Blijft Gangneung goudmijn voor Nederland?

Op het ijs van Gangneung was het succes van de Nederlandse schaatsers op de WK afstanden ongeëvenaard. Over een jaar zijn er de Winterspelen. Behaalde resultaten zijn geen garantie voor de toekomst.

De Nederlandse vrouwen tijdens de ploegenachtervolging op de afgelopen WK afstanden. Nederland won goud. Beeld EPA

Het regende gouden medailles op de olympische ijsbaan van Gangneung. Met acht gouden medailles, drie zilveren en vier bronzen was het succes van Nederland bij de WK afstanden groter dan ooit.

In het Zuid-Koreaanse Gangneung behaalde de nationale ploeg achtmaal goud door twee zeges van Kramer (5 en 10 kilometer), twee van Kjeld Nuis (1.000 en 1.500 meter), twee op de achtervolging, een van Jan Smeekens (500 meter) en een van Ireen Wüst (3.000 meter). Een negende gouden medaille, voor Ireen Wüst op de 1.500 meter, of de tiende, voor Irene Schouten op de massastart, bleek niet haalbaar. Wüst werd tweede op eentiende van een seconde; favoriet Schouten viel bij een kamikazeactie in de slotronde.

Er werd wat gegrimlacht. Wüst zei dat zij 90 procent van haar doelen had gehaald. Het was voor haar twee goud (3.000 meter plus ploegenachtervolging) en één zilver (1.500 meter) geworden. De altijd overambitieuze rijdster hield zich voor dat het volgend jaar, bij de Olympische Spelen op dezelfde baan, anders kan zijn. Dan wil ze de volle mep incasseren.

Goldrush

De medailleoogst werd alom een goldrush genoemd. Het deed denken aan de onvoorstelbaar goed verlopen Olympische Winterspelen van Sotsji in 2014, toen de nationale ploeg ook met acht gouden medailles vertrok. In totaal werden daar 23 medailles veroverd op de langebaan (plus een in het shorttrack).

Een herhaling van dat succes is onmogelijk, sprak chef de mission Jeroen Bijl van NOC*NSF deze week. NOC*NSF noemt sinds kort geen streefgetal meer. Voorheen was het doel altijd een medaille meer veroveren dan bij de vorige Spelen. Het zou voor volgend jaar '24 plus 1' hebben betekend. 25 van de 42 medailles: dat lijkt te gortig, al kunnen de shorttrackers bij de komende Winterspelen wellicht meer medailles veroveren dan de enkele van Sjinkie Knegt drie jaar geleden. Zij ontwikkelen zich redelijk sensationeel.

Het leeuwendeel van de oogst zal opnieuw van de langebaan komen. De mannen hebben normaliter de grootste inbreng. Het team van coach Jac Orie telde drie individuele winnaars (Smeekens, Nuis, Kramer) met vijf titels, plus de man (Douwe de Vries) die het nationale drietal naar de negende wereldtitel ploegachtervolging sleepte. De Vries (34) is een rijder die in de nadagen van zijn loopbaan steeds beter wordt.

Dagkoersen

De mannen wonnen tien medailles, de vrouwen de helft. Volgend jaar kan dat, als Jorien ter Mors weer fit is, weer meer naar elkaar kruipen. De tweevoudige wereldkampioene van vorig jaar (1.000 en 1.500 meter) wist haar titels niet te prolongeren.

De technisch directeur van de schaatsbond, Arie Koops, liet zich voorzichtig uit over de oogst van volgend jaar. 'Het is als dagkoersen. De ene dag is de andere niet', sprak hij met een verwijzing naar de beurs.

Hij waarschuwde dat schaatsers en fans zich 'niet rijk moeten rekenen'. Koops: 'Dit zegt niks. Het laat slechts zien dat een aantal coaches en sporters goed kunnen pieken. Het olympisch jaar wordt geen copy-paste van dit seizoen. We moeten het allerbeste beentje voorzetten om het beste schaatsland van de wereld te worden.'

Daarna wees hij op de concurrenten. De Amerikaanse topper Brittany Bowe was geveld door een hersenschudding. De Russische wereldrecordhouder 500 meter, Pavel Koelizjnikov, liet het seizoen om diverse redenen lopen. De Koreanen worden beter, net als de Japanners. De Spelen van Gangneung zijn geen gelopen koers voor Nederland, al wekt de gouden regen van afgelopen weekeinde die indruk wellicht wel.

Dubbelslag

Een wereldtitel is niet vaak een opmaat tot een olympische titel. Sinds de WK afstanden worden verreden, 1996, zijn de WK afstanden vijfmaal voorafgegaan aan de Winterspelen. Bij de mannen kwam de dubbelslag 6 van de 25 keer voor, bij de vrouwen 10 van de 25 keer.

Op drie afstanden (500, 1.00 en 1.500 meter) is het nooit voorgekomen dat de wereldkampioen ook de olympische titel veroverde. Al te hoge olympische verwachtingen hoeven Jan Smeekens en Kjeld Nuis dus niet te ontlenen aan hun wereldtitels op de 500, 1.000 en 1.500 meter.

Op de stayersafstanden komt de dubbelslag wel geregeld voor. Zowel op de 5 als 10 kilometer is het driemaal voorgekomen. Sven Kramer deed het tweemaal op de 5 kilometer, het lukte Bob de Jong en Jorrit Bergsma op de 10 kilometer.

Bij de vrouwen is het op alle vijf afstanden tweemaal voorgekomen dat de wereldkampioen ook olympisch kampioen werd. Het lukte Ireen Wüst op de 3 kilometer en Marianne Timmer op de 1.000 meter.

Geen garantie

Een succesvol pre-olympisch WK afstanden is geen garantie voor geslaagde Winterspelen. Sinds de invoering van die WK in 1996 zijn er twaalf maanden voor de Spelen vijf WK's gehouden. Tweemaal werden er bij de Spelen meer medailles gewonnen (in 2002 en 2014), tweemaal minder (1998 en 2010) en eenmaal evenveel (2006).

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden