Interview Peter Middendorp

Columnist en Emmenaar Peter Middendorp zag zijn geboortestad haar glorie terugwinnen

FC Emmen speelde voor het eerst een Eredivisieseizoen mee, een geweldige kans voor de normaal zo bescheiden Emmenaren. Peter Middendorp schreef een reeks columns over hét seizoen van dit ‘campingelftal’. ‘Voor het eerst zeggen mensen tegen me: kom je uit Emmen? Wat leuk.’

Peter Middendorp, schrijver en journalist. Beeld Aurélie Geurts

‘In het stadion durfden ze in het begin haast niet te klappen’, zegt columnist Peter Middendorp over de supporters van FC Emmen. ‘Maar aan het einde van het seizoen gingen ze helemaal los.’ Middendorp, geboren en getogen Emmenaar, volgde zijn oude voetbalclub tijdens het afgelopen seizoen van de Eredivisie – het eerste seizoen in het bestaan van de Drentse club dat ze op dit niveau mee mochten voetballen.

Week na week bleef het spannend of het bij dit ene seizoen zou blijven. En week na week zag Middendorp vanaf de perstribune het zelfvertrouwen van de supporters groeien. Tot FC Emmen het die zondag in mei flikte door te winnen van Willem II: ontsnapt aan de degradatie, nog een jaar Eredivisie. Niet gek, voor wat ze in de voetbalwereld het campingelftal noemden.

‘Overal waar ik nu kom in Nederland is er altijd iemand die tegen mij zegt: kom je uit Emmen? Wat doen ze het goed, wat leuk dat je uit Emmen komt.’ Dat is voor Emmenaren een nieuwe ervaring, zegt Middendorp. ‘Daarvoor was het, zo lang ik leef al: kom je uit Emmen? Wat verschrikkelijk, dat is toch een boerengat? Mensen zijn nu gewoon hartstikke trots en blij.’ Bij de laatste wedstrijden was er vuurwerk, muziek en waren er emotionele uitbarstingen, schreef hij in zijn laatste column.

Voor mijn gevoel overstijgt je reeks ook de sport. Het gaat vooral over een miskende regio die eindelijk een moment van glorie beleeft.

Middendorp lacht. ‘Zo is het. Het is een verhaal dat niet alleen in Emmen had kunnen spelen. Ik krijg soms berichten van mensen die van andere kleine clubs houden en zeggen: zo voel ik het ook. Het was ook de bedoeling om het zo te schrijven, vanuit mijn persoonlijke ervaring, dat anderen zich erin zouden kunnen herkennen. Als je hoort dat het ook zo heeft gewerkt, is dat eigenlijk het leukst.’

Het gevoel van miskendheid zit diep in Emmen, denkt de columnist. ‘In Emmen speelt het gevoel dat er over je heen gekeken wordt. Dat het nooit eens over jou gaat, zal ik maar zeggen. En áls het over jou gaat, is het altijd op basis van stereotyperingen. Dat cliché van Drenthe als boerengat is natuurlijk niet helemaal verzonnen, het blijft de periferie. Maar als er een Drent op tv komt, kunnen wij hem zelf niet eens verstaan. Dat is altijd een debiel met een fietsband om z’n nek en een overall aan. Naar zo’n type moet je bewust zoeken op straat.’

Waarom pikken journalisten die stereotype Drenten er dan altijd uit, denk je?

‘Nou, dat is wel interessant. Ik denk dat mensen van tevoren een beeld hebben van iets. En als ze dan ergens naartoe gaan, worden ze bevestigd in dat beeld. Dat is het snelst en het makkelijkst.’

Doe je dat zelf ook, als journalist?

‘Oh, ik heb dat vreselijk gedaan in het verleden. Dan ging ik naar Amsterdam-Zuid en ging ik precies de oude kakwijven zoeken. Niet bewust, maar dat deed ik wel. Als ik dat stuk achteraf teruglees, denk ik: dat had ik thuis ook kunnen schrijven. Ik heb er weken rondgelopen maar uiteindelijk is het een clichéverhaal geworden.’

Je bent vijf jaar geleden in deze krant geïnterviewd over je boek Vertrouwd Voordelig, over je jeugd boven de Blokker die je ouders runden in Emmen. Toen ben je bedreigd, omdat je te negatief over Drenthe zou hebben gesproken.

‘Ja, dat ontplofte na dat interview in het Volkskrant Magazine. Dat was gekkenhuis, het ging maar door. Weken achter elkaar stonden er stukken in de krant over.’ Die aandacht had Middendorp nooit verwacht. ‘Voordat ik werd geïnterviewd dacht ik: een roman over een Blokker in Emmen, dat valt dood. Straks gaat niemand het lezen. Ik moet in dat interview gewoon alle leuke grappen delen die ik weet, dacht ik. Ik zei bijvoorbeeld: Drenthe is het enige stukje op aarde waar in de hele geschiedenis nog nooit om is gevochten.’

Grappig.

‘Dat is ook gewoon een grap. Maar sommige mensen zijn die uitspraken letterlijk gaan nemen. Er waren wethouders die dat gingen uitzoeken. Die zeiden: ‘Nee, dat klopt niet. Want in dertien-zoveel was er de slag bij Ane.’ Dat bleek trouwens net in Overijssel te zijn gebeurd.’

Hij kan er om lachen nu, maar destijds kreeg Middendorp zelfs beveiliging bij de presentatie van zijn boek. ‘Toch wel eng ja. Er werd een keer aangebeld toen we zaten te eten, toen zag ik dat mijn vriendin eerst even uit het raam keek wie er voor de deur stond. Dat was het moment dat ik het echt vervelend begon te vinden.’

Bij terugkeer in Emmen was Middendorp op zijn hoede voor boze reacties, maar op één vervelende ontmoeting na bleken de Emmenaren geen wrok te koesteren. Hij beschrijft in een van de eerste columns nog een ontmoeting met de burgemeester van Emmen, wiens wethouder Middendorp ooit een oliebol had genoemd. Ook die kon er om lachen, en er lag alweer zand over het hele gedoe. ‘Het kan snel gaan bij ons’, schrijft Middendorp erover. ‘Het grappige was dat er bij de club ook wel mensen waren die mijn roman hadden gelezen en het wel een leuk boek vonden. Ze hadden er geen problemen mee. Ik dacht: die voetballers lezen natuurlijk niet, dat was mijn vooroordeel. Maar de voorzitter, de directeur, de trainer: allemaal hadden ze dat boek gelezen.’

Column Peter Middendorp: ‘Alleen voor aanvang was er even iets gebeurd dat ik vooraf al een beetje had gevreesd. Een grote sponsor uit de bouwwereld ging vlak voor me staan, de neus bijna tegen de mijne, en zei: ‘Ben jij die skriever die altied zo negatief over Emmen schrèf?’’

Je schreef in deze columns ook wel vooral positief over de Drenten, leek het.

‘Zelf heb ik moeite met het onderscheid tussen negatief en positief. Je schrijft gewoon je verhaal, wat jij vindt. Bewust positief is bijna nooit je intentie, maar er was ook geen reden om negatief te doen.

‘Ik heb wel bewust rekening gehouden met de mensen daar. Ik heb een tijd over het Binnenhof geschreven, dat pakte ik anders aan dan FC Emmen. Politici kunnen terugschrijven, die zijn in wezen veel sterker en machtiger dan jij. Dan heb je ook meer vrijheid, vind ik, dan als je voor een voetballer van 18 staat die heel emotioneel is. Die zegt: ‘godverdomme, wat een kuttrainer’, ofzo. Dat soort dingen heb ik bewust niet opgeschreven. Ik voelde een zekere loyaliteit in ruil voor hun openheid.’

Je columns gingen over sport, over Emmen, maar duidelijk ook over je vader, die een jaar geleden overleed – vlak voordat FC Emmen promoveerde. Je vader lag opgebaard in het crematorium dat achter het stadion van FC Emmen staat, waar je daarom steeds langsreed. Alsof het zo moest zijn.

‘Zo voelde het ook een beetje. Toen ik hoorde dat ze promoveerden, ik was net thuis na lange tijd, voelde het alsof er een bal de kamer in kwam rollen met mijn naam erop. Ik dacht: die is voor mij.’

Een van je vrienden zei aan het begin van het seizoen: het is ook een soort rouwverwerking, deze column. Hoe zie jij dat nu, een jaar verder?

‘Hij had gewoon dik gelijk. Het was ook een manier om aan somberheid te ontsnappen, denk ik, door iets te doen wat leuk is. Ik had niet altijd een goede relatie met mijn vader, maar er was één ding dat we deelden: de liefde voor sport. Ik had soms het gevoel dat ik zijn plek op de tribune voor hem warm hield. Ik ga een boekje maken van de columns en dat draag ik aan hem op. Dan is er nog iets leuks uitgekomen.’

En nu moet je afscheid nemen. Of heb je een van die seizoenskaarten kunnen bemachtigen die nu opeens zo populair zijn?

‘Nee, ha ha. Er staan iets van drieduizend mensen op de wachtlijst. Misschien dat ik, als ik aardig ben, nog een keer op de perstribune van het stadion mag zitten. Als die niet vol is.’

Columns van Peter Middendorp over FC Emmen:

De laatste column over FC Emmen: Fin
‘Op 15 mei (...) speelde FC Emmen de laatste wedstrijd van het seizoen, thuis tegen FC Groningen, nadat lijfsbehoud drie dagen eerder tegen Willem II al was veiliggesteld. Een toegift in de avondzon.’

Kon FC Emmen winnen of werd het een scenario à la Ajax?
‘Het was nog een klein halfuur spelen tegen Willem II – we hadden genoeg aan een gelijkspel voor directe handhaving, maar we stonden met 2-1 achter. Evengoed riep Niels Dijkhuizen op de radio: ‘Roep uw vrienden en uw familie! Zeg: zet Radio Drenthe aan. Want ik voel het gewoon: FC Emmen gaat het flikken vandaag!

Als je kans wil maken op echte blijdschap moet je de underdog supporten
‘Ik stond op de tegels tussen de hoofdtribune en het veld (...) en werd even getroffen door de melancholie van de zoon die zijn vader aan de zijlijn mist, en dat zal blijven doen.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden