Interview Scheidsrechter Björn Kuipers

Björn Kuipers, een van de beste scheidsrechters: ‘de boeman zijn is ook ons vak’

De videoarbiter (VAR) maakt het voetbal schoner. Minder overtredingen, minder kaarten, minder simulatie. Maar de discussie blijft verhit. Scheidsrechter Björn Kuipers over regels, fouten en misverstanden. ‘Uiteindelijk ben ik de baas.’

Scheidsrechter Bjorn Kuipers geeft rood aan Feyenoord-speler Jeremiah St Juste. Beeld ANP

Onderweg van ­Amsterdam naar thuis in Twente draaide Björn ­Kuipers zijn telefoon om, met het beeldscherm omlaag. Zijn zoontje van 8 zat naast hem in de auto en kon het apparaat bijna zien trillen van opwinding.

Kuipers’ mobiele nummer was gedeeld op sociale media. Zijn toestel was in recordtijd met 2.500 berichten gevuld na Ajax - Feyenoord. Hij was in tientallen groepen toegevoegd. Mensen wilden even schelden. Een voicemail vol gebral. Verzoeken om op Facetime te verschijnen. Met lichte spot: ‘Want Kuipers had de Klassieker verpest met een rode kaart voor St. Juste na ruim vijf minuten.’

Zijn zoontje zei: ‘Papa, dit is toch niet meer normaal.’ Vader antwoordde: ‘Nee jongen, dat is niet normaal.’

Nu: ‘Ik heb me nooit onveilig gevoeld, maar je kunt je voorstellen wat er ­gebeurt als je nummer terechtkomt bij de harde kern van Feyenoord.’ De politie van Rotterdam nam de zaak hoog op. Het onderzoek loopt nog, ook naar d­egene die het telefoonnummer lekte. Kuipers heeft inmiddels een nieuw ­nummer.

‘De boeman zijn, is ook ons vak’, zegt Kuipers (45) over het harde, soms subjectieve (media)spel rond de arbitrage. ‘We kunnen niet voor iedereen de juiste beslissing nemen. Toch is het vak nog leuk. Geweldig zelfs.’

De Klassieker: Scheidsrechter Björn Kuipers raadpleegt het videoscherm en besluit de gele kaart die hij Feyenoorder Jeremiah St. Juste aanvankelijk gaf te veranderen in een rode kaart. Beeld ANP Pro Shots

Overgeven van spanning

Stress? Nee, die voelde Kuipers alleen in het begin van zijn loopbaan. Zijn eerste wedstrijd Telstar - Eindhoven zal hij nooit vergeten, in 2002. ‘Ik was enorm zenuwachtig. Na de warming-up ging ik naar binnen om over te geven van spanning. Het ging slecht. Het belangrijkste was vertrouwen, geloof in mezelf. Dat was niet stabiel. Ik ben afgemaakt in het begin.’

Nu hij een van de besten is en niet ­alleen van Nederland, daalt opnieuw kritiek op hem neer. Bijvoorbeeld toen hij een strafschop gaf aan FC Utrecht ­tegen NAC, waarbij hij de videoarbiter negeerde. Kuipers heeft te veel vertrouwen in zichzelf, luidt de kritiek. Hij is groot in het buitenland en heeft moeite met de motivatie als hij afdaalt naar ­Nederland.

Dergelijke kritiek doet hem pijn: ‘Het is suggestief. Ik voel me niet te groot, voor niets of niemand. Ik heb een olifantenhuid, maar die negativiteit is niet leuk. Als je terecht wordt afgebrand, moet je daarmee leven. Dat is ons vak. Maar critici weten vaak niet wat écht gaande is.’

Terwijl hij de laptop opent om zijn verhaal met beelden te illustreren, beantwoordt Kuipers een vraag over zijn veelzijdigheid. Hij is eigenaar van een supermarkt in Oldenzaal, nadat hij twee winkels verkocht. Die ene is al tachtig jaar familiebedrijf. ‘Die is niet te koop.’

Supermarkt Kuipers, sinds 1937, maakte destijds reclame met de leus ‘Kuipers onbetwist de grootste vleeswarenspecialist.’ Het was geen goedkope winkel, maar de service was ongekend. Je kon er zelfs een halve bloemkool kopen als je wilde. De klant was en is koning. De service van Kuipers ging later samen met het agressieve prijsbeleid van C1000. ‘Dat legde ons geen windeieren.’

Zijn dochter en zoon, 13 en 8, vinden de supermarkt hartstikke leuk. ‘Maar ze moeten later zelf uitmaken of ze er willen werken.’ Kuipers had zelf ook de vrije keus. Hij mocht studeren, bedrijfskunde in Nijmegen, en een jaar naar Indonesië. Hij houdt nu lezingen, is te aanschouwen in een theatertour en reist de wereld rond als scheidsrechter. Zijn zoon wil ook fluiten, ondanks de onvriendelijkheden op de telefoon van zijn vader.

Kuipers laat het cruciale moment zien dat zijn populariteit aantastte, omdat hij zich niets aantrok van de videoarbiter. Kuipers stelt dat hij verdediger Menno Koch van NAC al vier keer had gewaarschuwd, omdat hij steeds tegenstanders vasthield. Kuipers stond goed opgesteld en gaf dus een strafschop. ‘De VAR zegt dan: onjuiste beslissing, ik wil dat je gaat kijken.’ Dat gebeurt op de monitor langs de zijlijn. ‘Dat doe ik dus en ik blijf bij mijn beslissing. Daarover zijn mensen het niet eens.’

Dus toen kwam de kritiek in praatshows en in columns. ‘Weet je wie bij mij in de kleedkamer is geweest om uitleg te vragen? Niemand, terwijl wij alles toelichten op verzoek.’

Hij heeft beelden van de overtreding van Menno Koch op Simon Gustafson gezien, uit een andere hoek. ‘Hij trekt hem gewoon achterover. Ik vind het ook een makkelijke penalty, maar het is een ­strafschop op basis van de beelden die ik zag. Daarom ben ik destijds gebleven bij mijn beslissing. Ik maakte geen clear and obvious mistake, zoals dat heet. Geen overduidelijke fout.’

Coach Giovanni van Bronckhorst van Feyenoord protesteert tegen de rode kaart voor Jeremiah St. Juste. Ajax wint met 3-0 in de eredivisie van Feyenoord. Beeld ANP

Onderbrekingen

De videoarbiter mag de scheidsrechter alleen wijzen op een mogelijk foute beslissing als het echt nodig is. De scheidsrechter neemt uiteindelijk het besluit. ‘We moeten niet te veel interventies hebben. Laat het voetbal het voetbal blijven. Dat is mijn boodschap. Wij maken allemaal fouten en dat blijft ook zo.

‘De VAR haalt niet alle fouten uit het voetbal. Dat ik arrogant zou zijn en me te groot zou wanen voor deze competitie: niets is minder waar. Ik werk snoeihard voor elke wedstrijd, of het nu Napoli - Paris SG is of AZ - De Graafschap. Dat ben ik ook verplicht, na twee EK’s, twee WK’s, negen internationale finales en al die andere wedstrijden. Ik ben niet foutloos, ondanks al die wedstrijden, ondanks Team Kuipers waarop ik trots ben.’

Hij heeft drie teams. Thuis, met vrouw en kinderen. In de supermarkt. Op het veld. ‘Ik word veel gevraagd voor lezingen, waarin ik raakvlakken laat zien tussen ondernemerschap en leidinggeven in het veld. Het grootste verschil is de ­factor tijd bij een cruciale beslissing. Ik heb twee jaar nagedacht of ik die twee winkels zou verkopen, maar ik moet in een paar seconden beslissen: geel of rood, penalty ja of nee.’

Nooit zal hij vergeten dat Polen in blessuretijd 2-1 maakte tegen Montenegro, voor het WK van 2014. Beslissende wedstrijd. Polen naar het WK. Of toch niet? ‘Mijn assistent Erwin Zeinstra zei dat ik moest fluiten, want het was buitenspel. Ik zeg: ‘Nee joh.’ Hij weer: ja, ­fluiten. Ik keur het doelpunt dus af. Dat was zo spannend. We lopen van het veld af en ik zeg tegen Erwin: ik hoop dat je gelijk had. Iedereen stond rond de tv in de catacomben voor de herhaling. Het was buitenspel. Dat moment had onze loopbaan kunnen breken.’

Dat was vóór de videoarbiter. Voorheen was het sneu als de scheidsrechter een belangrijke fout maakte. Maar ja, dat kon gebeuren, want hij was alleen met zijn assistenten. Nu groeit onbegrip als de arbitrage met behulp van beelden ­anders besluit dan de goegemeente denkt of hoopt.

Kuipers is sowieso in de publiciteit, de laatste weken. De Braziliaan Neymar, met wie hij tijdens het WK een akkefietje had, brieste onlangs na Napoli - PSG dat Kuipers geen respect voor hem toonde. Hij mag daarop geen openlijk commentaar geven van de Uefa. Hij laat alleen weten dat geen enkel woord van respectloosheid is geuit. Alle communicatie is opgenomen en ligt bij de Uefa.

Op wereldniveau is de uniformiteit rond de videoarbiter al aardig geregeld, stelt Kuipers, al ontstond bijvoorbeeld onvrede over de handsbal van de Kroaat Perisic in de WK-finale tegen Frankrijk.

Scheidsrechter Pitana gaf Frankrijk een strafschop na langdurige consultatie van de beelden. Kuipers, vierde man bij de finale: ‘De regel rond hands wordt anders. Als jij de bal straks tegen je hand krijgt, onopzettelijk, opzettelijk of wat dan ook, en je brengt jezelf daarmee in balbezit, dan is het altijd hands. Dat is het voorstel van de spelregelcommissie. Hands is het moeilijkst te beoordelen.’

De discussie over de VAR ontplofte rond de Klassieker Ajax - Feyenoord. Eerst gaf Jens Toornstra een gemene trap op de kuit van Frenkie de Jong. Hij kreeg geel, geen rood. Daarna schopte ­Jeremiah St. Juste Ajacied Nicolas ­Tagliafico. Kuipers gaf eerst geel en toen, op advies van de videoarbiter, rood aan St. Juste. Het publiek vond: dan had Toornstra toch ook rood verdiend?

Kuipers: ‘De kern is: de videoscheidsrechter grijpt alleen in bij overduidelijke fouten en dat op drie raakvlakken: strafschoppen, rode kaarten en het nakijken van elk doelpunt. Van al het andere ­moeten we afblijven. De scheidsrechter blijft altijd de baas op het veld. Het is zijn wedstrijd, zijn beslissing.’

Slow motion

‘Als ik direct rood had gegeven na twee minuten, kill ik de wedstrijd meteen. En wat had de VAR gedaan? Was het honderd procent foutief als ik rood had gegeven aan Toornstra? Nee. Was geel honderd procent fout? Ook nee. De VAR greep niet in na mijn gele kaart. Danny Makkelie (de VAR) steunde mij bij deze beslissing. Het is belangrijk dat iedereen goed weet wanneer de VAR ingrijpt. Als je die overtreding van Toornstra in slow motion ziet, is het rood. Bij normale snelheid is het wat ongelukkig. Toornstra trekt zijn been terug en drukt de noppen niet echt in het been. Hij schrok zelf ook een beetje. Daarom greep Makkelie niet in na die gele kaart.’

Verbetering is mogelijk. ‘We moeten nog leren. Wanneer grijpen we in, wanneer niet? En als we ingrijpen, moet de communicatie tussen VAR en scheidsrechter goed zijn. De scheidsrechter moet de juiste beelden zien, zodat hij op basis daarvan een beslissing kan nemen.’

De onderlinge communicatie laten horen in het stadion, mag van hem. ‘Ik sta daarvoor open, maar er zijn ook jonge scheidsrechters die het al lastig genoeg vinden om achter dat scherm te zitten en de knop in te drukken. Weet je hoe moeilijk is om ze op te leiden? Wij zijn pas begonnen.’

Hij noemt cijfers: twintig ingrepen op het WK in Rusland. twintig keer een beslissing gecorrigeerd. Elke ingreep een verbetering. Van die twintig liefst achttien in de groepsfase. Vanaf de achtste finales waren er dus nauwelijks ingrepen. ‘Dat zegt iets over het niveau van de arbitrage, over betere arbiters en betere VARs in de latere fasen van het toernooi.’

Nog meer cijfers uit competities waar de VAR is ingevoerd van een seminar in Madrid, twee weken geleden. Gemiddeld één ingreep per drie duels. Oponthoud: gemiddeld één minuut. Bijna 10 procent minder overtredingen, 15 procent minder gele kaarten, 6,4 procent minder rode kaarten, 19 procent minder protesten, 43 procent minder simulatie.

‘Dat betekent dat het voetbal schoner wordt. Grove overtredingen met blessures tot gevolg horen niet op het voetbalveld. Ik ben aangesteld om de veiligheid te waarborgen. We kunnen blijven zeiken: had hij hier niet moeten ingrijpen? Klopt. We maken fouten, maar we moeten het positief zien. De VAR is fantastisch, omdat hij helpt op momenten dat jij in een positie staat dat je het niet hebt kunnen zien, of omdat je een cruciale fout hebt gemaakt. De VAR gooit je dan een parachute toe die je leven kan redden. Maar de discussie zal niet verdwijnen.’

20 keer VAR

 20 keer is op het WK in Rusland een beroep gedaan op de VAR, waarvan achttien keer in de groepsfase. 

Var in voetbalcompetities

10 procent minder overtredingen, 15 procent minder gele kaarten, 6,4 procent minder rode kaarten, 19 procent minder protesten en 43 procent minder simulatie in voetbalcompetities waar de VAR is ingevoerd. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.