Crisis? Een KWPN-paard blijft gewild

In de Nederlandse paardenfokkerij gaan miljoenen om. Het maakt de KWPN-hengstenkeuring tot een hippisch Idols...

den bosch Ruiters winnen geen medailles. Combinaties, ofwel man en paard tezamen, winnen medailles. ‘Zonder paard is een ruiter zoals u en ik’, haalt persman Jacob Melissen van de KWPN-hengstenkeuring maar weer eens een aloude misvatting aan in de Bossche Brabanthallen.

Het is woensdagmiddag en de volgers van de paardensport zijn in de schoolbanken ontboden door het Koninklijk Warmbloed Paardenstamboek Nederland. Het doel van het college: duidelijkheid scheppen over een wereld die meestal diep in de provincie verscholen wordt bedreven, maar waarin wel jaarlijks ruim 100 miljoen euro omgaat, en die aan talloze sportieve hippische successen heeft bijgedragen.

De grote waarde van de Nederlandse paardenfokkerij voor de topsport valt in één plaatje te vangen op het grote scherm. De medaillewinnaars bij het springen tijdens de laatste Olympische Spelen vertegenwoordigden alledrie een ander land (Canada, Zweden en de VS), maar de paarden die hen over de hindernissen leidden, stonden bij hun geboorte allemaal in Nederland ingeschreven. Ook al heetten ze toen vast geen Hickstead, Ninja of Authentic.

In de 60 jaar dat het KWPN – een verbond van 28 duizend fokkers die de hoogste kwaliteit paarden nastreven – zich op de markt roert, zijn de Nederlandse paarden over de hele wereld uitgezworven. De omzet is het tastbare bewijs van het succes. Maar de eer die ze krijgen toegezwaaid, motiveert de fokkers veel meer om tegen kleine baten door te gaan met veel zaaien. En hopelijk af en toe ook wat te oogsten, zegt KWPN-directeur Johan Knaap. ‘Miljonair word je als fokker niet. Dat wordt een handelaar misschien.’

Hoe dat dan gaat, als een KWPN-paard met zijn berijder een mooie prijs heeft gewonnen? Melissen vertelt met smaak hoe een ‘boertje’ via de telefoon wordt verwittigd van de prestatie van het dier dat hij als veulentje de deur uitdeed. De fokker in kwestie ontkent vrijwel altijd een paard met zo’n mondiaal goed bekkende naam het licht te hebben laten zien. Logisch, zegt Melissen. ‘De nieuwe eigenaar heeft het paard na de koop een andere naam gegeven.’

De fokkerij wordt bedreven in een wereld van hoop en misschien nog meer van vrees. In de Brabanthallen sneuvelen de illusies van vele fokkers, die hun inzending op een Idols -achtige wijze aan de kenners tonen. Van de 13 duizend veulens die per jaar worden geboren, worden er maar vijftig als KWPN-dekhengst goedgekeurd.

Een potje sperma doet zodoende al gauw 3.000 euro, blijkt bij de stands die in de hallen zijn opgesteld. Maar daarvoor krijgt de koper wel een ‘Porsche in wording’, zeggen ze bij KWPN. Minutieus wordt daarom geprobeerd op de wensen van de kopers in te spelen, door de lichamelijke eigenschappen van het paard zo gedetailleerd mogelijk te benoemen. In de toekomst moeten ook mentale vaardigheden als lui, moedig en trots kunnen worden voorspeld bij een paard van 3 jaar.

‘Topruiters willen niet in de olympische finale hoeven denken: wat doet mijn paard nu? Verrassingen in gedrag willen we zo veel mogelijk uitbannen.’ Met die woorden raakt Knaap een heikel punt over de grenzen van de fokkerij. Maar net als een ethische discussie los lijkt te komen, worden de journalisten meegetroond naar de zandbak waarin paard na paard aan het publiek wordt voorgesteld.

De voertaal is Engels. Voorlopig lijkt de wereldwijde financiële crisis nauwelijks vat te krijgen op de Nederlandse branche, die 85 procent van de paarden exporteert (15 procent blijft hier). De traditionele markten Noord- en Zuid-Amerika, Duitsland en Zwitserland blijven om Nederlandse dieren vragen. Voor het springen, de dressuur, en het mennen met name.

En dan is er sinds een paar jaar de hevige concurrentie van Rusland, Oost-Europa, het Verre Oosten en de Arabische wereld. Daar is geld geen probleem en nemen de rijkelui, net als de Amerikanen in de jaren tachtig, net zo lief nog twee paarden in de stal erbij terwijl ze aan tien ook genoeg hebben, zegt Emile Hendrix, die zich na een succesrijke carrière als springruiter op de handel heeft toegelegd.

Een KWPN-paard is als een voetballer uit de Ajax-jeugdopleiding of een renner uit de Continental-wielerploeg van Rabobank, zeggen ze bij het stamboek. Elegant, gemotiveerd, getalenteerd, zelfverzekerd. Na de olympische springfinale in Hongkong zag de Amerikaanse Beezie Madden (brons) de drie medaillewinnende paarden naast elkaar staan en merkte ze op: ‘Je kunt zo zien dat dit KWPN-paarden zijn.’

Het plaagstootje van Henk Visser, de voorzitter van het algemeen KWPN-bestuur: als het NOC*NSF alle KWPN-paarden als Nederlandse deelnemers zou hebben meegerekend, was de olympische medailledoelstelling met gemak gehaald.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.