Burgerkleding PUCK VAN DUYNE-BROUWER TOPATLETE (1930-2006)

Puck van Duyne-Brouwer verspeelde een mogelijke gouden medaille door de Russische inval in Hongarije..

DOOR PETER BRUSSE

Puck van Duyne-Brouwer, op 6 oktober op 75-jarige leeftijd overleden, was topatlete die op de Olympische Spelen van 1952 in Helsinki zilver won op de 200 meter en vier jaar later, op Spelen van 1956 in Melbourne, gokte op goud. Maar ze moest terugkomen, omdat Nederland, samen met Spanje, onder Franco, als enig Europees land de Spelen boycotte uit protest tegen Sovjet-inval in Hongarije. Het was, schreven de christelijke en katholieke sportbonden, beneden de menselijke waardigheid om de ‘met bloed bevlekte Russische vlag door Nederlanders te doen eren’. NOC-voorzitter Hans Linthorst Homan, de initiatiefnemer van de boycot, stelde de retorische vraag of ‘na de cynische verkrachting van alles wat de mens heilig... het gaan naar Melbourne nog zin zou hebben.’

Dat viel verkeerd bij het kleine groepje atleten dat vooruit was gereisd en per telegram te horen kreeg: ‘Verlaat allen Olympisch dorp, zoek elders onderdak, draag burgerkleding; indien onmogelijk verwijder badge.’ Puck was razend en boze brievenschrijvers wensten dat zij onder een Russische tank kwam te liggen.

Zij keerde via Amerika, waar zij voor het eerst in haar leven een koelkast zag, terug naar Nederland en heeft nadien nooit meer een stap op de sintelbaan gezet.

Zij werd in Leidschendam geboren, haar vader was een sportfanaat, zij niet. Maar toen zij in de cinema op het Polygoon-journaal zag hoe Fanny Blankers-Koen op de Spelen van Londen vier gouden medailles won, ‘ging er in mij een vlammetje branden’. Zij werd – 18 jaar oud – lid van Celebes en nog geen jaar later mocht ze meedoen in de interland tegen Frankrijk. Ze kreeg een telefoontje op haar werk – zij was stenotypiste op een handelskantoor – met de vraag of ze vrij kon krijgen, een paspoort had, en over een uur op station Hollands Spoor kon zijn.

Ook naar Helsinki mocht ze op het laatste nippertje mee. Ze deelde de kamer met Fanny die ziek werd van een steenpuist. Puck verzorgde haar. Alles leek te mislukken tot Puck verrassend op de 200 meter de eer redde. ‘Het oranje betekende veel voor me’. Huilend had ze gesmeekt om mee te mogen lopen in het openingsdefilé. Haar trainer had haar willen beschermen, De volgende dag moest ze al lopen.

Ze trouwde met Jan van Duyne, een werktuigbouwkundige en verhuisde naar Vlaardingen, naast de sintelbaan. Ze trainde, maar nooit overmatig. Zij leek voorbestemd Fanny op te volgen, zij was mooi, poseerde als fotomodel, at veel bonbons en zei tegen Kees Kooman, biograaf van Fanny Blankers-Koen, over de topatletes van nu: ‘Het ziet er heel sexy uit. En wat hadden wij aan onder ons trainingspak? Een soort Volendammer kostuum dat nog jeukte ook.’

Zij wilde na ‘het onrecht van Melbourne’ niet omzien in wrok. ‘Ik had toch willen stoppen, want ik had gezegd: “eerst Melbourne, dan baren”.’ Ze kreeg twee zonen, ‘mijn gouden medailles.’ Zij bleef onrustig en ongedurig. Zij lieten een groot huis bouwen in Oostvoorne, in de bossen, maar plotseling wilde Puck naar Leidschendam, haar geboorteplaats. ‘Ik kon het niet uithouden, ik voelde me eenzaam.’ Maar snel waren ze terug in Oostvoorne, een nieuw huis. Puck wilde onder de mensen zijn, als reisleidster naar de bollen en Volendam, maar ook als opgewekte verzorgster van bejaarden, vrienden en buren voor wie zij karbonades bakte. Ze was altijd smetteloos gekleed, het liefst in een roze pak , op roze hoge hakken. ‘Ja, ik ga ervoor.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden