Bernabeu gaat uit zijn dak voor Ronaldinho

Een waardige reactie op pure magie. Dat was de 59ste minuut van de Spaanse Clasico, die zaterdag in een eclatante overwinning voor Barcelona eindigde (0-3)....

Van onze verslaggever Iñaki Oñorbe Genovesi

Zelfs de Braziliaanse spits had na afloop moeite om het historische moment te bevatten, zijn blijdschap onder woorden te brengen voor iets dat hij nooit meer kan vergeten. Een speler van Barcelona die een staande ovatie krijgt in het stadion van de aartsrivaal.

Alleen de allergrootsten is een dergelijke toejuiching gegund. Twee keer eerder gebeurde het ook pas in de jarenlange reeks ontmoetingen tussen beide grootmachten. Johan Cruijff was de eerste die in Madrid de handen op elkaar kreeg, na de onvergetelijke 0-5 in het seizoen 1973-‘74. Het seizoen dat El Salvador de Catalanen voorgoed van hun minderwaardigheidcomplex afhielp. Diego Maradona was de laatste, op een memorabele 26 juni 1983. De dag dat Pluisje zelfs zijn eigen schaduw in de luren legde om in de finale van de Spaanse Liga-beker te scoren.

Ruim 22 jaar later mocht Ronaldinho zich laven aan de toejuichingen van tienduizenden Madridistas. Vlak bij de middenlijn, aan de linkerkant van het veld, kreeg hij de bal door zijn ploeggenoot Deco toegespeeld. Hij begon te rennen, schudde Real-verdediger Ramos van zich af, rende het strafschopgebied in, zette verdediger Helguera opzij en schoot vervolgens genadeloos langs een verbouwereerde doelman Casillas.

Applaus, applaus, applaus voor Barcelona’s nummer 10. Die keek slechts in extase richting hemel. Ronaldinho bedankte als altijd eerst zijn overleden vader. En liet zich toen in de armen van zijn dolgelukkige ploeggenoten vallen. Gracias Dinho!

Een sprint van vijftig meter, zes balcontacten, twee kapbewegingen en een hard en droog schot. Het zijn de droge feiten van Ronaldinho’s flitsende actie. De losse componenten die samen aan de basis stonden van Barcelona’s tweede doelpunt. Maar die achterelkaar bezien de weergaloze truc van een tovenaar vormden. Een tovenaar op gouden schoenen.

Dat beseften ook de Real-fans. Dat begrepen ook de verslagen Real-verdedigers Ramos en Helguera. Ongelovig keken ze elkaar secondelang aan. Troost puttend uit de klaterende ovatie vanaf de tribunes voor hun tegenstander. Niemand had Ronaldinho kunnen tegenhouden.

Maar nog was Ronaldinho niet tevreden. Dus goochelde hij achttien minuten later opnieuw een wonder tevoorschijn. Het zoveelste argument waarom hij en niemand anders de beste is. Waarom de aanvaller met de grote glimlach over ruim een week de Gouden Bal in ontvangst zal nemen als Europa’s nummer één.

Opnieuw sprintte Ronaldinho bijna het halve veld over, snelde hij langs back Ramos en passeerde hij keeper Casillas. Opnieuw stonden de toeschouwers juichend voor hem op de banken. En schreef Ronaldinho geschiedenis met zijn zoveelste ingeving vol schoonheid, snelheid en technisch vernuft.

Voor even vergaten de Madridistas hun scheldpartijen voor Barça-spits Eto’o. Als een verrader was hij verwelkomd. Omdat de Kameroener met een Real-verleden voor Barcelona had gekozen. Omdat Eto’o tijdens Barcelona’s kampioensfeest Real ook nog eens had durven beledigen.

Voor even jouwden de Real-fans hun eigen falende Galacticos niet uit. De hoofdrol was weggelegd voor Ronaldinho. De Braziliaanse tovenaar van het Bernabeu-stadion.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden