Berga verrast alle andere ‘bikkels’

‘Bikkels’ worden ze genoemd, de marathonschaatsers die elkaar wekelijks treffen in hun uitputtingsslag op het ijs. Met zijn tengere lichaamsbouw en jongensachtige gezicht heeft de nieuwe kampioen van Nederland, Ingmar Berga, niet het voorkomen van een echte ‘bikkel’, maar hij vindt zelf dat hij er wel een is....

‘Ik voel me een bikkel’, zei hij na zijn verrassende triomf op de Jaap Edenbaan in Amsterdam. ‘Omdat ik het fijn vind om af te zien en onder moeilijke omstandigheden strijd te leveren. En omdat ik het gevecht met de gevestigde namen wil aangaan.’

Juist gisteren deed het 22-jarige talent uit Hoogeveen het anders dan hij gewend is te doen. Hij liet het gevecht om een beslissende voorsprong aan de ploegen van favoriet en drievoudig kampioen Jan Maarten Heideman en titelverdediger Arjan Smit om krachten te sparen voor de onvermijdelijke massasprint. Daarin bleef hij Arjan Stroetinga en Heideman net voor.

Het zijn de mannen met permanente Elfstedenkoorts. Mannen die blijven dromen van de nachtelijke start in donker Leeuwarden, van zwart ijs op het Sneekermeer en van bevroren schotsen op de door krakend riet omzoomde Finkumervaart.

Mannen die de plekken waar bij Franeker gekluund moet worden zelfs in de zomer bezoeken en voorbij het bruggetje bij Bartlehiem in korte broek langs de Bonkevaart fietsen om het Elfstedengevoel levend te houden. Mannen die ’s winters de signalen van de natuur uitleggen als tekens van hoop op de Elfstedentocht die nu alweer tien jaar op zich laat wachten.

Elk rondje op geolied kunstijs is een training om sterker te worden voor de Tocht der Tochten. Elke wedstrijd moet helpen om uiteindelijk de ontberingen op verstild Fries water te kunnen doorstaan.

Maar ver weg van de winter zei gisteren Erik Hulzebosch, de nummer twee van de laatste Elfstedentocht, na een middag vol met de klimatologische chagrijn van regen en straffe wind: ‘Dit is goed voor suikerbieten, niet voor marathonschaatsers.’

Het was de onthutsende werkelijkheid voor de mannen voor wie de 150 rondjes over de gepolijste ijsvloer altijd surrogaat zal blijven, maar waarvan de laatste Elfstedentochtwinnaar Henk Angenent, na zijn val in de voorlaatste ronde, desalniettemin zei: ‘Voor mij mag dit kampioenschap voortaan altijd op overdekte banen worden gehouden.’

‘Zou hij dat ook gezegd hebben als hij had gewonnen?’, vroeg winnaar Berga zich naderhand af. ‘Ik denk het wel’, zei Hulzebosch. ‘We zitten niet te wachten op regen, maar op kou. Ik wil weer schaatsen op natuurijs. Het zal er dit jaar weer niet van komen, denk ik, dus moeten we ons maar richten op de paar wedstrijden die nog volgen in Zweden en op de Weissensee.’

Ingmar Berga kent die hunkering naar natuurijs niet en bleek ongevoelig voor de snel dalende Elfstedenkoorts. Tot dusver hebben zijn optredens op bevroren water hem meer problemen dan plezier verschaft. Hij is een typisch product van het kunstijs, die als langebaanschaatser doordrong tot Jong Oranje. In de zomer deed hij succesvol aan skeeleren, maar toen de toenmalige bondscoach hem opdroeg zijn zomersport eraan te geven bedankte hij en koos voor het marathonschaatsen.

‘Ik ben iemand die heel hard moet trainen om goed te kunnen presteren. Dus voel ik me lekker bij de combinatie van de marathon en het skeeleren.’ Deze winter ondervond hij veel hinder van een rugblessure. ‘Schaatsen ging niet meer en zelfs lopen kostte me moeite. Ik heb zelfs de zesdaagse moeten laten schieten. Dat zijn in mijn sportbeleving wel zes gemiste kansen op een zege. Op 16 december heb ik een injectie gehad en sindsdien gaat het weer zoals het moet.’

Hij deed in de titelstrijd van gisteren wat ze allemaal deden: zich richten op Jan Maarten Heideman, die al 68 marathonzeges op zijn naam heeft. Of zoals uitdager Douwe de Vries – uiteindelijk vierde – zei: ‘Het was een kwestie van Heideman slopen. Hoe vermoeider hij zou raken, hoe groter onze kansen in de finale zouden zijn. Maar hij heeft natuurlijk ook de steun van een sterke ploeg.’

De Vries, de nummer drie in het seizoensklassement, won nog nooit een marathon. Hij wilde winnen als eerbetoon aan zijn in 1999 op deze baan overleden neef Willem Poelstra. Als jochie had hij de toen 24-jarige Poelstra bewonderd. ‘Niemand kon volgens mij zo hard schaatsen als hij.’ Poelstra stierf aan een hartstilstand.

De Vries finishte net achter Heideman, die na een weinig opwindende wedstrijd nog wel de eindsprint inzette, maar zich op het laatste rechte stuk liet verrassen door de gewiekste Berga en Stroetinga.

Heideman: ‘Ik gaf hem, met de volle wind in het gezicht, een vierkante centimeter ruimte. Jammer, want ik had juist dit weekeinde zo graag mijn vierde titel willen behalen. Dan volgend jaar maar. Elfstedentocht of geen Elfstedentocht.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden