles, niet naar kleur) zou Nederland daarmee negende worden in Rio, achter de grootmachten VS (93), China (88), Rusland (71), Groot-Brittannië (48), Duitsland (47), Frankrijk (42), Australië (39) en Japan (37). Het zou een stunt van de eerste orde zijn.

Nederland haalde bij de Spelen van Sydney 2000 als uit het niets 25 medailles en dat werd lange tijd als een onhaalbaar doel beschouwd. Het was de unieke generatie Van den Hoogenband, De Bruijn en Van Moorsel die voor die vloedgolf aan medailles zorgde.

Sterk fundament

Het topsportbeleid van Nederland heeft sinds die tijd een sterk fundament gekregen. Het begon met het topsporterstipendium, officieel per 2001. Het was de toelage, waardoor topsporters een professioneel leven konden leiden, niet langer afgeleid door de zorg om het dagelijks bestaan. 'Daarna', vertelt technisch directeur Hendriks, 'kwam er in 2005 een vast salaris voor bondscoaches. En in 2009 zijn bij bonden technisch directeuren aangesteld. In die driehoek werken wij als NOC*NSF. Wij veroveren niet de medailles, dat doen de atleten. Wij zorgen voor de structuur en de begeleiding in maatwerk. We doen het in partnership met de bonden.'

Secondant Jeroen Bijl, topsportmanager bij NOC, zegt dat het 'topsporthuis' stevig staat. Er worden resultaten geboekt door een klein land en dat trekt aandacht. Nederland en Nieuw-Zeeland zijn voorbeelden van hoe met beperkte middelen grote resultaten worden gehaald.

Hendriks zegt dat door het beleid van de laatste jaren er meer structurele medailles komen. Als voorbeeld noemt hij de succesvolle hippische sportbond, de KNHS. Bij de WK van 2014 en de EK van 2015 was Nederland het overheersende land in dressuur en springen. 'Voorheen was de hippische sport ook al goed. Maar nu is dat niveau stabieler. De dalen zijn minder diep geworden dan vroeger. Dat is de opbrengst van een betere structuur.'

De oogst van Nederland is onmiskenbaar breder geworden. In olympisch opzicht moet dat beeld in 2016 worden bevestigd. In 2015 was voor de totale Nederlandse sport al een feestjaar, getuige de 271 medailles die aan Nederlanders werden uitgereikt.

Voorspelling Rio 2016

goud zilver brons totaal
1 VS 40 24 29 93

2 China 32 34 22 88

3 Rusland 26 22 23 71

4 Duitsland 20 11 16 47

5 GB 17 19 12 48

6 Australië 15 13 11 39

7 Japan 15 5 17 37

8 Frankrijk 10 14 18 42

9 Zuid-Korea 10 5 9 24

10 Brazilië 8 10 2 20

11 New Zeeland 8 7 8 23

12 Kenia 8 4 5 17

13 Nederland 6 9 17 32

14 Spanje 6 4 1 11

15 Cuba 5 7 5 17

16 Italië 5 3 14 22

17 Noord- Korea 5 1 6 12

18 Hongarije 4 7 6 17

19 Tsjechië 4 4 3 11

20 Oekraine 3 8 9

Succesjaar 2015, drie profielen

Jiske Griffioen

Jiske Griffioen (30), rolstoeltennisster, winnares Australian Open, Roland Garros, wereldkampioene dubbel, nummer één op wereldranglijst.

'Mijn titels staan misschien wat minder in de belangstelling. Maar daar is een reden voor. In onze sport was heel lang Esther Vergeer het boegbeeld. Wat daarachter kwam, daar werd niet echt op gelet. Esther is gestopt na de Paralympische Spelen van Londen. Ik ben haar opvolger. Ik ben de te kloppen vrouw voor Rio. 'Dat worden dan meteen ook mijn laatste Spelen. Ik zie me in 2020 in Japan er niet bij zijn. Ik was er in 2000 in Sydney bij als lid van het rolstoelbasketbalteam. Ik combineerde dat toen nog met tennis. Ik moest daarna kiezen en het werd tennis. Het worden al weer mijn vierde Spelen als tennisster. Mijn vijfde Spelen in totaal.

Rolstoeltennisster Jiske Griffioen is nummer 1 op de wereldranglijst.Beeld ANP XTRA

'Ik ga Rio niet verkennen. Een baan is een baan. Ik benader het als een gewone wedstrijd. Het is maar een wedstrijd, zeg ik dan. Nederlandse vrouwen geven, ook na het stoppen van Vergeer, nog altijd de toon aan in de wereld. Ik sta nu eerste op de wereldranglijst, maar volgende week moeten we het WK, de Masters in Londen, nog spelen.

In het dubbelspel ben ik met Aniek van Koot wel wereldkampioen geworden. Enkelspel is afwachten. 'Paralympics is het hoogste in onze sport. Een keer in de vier jaar gaat het om het hoogste, het beste. Daarna komen de Grand Slams. Ik verheug me erop dat volgend jaar op Wimbledon ook enkelspel wordt gespeeld. Dat was er de voorbije jaren niet. Er was alleen dubbel.'

Anneke Beerten

Anneke Beerten (33) mountainbiken, wereldkampioene fourcross in Italië, Europees kampioen enduro, profes-sional mtb'er in Team Specialized.

Alweer een regenboogtrui, schrijft Anneke Beerten op haar weblog na de derde wereldtitel fourcross van dit najaar in Val di Sole. De zege op dat onderdeel, met acht hechtingen in de arm, kon geen verrassing zijn. In 2011 en 2012 was de vrouw uit Mariënvelde ook al wereldkampioen op fourcross. Vier tegen elkaar is een spectaculaire variant in het mountainbiken. Het is met vier renners naar beneden, over een speciaal aangelegd parcours vol bulten, stenen en kombochten. De race gaat naar beneden, hard dus.

De finale van de WK werd beslist door een reuzensprong. Het duelleren en springen zijn kwaliteiten die Beerten heeft meegenomen uit de BMX (bike motocross), de fietscategorie waarin de renster uit de Achterhoek tweemaal wereldkampioen (1996 en '97) werd. Dat was lang voordat BMX olympisch werd en een zekere aantrekkingskracht kreeg. Beerten maakte na de millenniumwissel de overstap naar de iets grotere fiets en het rijden in natuurlijk terrein.

Haar bekendheid in Nederland is gering. Van haar Europese titel enduro had niemand weet. In het Canadese Whistler kennen ze haar beter. Daar won ze dit jaar in een belangrijke competitie vier van de zes disciplines en werd gekroond tot Queen of Crankworx. Beerten woont delen van het jaar in Los Angeles. Zij tekent volgende week een nieuw contract bij een Amerikaans professioneel team, voor twee seizoenen.

Anneke Beerten werd dit jaar voor de derde keer wereldkampioen fourcrossBeeld EPA

Rick van der Ven

Rick van der Ven (24), handboogschutter, verliezend WK-finalist in Kopenhagen, derde met team bij olympische testwedstrijd in Rio.

Ik verloor in Kopenhagen de finale van het WK van de Koreaan Woo-jun Kim. Ik ben blij met die zilveren medaille. Zo ver ben ik in een persoonlijke wedstrijd nog nooit gekomen. We hebben ons nu als land geplaatst voor de Olympische Spelen van Rio. We schieten komend jaar om drie plaatsen in de nationale ploeg. Anderhalve maand voor de Spelen moet dat beslist zijn.

'Dat er weinig publiciteit is rond zo'n WK, daar kan ik wel mee leven. Deze zilveren plak heeft best veel publiciteit opgeleverd hier in Brabant. Verder is het stil gebleven, stiller dan in 2012 toen ik bij de Spelen van Londen in een shoot-out het brons verspeelde. Ik sport voor mezelf, niet voor de aandacht van de buitenwereld. Elke dag lastig gevallen worden voor je sport is zwaar. Ik beantwoord eenmaal per twee maanden wat vragen van journalisten. Beter zo.'

De finale in Kopenhagen werd voor het tv-plaatje gehouden voor Slot Christiansborg, het gebouw van het Deense parlement. Het publiek dat langs loopt komt niet voor handboogschieten, maar ze stoppen wel even als ze zien wat wij aan het doen zijn. Dat vind ik een goede keus. 'In Rio krijgen onze wedstrijden ook een bijzondere locatie. We schieten in het Sambadromo, het stadion voor de sambagroepen van het carnaval. Twee maanden geleden was het nog een kale boel, met veel beton. Ik ga ervan uit er in Rio bij te zijn, maar je hoort mij niet zeggen dat ik olympisch kampioen word.'

Rick van der Ven werd tweede op het WK in Kopenhagen.Beeld ANP
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden