Bondscoach aan voet van de berg Ararat

Henk Wisman is bondscoach van een bijzonder land. Armenië is zaterdag een van de laatste opponenten die de mars van Oranje naar de WK-eindronde kunnen onderbreken....

De geschiedenis verheft zich letterlijk boven voetbaltrainer Henk Wisman. Kijkt hij op van zijn trainingen, dan ziet hij de eeuwige sneeuw op de berg Ararat, waar Noach volgens de bijbel na de Zondvloed vastliep met zijn Ark en nieuw leven begon.

Dichterbij, op een paar honderd meter van de bezwete lijven, een meter of twintig hoger dan het trainingsveld, wijst een gespleten, naaldachtige piramide naar de hemel; de naald hoort bij het Museum van de Genocide, waar Armenië de volkerenmoord op naar schatting anderhalf miljoen landgenoten herdenkt.

Buiten spreekt Wisman trainerstaal. 'Stop. Go. Wait.' 2-0. Ín het museum ligt een tekst van de schrijver Anatol France, opgetekend in 1916, een jaar na het begin van de volkerenmoord: 'Armenië sterft, maar zal overleven. Uit dat beetje bloed dat overblijft, wordt een nieuwe generatie geboren. Een land dat niet wil sterven, zál niet sterven.'

De genocide van Armeniërs op Turks grondgebied voltrok zich in relatieve stilte, want Europa was druk met de Eerste Wereldoorlog. Wisman weet inmiddels dat de ontberingen het volk hebben gevormd. 'Armeniërs zijn trots, door alles wat ze hebben meegemaakt. In omringende landen wonen veel meer Armeniërs dan in het land zelf. Dat zegt genoeg over hoe zwaar het is geweest.'

Hij is nog niet in het museum geweest, maar wel naar een tentoonstelling over de genocide. Ook een voetbaltrainer kan de geschiedenis niet negeren.

Wismans eerste vraag voor zijn aanstelling was welk geloof Armenië aanhangt. Toen hij hoorde dat dat het christendom is, was dit een opluchting voor hem. Het vergemakkelijkte zijn werk. Armenië is een enclave van christenen tussen landen met miljoenen belijdende moslims: Iran, Azerbeidjan, Turkije.

Wat hij ook wilde weten: waarom was de Fransman Casoni ontslagen na de interland tegen Nederland, in maart? Vanwege luiheid, zo bleek. 'Ik hoorde dat Casoni drie dagen voor de wedstrijd overkwam uit Frankrijk, twee keer trainde en na de wedstrijd meteen was verdwenen. Hij had verder geen binding en kwam eigenlijk alleen zijn geld ophalen.'

De bond wilde een vent die structuur zou aanbrengen. En de bond kwam bij Wisman terecht omdat hij beschikbaar was, een Nederlander gewenst was, Ajax-scout Pronk (die het talent Manoetsarjan naar Amsterdam haalde) voor hem pleitte en de Amsterdammer bij Volendam en Den Bosch had geleerd met bescheiden middelen te werken.

Wisman is erg druk, want hij en assistent Johan Steur trainen ook de topclub van het land, FC Pjoenik. Met de nationale ploeg heeft hij twee keer verloren in de kwalificatie en het duel met het Nederlands elftal is 'extra pikant', omdat het bij een zege de plaatsing voor de eindronde zeer dicht nadert.

Op de training van woensdag, terwijl de temperatuur 's ochtends om tien uur naar de dertig graden klimt, schiet Steur, de wonderbaarlijke technicus van voorheen Volendam, een bal achter zijn standbeen langs. Vinden ze mooi, de Armeniërs. Wisman observeert en praat.

In en rond het museum, even verderop, klinkt treurmuziek. Er hangen foto's van massagraven, van mannen die zijn opgehangen, van deportaties en door honger uitgemergelde mensen. Onder een vitrine ligt een afschrift van een bevel van het Turkse ministerie om alle Armeniërs in Turkije uit te roeien. 'Aan hun bestaan moet een einde worden gemaakt.'

Armenië, zo zegt gids Avetik Melik-Sargsjan, hoopt dat Turkije schuld bekent, maar de Turken geven geen sjoege. Avetiks vader werd in 1920 geboren op een achter paarden gespannen kar, terwijl zijn familie op de vlucht was uit Kars, tegenwoordig in Turkije. Zijn grootouders zijn vermoord.

Velen erkennen het Armeense leed. Jeltsin, Poetin, Leen van Dijke en tal van anderen plantten een boom, in het park rond het museum. Paus Johannes Paulus II droeg in 2001 de mis op en liet optekenen: 'Gedenk, o Heer, hoe de zonen en dochters van dit land hebben geleden, en spreek uw zegen uit over Armenië.'

Charles Aznavour zong het Ave Maria. De chansonnier is een van de velen met Armeens bloed die in de diaspora zijn uitgezworven over de wereld. Agassi, Sylvie Vartan, Prost, Kasparov, Cher, door hun aderen stroomt Armeens bloed.

Slechts eentiende van het grondgebied dat eens Armeens was, is dat nog. Wisman, bondscoach van een land met ruim drie miljoen inwoners: 'Daarom hameren we op zaken als het collectief en fitheid. Anders zijn we kansloos.'

De prijs voor het avontuur is soms hoog. Zijn kinderen keerden vorige week terug naar Zwanenburg, na vijf weken vakantie in hoofdstad Jerevan. Zijn zoontje van 6 was de douane al voorbij toen hij terugrende om zijn vader huilend een laatste kus te geven.

De Turkse grenswacht keek raar op toen Avetik Melik-Sargsjan na een bezoek aan Kars water en zand had meegenomen uit het land van zijn voorvaders. 'Het is nog zout water ook', zei de grenswacht.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden