Reportage Schaatsen

Chinese kampioenen kweken op Fries ijs

Nederland wordt overspoeld door Chinese schaatsers met olympische ambitie. Ze willen de kunst afkijken, met het oog op de Winterspelen in Beijing, over vier jaar. 

Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Het is opvallend stil in de Elfstedenhal in Leeuwarden. Terwijl het vroege ochtendlicht door de ramen naar binnen valt, klinkt alleen het knarsen van ijzers op het ijs. 27 jonge Chinezen rijden rondjes. Aan de rand van de baan staan Nederlandse trainers. Ze houden hun lippen op elkaar en coachen met gebaren. ‘Roepen heeft geen zin, want dat begrijpen ze toch niet’, zegt Arie Koops. ‘Mijn handen praten.’

De oud-technisch directeur van schaatsbond KNSB geeft leiding aan een trainingsgroep van het Chinese olympisch comité, samen met drie assistenten. Ze bekijken kritisch hoe de schaatsers over het ijs glijden. Het is pas de tweede keer dat ze de groep, die al bijna twee maanden in Nederland is, op een 400-meterbaan zien schaatsen. Een aantal schaatsers flitst met ogenschijnlijk gemak en een nette techniek door de hal, maar het merendeel laat slordige slagen zien.

Bij een goed uitgevoerde afzet hoort doorgaans alleen de droge tik van het klapmechanisme te klinken. De Chinezen laten hun ijzers knerpen, krassen en piepen. Als twee groepen bijna op elkaar botsen draait coach Robin Derks, vorig jaar nog werkzaam in Japan, met zijn ogen en lacht. Het ging maar net goed. Koops: ’Het verschil tussen de eerste en tweede training kan ik nu al zien. Maar ik vind het moeilijk in te schatten welk niveau ze kunnen halen.’

Inlopen in de hal in Leeuwarden. Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant
Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Ruwe diamant

De Chinezen hopen dat er een ruwe diamant schuilgaat in de groep, een toptalent dat het land over vier jaar olympisch goud kan bezorgen. In februari 2022 worden de Winterspelen in Beijing gehouden. China wil meedoen in het medailleklassement. Dat is een ambitieus streven. Sinds China’s eerste deelname aan de Winterspelen, in 1980, veroverde slechts één Chinese schaatser goud. Dat was Hong Zhang, die in Sotsji in 2014 de 1.000 meter bij de vrouwen won. In totaal werden slechts acht medailles veroverd in elf Winterspelen.

In het verleden haalde de Chinezen vooral Nederlandse kennis naar China: de coaches Sijtje van der Lende, Martin ten Hove en Peter Kolder hebben er gewerkt. Afgelopen voorjaar verkaste ook olympisch kampioen 10 kilometer Bob de Jong naar China. Maar dat vinden de Chinezen niet langer voldoende. De hulp wordt nu in Nederland gezocht. Circa honderd schaatsers hebben deze zomer hun weg naar vaderlandse ijsbanen gevonden.

Dat gebeurt met goedkeuring van de Chinese partijleiding. Koops reisde afgelopen zomer met Joop Alberda, voormalig technisch directeur van NOCNSF, naar China om een aantal presentaties te geven, onder meer aan sportminister Zhongweng Gou. Sindsdien is een kleine invasie op gang gekomen.

Technische tips van Arie Koops. Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant
Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Proefperiode

In Alkmaar verblijven sinds begin augustus 35 sporters van 15 tot 19 jaar. Er is afgesproken dat ze drie maanden blijven, een proefperiode. Het is een perfecte plek, vindt Koops, al vindt het schaatsen plaats in Leeuwarden zolang de kunstijsbaan in Alkmaar is gesloten. ‘We kunnen een eigen situatie creëren. Ze kunnen er shorttracken, want de shorttrackbaan is daar het hele jaar beschikbaar. We hebben ons eigen krachthonk opgebouwd bij de wielerbaan en we kunnen op rustige plekken fietsen, in de duinen en op het strand.’

De meeste Chinezen hebben geen ervaring met klapschaatsen. Het zijn skeeleraars en shorttrackers. De hoop is dat ze snel de overstap kunnen maken naar de langebaan. Als voorbeeld dienen Jorien ter Mors en Michel Mulder, de shorttrackster en skeeleraar die op de langebaan olympisch kampioen werden.

‘Als je genoeg aantallen hebt, neemt die kans toe’, zegt Koops die ook de Amerikaan Joey Mantia als voorbeeld ziet. Die skeeleraar werd in 2017 wereldkampioen op de massa-start, vier jaar na zijn debuut op kunstijs. ‘Mantia kon echt niet schaatsen. Deze sporters kunnen beter schaatsen dan hij de eerste keer.’

Krachttraining van de eigen, Chinese coach. Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant
Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Nabootsen

De Chinezen hebben bewust verschillende groepen schaatsers naar Nederland gestuurd. Vanuit het olympisch comité zijn shorttrackers en skeeleraars uitgezonden, maar de schaatsbond heeft ook eigen schaatsers op studiereis gestuurd. Koops: ‘Volgens mij proberen ze het concurrentiemodel, dat we in Nederland hebben, na te bootsen.’

Koops heeft het model, waaraan hij zelf jarenlang heeft geschaafd, de Chinese sportminister bij zijn presentatie voorgehouden. Hij vertelde dat het Nederlandse schaatssucces voortkomt uit de concurrentie tussen commerciële ploegen. Merkenteams zijn wellicht te kapitalistisch voor de Chinese sportbestuurders, maar ze hebben besloten dat de wedijver via de sportbonden wel kan worden geïmiteerd.

De Chinezen denken verder te profiteren van de trainingstechnische kennis van de Nederlandse coaches. Koops laat de schaatsers fietstrainingen met hartslagmeters doen. Zowel de fiets als de hartslagmeter wordt in China nauwelijks gebruikt. De trainingsmethoden zijn ouderwets. ‘We proberen nu ook grip op het trainingsprogramma te krijgen’, zegt Koops, die een bewegingswetenschapper van de VU aan zijn staf heeft toegevoegd.

Argusogen

De praktijk blijkt weerbarstig. Als de schaatstraining voorbij is, vertrekken de sporters naar een plein voor de ijsbaan. Daar doen ze krachtoefeningen met de meegereisde Chinese coach. De Nederlandse trainers volgen de training vanuit de kantine met argusogen – zij vinden de extra activiteit overbodig. Ze berusten in de wetenschap dat de Chinese trainingsgewoonten er niet in één keer uit te krijgen zijn. Als een groot gevaar voor de Nederlands medaillekansen in Beijing ziet Koops de grootscheepse hulp aan China vooralsnog niet. ‘Als Nederland op elke afstand een medaille wint, dan zijn er nog genoeg voor andere landen. En als Nederland niet harder rijdt, nou ja, dan is dat niet anders. Dat is topsport.’ 

Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Bijna honderd chinezen

De Chinese schaatsers hebben Nederland ontdekt. De afgelopen maanden was sprake van een kleine invasie. In totaal trainden een kleine honderd Chinese schaatsers voltijds op diverse ijsbanen. Nederland telt circa vijftig profschaatsers.

De groep van Arie Koops is met 27 schaatsers niet eens de grootste. De helft van die honderd schaatsers trainde afgelopen zomer in Thialf, onder de voormalig skeelerbondscoach Desly Hill. Zij begeleidde zes weken lang een groep van 35 schaatsers in opdracht van de Chinese schaatsbond. Van die groep blijven er de komende tijd 21 in Nederland trainen.

Oud-schaatsers Simon Kuipers en Sjoerd de Vries begeleiden een groep van 11 schaatsers. Die zijn uitgezonden door een regionale Chinese schaatsschool.

Oud-topschaatser Bob de Jong, sinds dit jaar assistent-coach bij de nationale Chinese ploeg, heeft afgelopen week ook een deel van zijn pupillen naar Nederland gebracht. Zijn rijders zullen mogelijk deelnemen aan marathonwedstrijden, in de B-divisie.

De kans bestaat dat er nog meer Chinezen naar Nederland komen. Het Chinese olympisch comité is in gesprek met Team LottoJumbo, de ploeg van Jac Orie, over samenwerking. Ook NOCNSF is in conclaaf met hun Chinese tegenhanger over een mogelijk uitwisselingsprogramma.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden