Interview Dani da Cruz Carvalho

Dani, de voormalige Portugese losbol van Ajax, is commentator bij het duel met Benfica: ‘Ajax is in mijn gedachten, in mijn hart’

Dani da Cruz Carvalho (42) was een hartendief met een fijn linkerbeen, 20 jaar geleden bij Ajax. Woensdag geeft hij voor de Portugese tv commentaar bij Benfica – Ajax.

Na een doelpunt tegen Udineze, 21 oktober 1997. Beeld Guus Dubbelman

Dani straalt als hij over Ajax praat. ‘Ajax is voor mij de glimlach. Het was de mooiste tijd van mijn voetballeven, met mijn beste spel. Mentaliteit, filosofie, identiteit, details, de mensen met wie ik werkte, vrienden; geweldig. De tijd vliegt, maar Ajax is in mijn gedachten, in mijn hart.’

Dani was middenvelder met een geweldig linkerbeen. Technisch en creatief. Zijn doelpunt in stadion Vicente Calderon tegen Atlético Madrid, dat Ajax in 1997 naar de halve finales van de Champions League bracht, heeft iconische waarde in het collectieve geheugen van supporters. Toch is dat schot van twintig meter, dat via de onderkant van de lat insloeg, half uit de draai, niet zijn eerste herinnering aan Ajax. ‘Ik denk eerder aan mensen. Spelers, trainers, de staf. David Endt (voormalig teammanager, perschef, vertrouwenspersoon, red.), zo lief en intelligent. Daarna komen wedstrijden, supporters. Ze herkennen me nog als ik wel eens in Amsterdam ben. ‘Hé, Dani’, roepen ze dan.’

Dani was veelbesproken in de huiskamers, ook door zijn aantrekkelijke uiterlijk. Nederlandse kinderen kregen zijn naam. Overal zijn Dani’s. Dani de Wit, in de huidige selectie van Ajax, is vernoemd. Dani lacht om het verhaal over de supermarkt in het dorp waar de verslaggever woont, waar een actie loopt met voetbalplaatjes. Een jongetje juichte uitbundig, toen hij een zakje opende met zijn eigen plaatje: Dani Groeneveld. Zijn moeder zei: ‘Mijn man wilde altijd een zoon met de naam Dani.’ De originele Dani: ‘Ik krijg kippenvel van dit soort verhalen. Ajax belde me dat de Playstationkampioen van de club ook Dani (Hagebeuk, red.) heet. Nostalgisch sentiment.’

Johan Cruijff vond vroeger als analist bij de NOS dat Dani altijd moest spelen. Danny, noemde hij hem, waarop de verslaggever corrigeerde: ‘Nee Johan, jouw vrouw heet Danny, de voetballer heet Dani.’

Leven met 300 km per uur

Dani, zoon van een professor in de filosofie en een arts, maakte ook faam als losbol en levensgenieter. Stapper pur sang. Hij had meer kunnen bereiken als voetballer, hoewel spijt hem vreemd is. ‘Altijd kreeg ik adviezen van oudere spelers. Als je jong bent, zijn er twee opties: je bent rijp genoeg, luistert en bent gefocust, of je luistert niet en doet wat je wilt. Ik ging mijn weg. Toen ik was gestopt met voetbal, op mijn 26ste, dacht ik na zes, zeven maanden: wow, dit is een andere manier van leven. Zo stil en rustig. Als ik als speler op mijn telefoon keek, had ik 20 gesprekken gemist en 200 berichten. Stapels brieven. Mijn leven ging met 300 kilometer per uur. Het was gekkenwerk. Het is moeilijk omgaan met al die aandacht.’

Veel jongens zouden zwelgen in al die vrouwelijke aandacht. ‘Maar je weet nooit of ze de voetballer Dani wilden of de persoon achter de voetballer. Als je daarover twijfelt, krijg je problemen met jezelf. En wie twijfelt aan zichzelf als persoon, zal ook twijfelen op het veld.’

Hij wilde geen weerstand bieden aan de verleidingen. Hij scoorde twee keer met het hoofd in één helft tegen Glasgow Rangers, in de Champions League. ‘De stemming in het spelershome was euforisch. Iedereen was daar: familie, vriendinnen, echtgenotes. Ik was alleen. Nee, ik had geen medelijden met mezelf, want ik was alleen in Amsterdam, hahaha. Iedereen vroeg: wat ga je doen om het te vieren? Het leven bestaat uit een aaneenschakeling van momenten. Dit was zo’n moment. Het was vaak alsof een klein, knagend dier in mijn hoofd zei dat ik nog wel even kon uitgaan.’

Melancholie

Hij ontdekte dat hij simpelweg van het leven wilde genieten. ‘Ik neem mijn hoed af voor voetballers die jong trouwen, kinderen krijgen, leven voor de sport en gelukkig zijn. Gefeliciteerd. Mijn ouders waren ook zo. Succesvol in hun werk. Ze hielden van elkaar. Zo is de epische film van het leven, maar zo loopt het niet altijd.’ Hij concludeert dat hij minder succesvol was dan anderen wilden dat hij was, maar hij was domweg gelukkig. ‘Niet iedereen kan hetzelfde zijn.’

Zijn moeder stierf in 2011 aan kanker. Dichter bij haar zijn was een van de redenen om vroegtijdig te stoppen met voetbal, bij Atlético Madrid. ‘Op haar sterfbed zei moeder dat ze blij was dat ik intens genoot van het leven. Zij was 56 toen ze stierf, na acht jaar ziekte. Haar leven lang had ze mensen geholpen als dokter, en toen ze langzamerhand ging nadenken over de toekomst, klopte de dood op de deur. Ze was niet blij met de manier waarop ik had geleefd, maar wel met mijn geluk.’

Nu is Dani getrouwd met een vrouw die geen flauw idee had wie hij was. Hij heeft twee niet-voetballende dochters. Ze doen aan ballet, zwemmen en taekwondo. Zijn moeder heeft de oudste dochter nog een paar maanden meegemaakt. ‘Het is triest, als geluk verdwijnt uit de bubbel. Ze zeggen dat tijd alle wonden heelt. Dat is niet zo, maar ik kan inmiddels over haar praten zonder te huilen. Het verdriet blijft. Saudade, noemen wij dat. Een Portugees woord waarvoor geen vertaling is. Melancholie, gemis.’

Melancholisch en enthousiast is hij over Ajax. ‘Ajax gaf spelers verantwoordelijkheid. Er werd naar ons geluisterd, onze mening deed ertoe. Op een gegeven moment wist je vanzelf dat het niet goed was als je drie risicovolle acties maakte, waarbij je twee keer de bal verloor. Het gaat om het vinden van balans. Bij Ajax leerde je dat, zeker met trainers als Van Gaal.’ Van Gaal was geweldig, oordeelt Dani. Open en communicatief. Terwijl Van Gaal de man van discipline was en Dani juist niet. ‘Hij wist dat ik ook zo was omdat het bij me hoorde, vanwege leeftijd, groeiende volwassenheid, persoonlijkheid en karakter. Ik plande gedrag niet, zoals te laat komen op de training. Het gebeurde soms gewoon.’

Dani is tegenwoordig voetbalcommentator. Beeld MMP

De volwassen Dani, nog steeds met dat donkere haar, de sprekende ogen en de trekken van een model, werkt voor TVI, de televisie in Portugal. Woensdag geeft hij met een collega commentaar bij de wedstrijd. Voor en na de wedstrijd analyseert hij. Voetbal is groot in Portugal. Volgens Dani is met name de infrastructuur verbeterd sinds het gewonnen EK in 2016. Portugal beseft net als Nederland dat het draait om opleiden. Maar ook Portugal kent zo zijn problemen.

‘Wij waren straatvoetballers’

‘Ook wij zijn de rauwheid van het straatvoetbal kwijt. Ronaldo heeft dat nog, Figo had het, Futre. Wij waren straatvoetballers. Trainers en scouts keken alleen naar talent. Klein, groot, maakte niet uit. Aan de rest konden ze werken. Tegenwoordig zie je ook in Portugal minder talent. Jongens die met 12, 13  jaar uit Afrika komen, hebben die rauwheid nog. Verder? Bernardo Silva van Manchester City is een uitzondering op de regel. Vroeger hadden we vijf, zes Bernardo Silva’s in het team onder 16. Nu eentje. Nu hebben we veel centrale verdedigers, vechters op het middenveld en fantastische links- en rechtsbacks. De fantasie van Bernardo Silva is zeldzaam geworden. Als voetballers rennen met de bal, kijken ze naar de grond, omdat ze de creatieve vrijheid kwijt zijn. Trainers vertellen wat te doen en wat te laten. Laat kinderen toch voetballen. Schiet de bal naar elkaar, dribbel, verlies de bal, verover hem terug. Laat ze hun weg vinden op het veld, zoals ze die ook in het leven zullen moeten vinden.’

Hij geniet van Matthijs de Ligt, Hakim Ziyech, Kasper Dolberg of Frenkie de Jong. ‘Ajax speelt zeer offensief, is jeugdig en toch volwassen. Hoe Tadic die bal aannam, afgelopen zaterdag tegen Willem II, voor de 2-0. Hij speelde naar Tagliafico. Die gaf een voorzet, waarna Neres de scorende De Jong vrij zette met een lichaamsbeweging. Dat is zo typisch Ajax. Dat deden we twintig jaar geleden precies hetzelfde. Toen David Neres zaterdag die opening forceerde, dacht ik meteen aan Jari Litmanen, die de bal liet gaan voor Danny Blind.’

CV

Daniel da Cruz Carvalho (‘Dani’) werd geboren op 2 november 1976 in Lissabon, als zoon van een professor in de filosofie en een arts. Hij doorliep de jeugdopleiding van Sporting Lissabon en debuteerde als 17-jarige in de A-selectie. Hij speelde 10 duels in het eerste. Vanwege nachtbraken werd hij als 19-jarige door Sporting uitgeleend aan West Ham United.

Kort daarop, in 1996, werd hij voor 1,5 miljoen euro gekocht door Ajax. Hij speelde in 4 jaar tijd 72 eredivisieduels en maakte 12 goals. Hij speelde 11 maal in de Champions League en scoorde 3 keer.

In 2000 vertrok hij naar Benfica waar hij slechts een half jaar bleef (5 duels, 0 goals). Vervolgens verkaste hij naar Atlético Madrid. In augustus 2003 werd zijn contract ontbonden. Dani stopte op 26-jarige leeftijd met profvoetbal. Hij speelde negen interlands voor Portugal.

Na zijn voetballoopbaan bekleedde Dani functies als makelaar en tv-presentator. Hij was directeur public relations van de T-Klube, een uitgaansgelegeheid in de Algarve. Ook volgde hij een acteursopleiding. Momenteel is hij analist bij de Portugese televisie.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.