Bos spaart zich niet in zelfanalyse

Wielrennen..

Van onze verslaggever Mark Misérus

Scheldeprijs

Schoten Als de onvermijdelijke vergelijking met zijn vorige wielerleven valt, verschijnt een grijns op het gezicht van Theo Bos. Eigenlijk is er helemaal niet zo veel verschil tussen wielrennen op de baan en op de weg, legt hij voor de start van de Scheldeprijs uit.

Een sprintfinale is een sprintfinale, zegt Bos. Of je nu met een rivaal moet afrekenen, zoals hij op de piste gewend was, of een heel peloton op de weg achter je moet laten, de beste krijgt volgens hem wat hij verdient.

Na vijf uur koersen kondigt die finale zich aan in de straten van Schoten. Het wordt een sprintersbal waarmee alle grote namen zich bemoeien, met de Amerikaan Tyler Farrar als winnaar. Bos kan geen vuist maken en eindigt als 31ste.

Hij had er ’s ochtends al voor gewaarschuwd. De benen kunnen nog zo snel zijn, om ze te kunnen gebruiken moet Bos eerst tot in de finale geraken. De aanloop ernaartoe overleeft hij woensdag probleemloos, maar in de laatste 3 kilometer van de semiklassieker schakelt hij zichzelf uit. Hij weet meteen dat het gedaan is met zijn kansen op een overwinning. ‘Op 3 kilometer voor het einde moet je op je plek zitten. Dan is de sprint al gemaakt. Maar ik zat niet op mijn plaats’, zegt Bos.

De zelfanalyse klinkt hard. Hij komt gewoonweg tekort om een rol van betekenis te kunnen spelen tussen de sprinters met een veel langere erelijst, zegt hij. En een tempoversnelling, zoals Tom Boonen, heeft hij ook al niet in de benen.

Nog niet, als het aan Bos ligt. ‘Ik probeer nu zo zuinig mogelijk naar voren te komen. Daarom moet ik sterker worden. Dan dwing je ook vanzelf wat meer geluk af’, zegt hij.

Het is zoals op de baan, vertelt Bos. Toen was er ook een tijd waarin hij fysiek vaak net tekort kwam om een rol te kunnen spelen bij het verdelen van de prijzen. ‘Daar heb ik me ook doorheen geslagen. En toen het ging lopen, ging het ook goed lopen.’

In weinig doet Bos (26) tegenwoordig nog denken aan de drievoudig wereldkampioen achtervolging. Maar de piste zal nog wel even zijn enige referentiekader blijven. Hij weet niet beter. Ander vergelijkingsmateriaal hoopt hij in de komende jaren snel te vergaren.

Om te kunnen leren, zal Bos eerst het verleden moeten kunnen vergeten. Waar hij op de baan blind kon varen op zijn ervaring en intuïtie, bleef na zijn omschakeling naar wegrenner vorig jaar alleen het laatste over.

Bij zijn ploeg Cervélo kunnen ze daarom nog zoveel in zijn oortje roepen. Maar wie vertelt Bos met welke versnelling hij een spurt moet aangaan of hoe hij moet leren remmen in volle sprint? Bos heeft het meeste zelf moeten ontdekken. Eigenlijk doet hij maar wat, zegt hij met een glimlach.

Niettemin bevestigen zijn resultaten dit seizoen zijn gelijk. De progressie van de Nederlander is niemand ontgaan. In Spanje versloeg hij in februari Mark Cavendish en een paar dagen later Graeme Brown in de sprint. Vooral die eerste zege werd hoog aangeslagen, ook door Bos zelf.

De Brit was weliswaar ver verwijderd van zijn topvorm, maar zijn Nederlandse rivaal telde de overwinning hardop mee. Het was hem gelukt, sneller dan gedacht, zijn voorbeeld verslaan. Als hij ook maar een fractie van de erelijst van Cavendish bijeen kan rijden, is hij meer dan tevreden, keek hij deze week vooruit.

Voorlopig wordt vooral geduld van hem gevraagd. Bos was op de wielerbaan een tijdlang vrijwel onverslaanbaar. Op de weg heeft hij moeten leren dat het na een overwinning langer duurt voordat de volgende zich mogelijk aandient. ‘Hij heeft geen haast. Maar hij wil alles wel ontzettend graag’, zegt zijn ploegleider Jean-Paul van Poppel.

De oud-sprinter is gecharmeerd van Bos. Hij prijst niet alleen de moeilijke omschakeling die hij goed heeft verteerd en waardoor hij zeven kilo moest kwijtraken, maar herkent ook een mentaliteit die een topspurter eigen is. ‘Hij is een echte killer.’

Zondag mag Bos door het wegvallen van twee ploegmaats zelfs debuteren in Parijs-Roubaix. Hij zal er in dienst van de kopmannen moeten rijden. Maar zijn voornaamste taak is z’n eerste 258 kilometer te overleven om eindelijk kennis te kunnen maken met een hem onbekende wielerbaan.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden