Analyse Basketbal

Basketbalsters verliezen van topland Spanje, maar niet zonder lichtpuntjes

De Nederlandse basketbalsters hebben zaterdagavond de EK-kwalificatiewedstrijd tegen Europees kampioen Spanje met 65-48 verloren. Kwalificatie voor het EK in 2019 zat er al niet meer in, maar toch zaten er zo’n duizend toeschouwers op de tribune in Amsterdam.

Volgens bondscoach Hakim Salem is het verschil met een topland als Spanje simpelweg te groot. ‘Wij kunnen nog niet tippen aan bijvoorbeeld de handelingssnelheid van de Spanjaarden. Als wij naar dat niveau willen doorgroeien, dan is het belangrijk dat onze speelsters gaan spelen in de topcompetities van bijvoorbeeld Frankrijk, Rusland of Spanje.’

Bij het Spaanse team deden alleen spelers mee die actief zijn in de hoogst aangeschreven competities van de wereld, waaronder een aantal met ervaring in de vrouwenversie van de NBA. Van de twaalfkoppige Nederlandse selectie zijn zes spelers actief in Duitsland en vijf in eigen land. ‘Duitsland kun je zien als de middenmoot van Europa, terwijl de Nederlandse competitie niet eens een profcompetitie is’, zegt Salem.

Ter vergelijking: in Nederland trainen de speelsters meestal drie à vier keer per week, terwijl er bij de professionele competities wel tien keer per week wordt getraind. ‘Ik heb de meiden elke interland-window maar een aantal dagen onder mijn hoede. De opgelopen trainingsachterstand kun je dan echt niet goedmaken.’

De enige speler van het huidige Nederlandse team die in Spanje actief is, Natalie van den Adel, is het met haar coach eens. ‘Niet om lullig te zijn, maar de Nederlandse competitie is echt niet goed. Duitsland is een tussenstap. Het is voor het Nederlandse basketbal belangrijk dat spelers doorgroeien naar de topcompetities. Sommige meiden kunnen dat ook wel aan.’

Het is volgens van Van den Adel dan ook belangrijk dat de spelers beseffen dat ze echt wat kunnen. ‘Bij de eerste kwalificatiewedstrijden leek het wel of we opkeken tegen bepaalde tegenstanders. Zo verloren we heel ongelukkig van Oekraïne, terwijl dit echt niet had gehoeven. Als je het veld opstapt met idee dat je het niet kan, dan win je ook niet.’

Media-aandacht

Dat er meer geloof in eigen kunnen is bij de basketbalsters blijkt wel uit het resultaat van zaterdag. In november 2017 was het verschil tussen Nederland en Spanje maar liefst 66 punten, terwijl de marge zaterdag was teruggebracht naar 17 punten. ‘Dat maakt mij erg trots’, zegt bondscoach Salem.

Van den Adel, die speelt voor ADB Araski, vertelt dat Spanje basketbal ademt. ‘Ik kan daar leven van mijn sport en alles wordt goed geregeld. Er is veel media-aandacht voor onze prestaties. Daardoor gaan er daar relatief veel meisjes deze sport doen. Nederland moet meer een basketbalcultuur krijgen.’

Daarom is Van den Adel ook blij dat er zo’n duizend toeschouwers op de tribune zaten in Amsterdam; aandacht voor de sport is erg belangrijk. ‘Als er net zo veel aandacht komt voor ons als er is voor handbal en volleybal, dan kan vrouwenbasketbal ook gaan leven. Wij moeten dan natuurlijk wel gaan presteren, maar daar heb ik wel vertrouwen in. Zeker met de lichting die eraan komt.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden