Chardon baalt van zilveren plak

IJsbrand Chardon had zaterdag in Aken goed de smoor in. De vierspanrijder deed niet eens zijn best om op het erepodium een beetje te stralen....

Chardon baalde, zoveel was wel duidelijk. Tweede achter Felix Marie Brasseur, dat hem dat moest overkomen. En dat die Belg hem tijdens de ereceremonie ook nog eens plaagde door hem de gouden medaille bijna letterlijk onder de neus te wrijven, maakte dat balen alleen nog maar erger. ‘Ik mag wel zeggen dat ik baal als een stekker.’

De titelverdediger was vol goede moed aan de finale van de strijd om de wereldtitel begonnen. Hij had een heel behoorlijke dressuurproef gedraaid en vervolgens geschitterd in de marathon zoals alleen hij dat kan. Zijn overwinning in de uithoudingsproef leverde hem de eerste plaats in het tussenklassement op. Chardon lag op schema.

Nu alleen nog de vaardigheidsproef, het slotonderdeel van de driedaagse. Wat kon hem eigenlijk nog gebeuren? De wereldtitel, zijn vierde alweer, was nagenoeg binnen.

Het was alleen zaak om zijn vierspan, geleid door linksvoor Argus en de brave rechtsbuiten Zidane, secuur door een aantal smalle poortjes te leiden en van de kegels (en het balletje op die kegels) ter weerszijden van die poortjes af te blijven.

Dat kon toch geen probleem zijn, dachten zijn vele fans en dacht Chardon zelf ook. Een routineklusje, meer niet. Het hele jaar al had hij met zijn vierspan geen kegeltje aangeraakt. Waarom zou dat nu in Aken, de stad waar hij al acht keer had getriomfeerd, wel gebeuren?

Zijn naaste concurrenten, de Zweed Eriksson en Brasseur, maakten geen fout en zetten daarmee Chardon toch enigszins onder druk. De onderlinge verschillen waren zo klein dat een misstap van een van zijn paarden of een stuurfoutje van hemzelf al fataal zou zijn. Chardon zat er niet echt mee. ‘Druk doet me niets. Ik kan wel tegen een stootje.’

Maar niet tegen het stootje dat Argus onverhoeds uitdeelde tijdens de kegeltjesproef. De linksvoor zette bij een van de poortjes een stap opzij, zonder dat daar enige aanleiding voor was. Chardon kreeg Argus wel weer in het gareel, maar het onheil was al geschied. De kegel ging om en weg was de wereldtitel.

Chardon begreep er werkelijk niets van. ‘Argus heeft me in al die jaren nooit in de steek gelaten, en dan nu dit. Ik was nota bene in bloedvorm, won alles wat er maar te winnen viel en ging echt voor de wereldtitel. Toen ik die kegel zag vallen, zakte ik door de grond. Ik wist meteen dat ik naar de titel kon fluiten en dat die Belg me te grazen had.’

Zijn supporters en de bemanning van zijn rijtuig weenden bittere tranen toen ze zagen hoe schlemielig hun vierspanheld de wereldtitel uit handen gaf. Zelf hield de menner het ook maar amper droog, maar na een uur was het leed wel zo’n beetje geleden. ‘Verliezen hoort bij de sport. Wie daar niet tegen kan, moet niet meedoen. Ik heb respect voor mijn tegenstanders. Ik ben niet de enige professional in het circuit en die andere jongens zijn er ook goed mee bezig.’

Chardon laat het er voorlopig niet bij zitten. ‘Ik ga hoe dan ook mijn gram halen.’ Hij richtte het vizier meteen op de toekomst. ‘Over twee jaar is het wereldkampioenschap in Nederland. Daar wil ik hoe dan ook bij zijn. De ‘drive’ blijft groot, ook na deze domper.’

Het zilver kon hem gestolen worden, maar de supermenner was wel weer in zijn nopjes met het brons dat hij met zijn teamgenoten Koos de Ronde en Theo Timmerman in het landentoernooi behaalde.

‘Dat is gewoon goed. Hier kan ik wel mee leven.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden