Ben Bril Memorial boksgala is netjes en bijna nostalgisch

Klassiek boksen legt het qua populariteit af tegen kickboksen

Rake klappen en harde knock-outs wil het publiek zien op het boksgala in Carré in Amsterdam. De toeschouwers krijgen waar voor hun geld.

Ridvan Güden, die alle hoeken van de ring te zien kreeg, plaatst een voltreffer op de kin van Albert Kraus. Foto Guus Dubbelman / de Volkskrant

Het is muisstil in koninklijk theater Carré. Met een vernietigende rechterhoek is de Haagse bokser Erdinc Cetin keihard tegen het canvas geklapt. De ringartsen spoeden zich naar de ring om hem in een stabiele zijligging te leggen. Toeschouwers kijken geschokt toe. 'Dit is wat jullie willen zien, toch?', roept zijn tegenstander Zacky Driouch als Cetin na vijf minuten enigszins is bijgekomen. 'Boksen is vechten. Wij zijn hier om te knallen.'

De Ben Bril Memorial wordt voor de elfde keer georganiseerd in Carré. Het publiek komt voor rake klappen en harde knock-outs. Het boksgala is een van de weinige serieuze toernooien voor profboksers in Nederland. Dat staat in schril contrast tot het grote aanbod voor kickboksers.

Netjes

Recent liepen grote evenementencomplexen als de Brabanthallen in Den Bosch en de Amsterdam Rai vol voor kickboksgevechten. In oktober vindt een groot kickboksgala plaats in Ahoy in Rotterdam. Hoe komt het dat de boksers het niet lukt om de grote zalen te vullen?

'Boksen is blijven stilstaan in de tijd', zegt Mike Passenier, de trainer van kickbokser Badr Hari, maar nu voor zijn pupil Serginio Kanters aanwezig. 'Bij het boksen is het allemaal zo netjes. Als je een beetje te hard aan het coachen bent, zeggen ze al dat je rustiger aan moet doen. Boksen is meer iets van de jaren tachtig.'

Passenier weet wel hoe het komt. 'Het kickboksen draait om raggen en beuken. Niet dat frommelen, zoals ik dat in het boksen zie. Een kickbokspartij duurt ook maar drie of vijf ronden. Je gaat veel sneller voor de knock-out. Mensen komen voor spektakel.'

Lees verder onder de foto.

De boksring in het midden van Carré. Foto Guus Dubbelman / de Volkskrant

Tijdens het jaarlijkse boksgala in Carré worden de zorgen over de staat van het Nederlandse profboksen even vergeten. Onder de kroonluchters is de ring neergezet, veel gasten zijn verschenen in een smoking. Aan de ring worden bitterballen en kipvleugels geserveerd. Het is een haast nostalgische avond voor de boksliefhebbers, al wordt een groot deel van het programma gevuld door vechters die eigenlijk kickbokser zijn.

In de catacomben van het theater maken de boksers zich klaar voor hun gevechten. 'Voor een bokser is hier geen droog brood te verdienen', zegt Zakcy Driouch, terwijl hij zijn tape nog eens inspecteert. 'Je traint je helemaal suf, maar je krijgt niks betaald. Misschien krijg je nog net een bokaaltje.' Bovendien zijn er volgens hem maar een handvol interessante wedstrijden per jaar. Alleen uit financieel oogpunt gaan veel goede boksers uiteindelijk kickboksen.

Idolen

'It's the eye of the tiger, it's the thrill of the fight.' Onder begeleiding van een onvervalste boksklassieker stapt Albert Kraus rond 10 uur de ring binnen. Hij heeft een tijgerprintbroek aan en op zijn hoofd draagt hij een zwarte muts. Hij weet hoe hij show moet maken. De spreekstalmeester zweept het publiek nog wat verder op door hem aan te kondigen als 'levende legende.'

In zeker zin heeft hij daarin gelijk, maar Kraus vergaarde zijn roem als kickbokser. Hij is meervoudig wereldkampioen bij verschillende bonden en won in zijn carrière 88 van de 116 gevechten. Sinds 2012 probeert hij zich als bokser te bewijzen, maar die carrière komt veel minder rap van de grond: hij vocht pas vijf partijen.

Maandagavond laat hij zien toch heel aardig te kunnen vechten, zonder zijn voeten te gebruiken. Zijn tegenstander Ridvan Güden beukt hij alle kanten op, voordat hij wordt uitgeroepen tot winnaar. 'Ik was niemand in het boksen, maar ik probeer me nu te bewijzen', zegt hij in de kleedkamer.

'Ik was niemand in het boksen, maar ik probeer me nu te bewijzen.' Albert Kraus maakte in 2012 de overstap van kickboksen naar boksen. Foto Guus Dubbelman / de Volkskrant

Kraus kan de groeiende populariteit van het kickboksen en de afnemende belangstelling voor boksen moeilijk verklaren. Toch ziet in zijn eigen sportschool dat kinderen liever aan kickboksen doen.

'Kinderen hebben idolen nodig. In het kickboksen heb je namen als Rico Verhoeven. Op hem willen ze lijken.' Daar heeft Kraus een punt. Rafaël Harutjunjan, Gevorg Khatchikian en Giovanni Rijkaard vechten belangrijke partijen in Carré, maar bij het grote publiek zijn ze onbekend.

Zijn trainer Dennis Krauweel (tevens die van Rico Verhoeven, de kampioen bij de zwaargewichten in het kickboksen) is het met Kraus eens. 'Er is geen televisiezender die achter het boksen wil gaan staan. Voor jonge kinderen is niks tastbaars om naartoe te werken. Met kickboksen is dat heel anders: dit weekend zond zelfs de NOS beelden van Rico's partij uit.

In Carré wordt de avond afgesloten met een gevecht tussen Gevorg Khatchikian en de voormalig kicksboker Serginio Kanters. Passenier, de coach van Kanters, is lekker hard aan het coachen, Khatchikian probeert zijn tegenstander neer te beuken met zijn gevreesde rechtervuist, terwijl de jonge Kanters overeind weet te blijven.

In de allerlaatste ronde gaat de jongeling neer. Zo wordt de avond besloten met een knock-out. Precies zoals de toeschouwers het graag zien.

Gevorg Khatchikian scoort met zijn machtige rechtse tegen de moedige Serginio Kanters. Eenzelfde stoot zou een einde maken aan de wedstrijd. Foto Guus Dubbelman / de Volkskrant
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.