Reportage Surinaamse Elftal

Bondscoach Dean Gorré droomt nog altijd van WK voetbal met Suriname

Volgende maand stort het Surinaams elftal zich op de Nations League. Het moet voor de ploeg van bondscoach Dean Gorré, die zich voorbereidt in Nederland, het begin zijn van de lange weg naar het WK in Qatar.

Bondscoach Dean Gorre (in het groen) zingt voorafgaand aan Telstar-Suriname mee met het Surinaams volkslied, dat gespeeld wordt door een saxofonist. Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

Het is een lastig verhaal, dat van Suriname en plaatsing voor het WK van 2022 in Qatar. Het elftal van bondscoach Dean Gorré moet zich richten op de WK-eindpoule van de Concacaf-zone. De drie beste landen − meestal Mexico, VS en Costa Rica − plaatsen zich rechtstreeks voor het eindtoernooi. De nummer vier speelt play-offs tegen de winnaar van het kwalificatietoernooi voor de andere Noord- en Midden-Amerikaanse landen.

Suriname kent al lang de hunkering om eens aan een WK deel te nemen. Dit najaar staan er voor de ploeg van Gorré zes wedstrijden in de Nations League op het programma, die indirect invloed hebben op plaatsing voor het mondiale toernooi. Ze kunnen punten opleveren voor de Fifa-ranglijst. Op basis daarvan wordt weer geloot voor de kwalificatiepoules. Op 5 september is het eerste duel, in de Dominicaanse Republiek. Andere tegenstanders zijn Nicaragua en St. Vincent en de Grenadines.

Ter voorbereiding belegt het Surinaams elftal deze weken een trainingskamp in Badhoevedorp, op het complex van SV Pancratius. Het speelde oefenwedstrijden tegen eerstedivisionisten Almere City en, dinsdagavond, Telstar. Donderdag is nog een oefenduel met hoofdklasser Leonidas.

Supporters van het Surinaamse elftal in het Telstarstadion.

Hoopvol man

Ook vorige zomer kwam de nationale selectie naar Nederland voor een serie oefenwedstrijden die kansloos verloren ging. Gorré was nog maar net in functie. Een jaar verder is de bondscoach een hoopvol man, ook al heeft hij zijn selectie niet compleet vanwege clubverplichtingen van enkele spelers. ‘Het zijn allemaal piepjonge gasten. Die moeten meedogenlozer en slimmer worden. Dan zijn ze tot alles in staat.’

Gorré heeft een voetbalverleden bij Ajax én Feyenoord. Sinds een jaar woont hij permanent in zijn geboortestad Paramaribo. Hij houdt nog steeds de optie open om over meer spelers uit de Europese competities te kunnen beschikken. ‘De dubbele nationaliteit is voor Surinaamse voetballers vrijwel onhaalbaar. Ik heb daar met politici over gesproken en volgens hen schept het een precedent. Je kunt niet voor één beroepsgroep een uitzondering maken.’

Invoering van het sportpaspoort is wel een mogelijkheid, denkt Gorré. Met zo’n document wordt voorkomen dat een speler na een interland voor Suriname meteen zijn Nederlandse paspoort moet inleveren. Spelers met een ouder of grootouders in Suriname en in het bezit van een Surinaams paspoort zouden in aanmerking komen. ‘Dat zou wat zijn, man! Als dat erdoor komt, maken we in één klap een prima kans op het eindtoernooi in Qatar. Dan kunnen we selecteren uit ruim 150 Europese profs met Surinaamse roots.’

Veel hangt af van de grillige Surinaamse politiek. Volgend jaar mei zal het bij de parlementsverkiezingen ongetwijfeld fraaie beloftes regenen. Maar Gorré durft niet op het sportpaspoort te rekenen. Sinds vorige zomer ligt zijn prioriteit bij de opbouw van een stabiele selectie.

De barbecue na de wedstrijd tussen Telstar en Suriname.

Buitenlands contract

De invoering van een Surinaamse profleague komend seizoen moet ook het niveau opkrikken. Maar de beste voetballers maken nog steeds pas echt progressie wanneer ze in het buitenland acteren. De huidige selectie telt inmiddels een handvol fullprofs, die uitkomen in landen als Jamaica, Trinidad en Slowakije. Als het aan Gorré ligt, slepen meer internationals een buitenlands contract in de wacht.

Spelersmakelaar Humphrey Nijman, die onder meer Liverpool-vedette Georginio Wijnaldum adviseert, ziet daar wel wat in. ‘Scouts genoeg op de tribune als het nationale team hier speelt. Maar het is nog een kunst om ze in Europa onder te brengen. Elk land hanteert andere regelingen voor spelers van buiten de Europese Unie. De KNVB is heel streng, in België is het makkelijker.’

Tijdens de vorige oefentrip in Nederland maakte de razendsnelle spits Ivenzo Comvalius indruk met spectaculaire acties. Hij liep vervolgens stage bij Almere City, maar kwam niet in aanmerking voor een contract. Een speler van buiten de EU moet een bovenmodaal jaarsalaris (vanaf 225 duizend euro) krijgen. Dat ging Almere City veel te ver. Een poging om hem aan de Nederlandse nationaliteit te helpen mislukte.

Na verschillende omzwervingen tekende de 22-jarige Comvalius vorige maand een driejarig contract bij het Slowaakse AS Trencin van eigenaar en oud-Ajacied Tscheu La Ling. Hij kreeg deze maand geen vrijaf voor de nationale ploeg en werd bij zijn debuut direct uitgeroepen tot man of the match.

Dit jaar aast linkerspits Gleofilo Vlijter (19) op zo’n transfer. Hij speelde het afgelopen seizoen al voor het Israëlische Kir Shmona en kon bij Torpedo Kutaisi in Georgië een lucratief contract tekenen. ‘Dat heb ik toch maar niet gedaan. De coach wilde me voor drie jaar vastleggen, maar daarvoor moest ik wel een flink deel van het beloofde salaris inleveren. Dan maar niet. Hier in Nederland wil ik wat laten zien. Dan komen andere clubs vanzelf.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden