Buitenspel is buitenspel. Ook voor Messi

Ze vormen de onmisbare schakels in Team Kuipers: de assistent-scheidsrechters Sander van Roekel en Erwin Zeinstra. Deze week wees de UEFA het team aan voor het EK voetbal in Frankrijk. Een flapuit en een nuchtere Fries over vlaggen aan de wereldtop.

Iwan Tol
Erwin Zeinstra (links) is de tweede assistent en loopt aan de 'overkant'. Sander van Roekel is Kuipers' vaste eerste assistent en bewaakt de zijlijn voor de dug-out. Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant
Erwin Zeinstra (links) is de tweede assistent en loopt aan de 'overkant'. Sander van Roekel is Kuipers' vaste eerste assistent en bewaakt de zijlijn voor de dug-out.Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

'Als wij Ajax - Feyenoord leiden, weet iedereen: Björn Kuipers fluit. Maar dat wij zijn assistenten zijn, weten hooguit onze vrouwen.' Sander van Roekel beseft dat zijn rol in de voetbalwedstrijd een anonieme is, maar heeft er geen moeite mee. Integendeel. 'Als ik tijdens die wedstrijd een fout maak, kan ik de volgende dag rustig gaan winkelen in de Kalverstraat. Niemand die mij herkent.'

Sander van Roekel (41) en Erwin Zeinstra (39) zijn de assistenten van Björn Kuipers. Hun verantwoordelijk is groot: één verkeerd vlagsignaal, één moment van onoplettendheid kan miljoenen kosten.

Samen reizen ze de hele wereld over. Ze vormden onder meer het arbitrale trio bij de Champions Leaguefinale in 2014 (Real Madrid - Atlético Madrid), de Europa Leaguefinale in 2013 (Chelsea - Benfica) en de Confederations Cup in datzelfde jaar (Spanje - Brazilië). Nu maken ze zich op voor het EK in Frankrijk. De UEFA bevestigde deze week hun aanstelling.

Wie zijn ze, deze toch vooral anonieme schakels?

Ideale assistent

Sander van Roekel woont in Ede, is getrouwd en vader van twee dochters. Erwin Zeinstra woont in het Friese Dronryp, samen met zijn vrouw en zoon. Van Roekel is de eerste assistent, Zeinstra de tweede. Het betekent onder meer dat Van Roekel aan de kant vlagt waar de dug-outs staan. 'Ik hou wel van een beetje levendigheid om me heen', zegt hij.

Zeinstra vindt het juist weer prettig aan de overkant, zonder 'al die poespas' van trainers en warmlopende spelers. Het tekent de karakterverschillen tussen de twee: Van Roekel is volgens zijn collega 'de flapuit'. Zeinstra noemt zichzelf 'een nuchtere Fries'.

Ooit was het hun droom scheidsrechter te worden. Van Roekel floot hoofdklasse, Zeinstra maakte in 2002 zijn debuut bij Haarlem - Helmond Sport. Verder dan dat kwamen ze nooit. 'Als ik die laatste stap wilde maken, moest ik meer brutaliteit tonen', zegt Zeinstra. 'Ik heb het geprobeerd, maar het zat niet in me. Ik kan geen andere Erwin zijn.'

Zijn afkomst speelde daarbij ook een rol, vermoedt hij. 'Wij Friezen zijn zwart-wit. Goed is goed, fout is fout. Maar als topscheidsrechter moet je je juist soepeltjes door een wedstrijd heen kunnen bewegen. De ene keer een speler verbaal aanpakken, de andere keer juist een grapje maken. Dat losse heb ik niet.'

Voor Van Roekel geldt min of meer hetzelfde. Tijdens een training in Zeist, ergens in 2003, zei Björn Kuipers tegen hem: 'Weet je Sander, jij zou de ideale assistent kunnen zijn'. Hij snapte meteen wat Kuipers bedoelde. 'Ik hoef op een feestje niet voorop in de polonaise te lopen. Zet mij in een hoekje en ik vermaak me prima.'

Sander van Roekel en Erwin Zeinstra. Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant
Sander van Roekel en Erwin Zeinstra.Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

Leraar economie

Sinds 2011 vormen ze het zogeheten 'Team Kuipers'. Ze voelen elkaar feilloos aan, ook buiten het veld. Van Roekel: 'We zijn alle drie van dezelfde leeftijd, hebben jonge kinderen. Björn en ik zijn zelfs op dezelfde dag jarig. En nog gekker: ook onze vrouwen zijn tegelijk jarig. Kwamen we bij toeval achter. Op weg naar een wedstrijd vroeg Björn een keer: 'En, heb je nog wat leuks gedaan vandaag? Gebak gehaald, antwoordde ik, Olga is jarig. Hij zei: dat méén je niet!'

Het vlaggen combineren ze met een vaste baan. Zeinstra werkt 28 uur per week als assistent-controller bij een schoonmaakbedrijf, Van Roekel is drie dagen per week leraar economie op een vmbo in Velp. Toen hij daar in 2011 solliciteerde, zei hij meteen tegen de directeur: 'Ik moet een keer of tien per jaar naar het buitenland om te vlaggen. Als ik een oproep krijg, dan ga ik.'

Het bleek voor de schoolleiding geen beletsel hem aan te nemen. 'De afspraak is dat ik alle lessen geef. Dat wil ik zelf ook, zeker bij examenklassen. Het rooster is alleen flexibel. De ene week krijgen ze vier keer economie, de andere week nul keer.'

Soms hoort hij leerlingen klagen. 'Zeggen ze: die Van Roekel is er nooit. Of ze moeten door de veranderde lestijden hun bijbaantje afzeggen.' Maar over het algemeen valt het mee. 'Als ik grensrechter bij het dammen was, zouden ze misschien zeggen: daar gaat-ie weer. Nu vragen leerlingen: 'Meneer, u heeft Messi een hand gegeven hè? Mag ik uw hand? Dan ga ik die niet meer wassen.'

Gemankeerd familieleven

Hun leven klinkt geweldig. Maar pas op, tegenover het vrije leven van reizen en vlaggen staat wel een gemankeerd familieleven. 'Mijn zoon wordt deze zomer 6', vertelt Zeinstra. 'Tot nu heb ik zijn verjaardag één keer meegemaakt.'

Team Kuipers bestaat bij internationale wedstrijden uit zes man, omdat er behalve de vierde official ook nog twee scheidsrechters op de achterlijn staan. Vroeger gingen ze in het buitenland weleens overdag de stad in. Dat kan tegenwoordig niet meer. 'Björn is te bekend geworden', verklaart Van Roekel.

Bij eredivisiewedstrijden mogen scheidsrechters en assistenten één persoon meenemen. Bij Zeinstra is dat meestal zijn vrouw. 'Zij is gek van voetbal, heeft er echt kijk op.' De echtgenoot van Van Roekel geeft juist weer nauwelijks iets om voetbal. 'Ze kijkt de opkomst om te zien of ik daadwerkelijk ben aangekomen, maar gaat daarna andere dingen doen'. Meestal neemt Van Roekel zijn vader mee. De enige restrictie die hij hem meegeeft is dat hij niet mag juichen voor een club. 'Als hij gaat juichen voor, pakweg, PSV, waar is de assistent-scheidsrechter dan voor?'

Heeft hij zelf een favoriete club? Geheimzinnig lachje: 'Natuurlijk. Als scheidsrechters weten we onderling precies wie voor wie is. Maar het is heel simpel: als de desbetreffende club verliest, heb ik geen slecht weekend. Als ik een fout maak als assistent, wel. We houden het professioneel.'

Team Kuipers in voorbereiding op het WK in Brazilië. Beeld anp
Team Kuipers in voorbereiding op het WK in Brazilië.Beeld anp

Vlag

Hun belangrijkste instrument, de vlag, zit in de tas bij Kuipers. Hij neemt haar voor elke wedstrijd mee. De assistenten hebben elk hun eigen vlag. Die van Van Roekel is bij het handvat versleten. Het exemplaar van Zeinstra is uit duizenden te herkennen aan een veiligheidsspeld. 'Mijn vlag wil nog weleens van de stok af. Met zo'n speld voorkom je dat. Dat geeft me een gevoel van zekerheid.'

Via een headset staat het arbitrale trio met elkaar in verbinding. Mocht de verbinding wegvallen, dan is er altijd nog het trilsignaal. Zeinstra: 'Als Björn me niet kan horen, dan kan hij me in elk geval voelen.' De assistenten noteren ook alle gele en rode kaarten. Vandaar dat Zeinstra ook standaard een potlood bij zich heeft. Let wel, géén pen. 'Een potlood schrijft namelijk ook als het regent.'

Uiterlijk anderhalf uur voor de aftrap van een wedstrijd verzamelen ze zich in het stadion, liefst een half uur eerder. In Nederland drinkt Team Kuipers eerst nog een kop koffie in de bestuurskamer, bij internationale wedstrijden gaan ze meteen naar de kleedkamer. De inspectie van het veld noemt Zeinstra zijn 'genietmoment'. 'Dan besef ik: daar sta ik toch maar mooi als jongen uit Dronryp.'

Wedstrijdverloop

Vlak voor het begin geven ze elkaar nog een high five. 'Scherp blijven! Succes mannen!' Daarna halen de assistenten de teams op en volgt de noppen- en sieradencontrole. Herkennen de spelers hen? 'Nee, ik denk niet dat Messi weet wie Sander van Roekel is. Dat is voor hem totaal niet interessant. Voor mij is het leuk als hij voorbij komt, maar daarna is het: buitenspel is buitenspel. Ook voor Messi.'

Wat hem het meest is bijgebleven is een voorval met Cristiano Ronaldo. 'Mensen zeggen altijd dat hij zo'n arrogante kwast is. Wij hadden een wedstrijd van Real Madrid in Moskou. Alle spelers kwamen voorbij, met handschoenen aan, want het was koud. Hij was de enige die speciaal zijn handschoenen uit deed voordat hij ons de hand schudde. Dan denk ik: jij deugt, wat een goeie gozer ben je dan.'

De meeste spelers zijn gehaaider geworden. Bij elke vermeende buitenspelsituatie gaat hun hand omhoog. 'Maar dat doen ze altijd wanneer de bal al is gespeeld. Dan heb ik mijn beslissing reeds genomen. Het is totaal zinloos wat ze doen', zegt Van Roekel.

Reacties van het publiek spelen evenmin een rol. Van Roekel: 'Je hoort het nauwelijks, al heb je in elk stadion altijd wel één gek die de hele wedstrijd op je loopt te foeteren. Dat is vervelender. Je kunt beter door een heel vak worden uitgefloten dan dat zo'n individu met je bezig is. Ik maak er geen spelletje van, ga geen knipoog geven of zo. Dan ben je er te veel mee bezig.'

Van het wedstrijdverloop krijgen ze weinig mee. Zeinstra: 'Mijn vrouw zegt na afloop weleens: het was niet best hè? Dan denk ik: joh, ik heb het smoordruk gehad. Je beleeft het op een heel andere manier.'

Een van de beste teams ter wereld

Op een enkel dieptepunt na (Zeinstra: 'Chelsea - Paris SG was niet onze beste wedstrijd') gelden ze al jaren als een van de beste teams ter wereld. Deze zomer gaan ze naar het EK in Frankrijk, al moeten ze in april nog de conditietest doorstaan.

Die van de assistenten bestaat uit een shuttleruntest, waarbij er zijwaarts minimaal 12,5 kilometer per uur moet worden gehaald en sprintend 16 kilometer. Omdat het Nederlands elftal er niet bij is dit jaar, vormt dat - zoals op het WK in 2014 - in elk geval geen beletsel voor de finale.

Kuipers mag nog door tot het WK 2018. Daarna denkt Van Roekel dat het voor hem wel mooi is geweest, internationaal gezien. Zeinstra wil nog wel een jaar of tien door. 'Als die net zo mooi worden als de tien jaar die achter me liggen, teken ik daarvoor.'

Op zolder, in zijn huis in Dronryp, heeft Zeinstra tientallen shirts liggen die hij als aandenken meekreeg na belangrijke wedstrijden. Van Roekel is daar wat minder zorgvuldig mee. 'Vaak zijn het fanshopshirts of vaantjes, pennetjes, weet ik het allemaal. Een half jaar geleden ben ik op een zaterdag naar de stort gegaan, alles weggegooid. Alleen heel speciale dingen bewaar ik. De rest gaat naar een neefje of een collega van mijn vrouw. Zij zijn er veel blijer mee dan ik.'

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden