Autofabrikanten staan in de rij voor Formule 1

Onder de grote autofabrikanten wint de Formule 1 snel aan populariteit. Onlangs heeft Ford het team van Jackie Stewart overgenomen, Daimler/Chrysler heeft een belang in McLaren genomen, BMW en Honda maken zich op voor een rentree in het miljoenen verslindende spektakel en Toyota is in bespreking met Sauber....

Zoals Renault de erfenis voor het oprapen had toen Honda in 1992 afscheid nam, zo leek Mercedes-Benz de troonopvolger van Renault te gaan worden als dominante motorleverancier in de Formule 1. Net als Honda trok Renault zich na vijf wereldtitels - Mansell ('92), Prost ('93), Schumacher ('95), Hill ('96) en Villeneuve ('97) - terug. De geldkraan bij het voormalig staatsbedrijf ging dicht, omdat de toegevoegde waarde bij nieuwe successen te verwaarlozen zou zijn.

Mercedes-Benz leek de eerst aangewezen motorleverancier die een vergelijkbare dominante positie zou kunnen opbouwen. Nadat de samenwerking met Sauber niet had gebracht wat de Duitse autofabrikant ervan verwachtte, zocht Mercedes aansluiting bij een van de meest succesvolle teams uit de historie van de Formule 1: McLaren. Daarnaast nam het een aandeel in Illmor, het bedrijf van motorbouwer Mario Illien. Die combinatie bleek vorig jaar goed voor de wereldtitel, reden voldoende voor Daimler/Chrysler om onlangs voor ruim 500 miljoen gulden een belang van 40 procent in McLaren te nemen.

Maar de kans is gering dat Mercedes, in navolging van Honda en Renault, een half decennium lang de hegemonie kan vasthouden. In tegenstelling tot vijf of tien jaar geleden staan de autofabrikanten op dit moment te dringen voor een plaatsje in de Formule 1. Honda heeft, na lange tijd gezinspeeld te hebben op een eigen team, een contract getekend met BAR, het team van oud-wereldkampioen Jacques Villeneuve.

BMW komt ook terug. In 1997 werd al aangekondigd dat BMW in 2000 motoren zou gaan leveren aan Williams en begin juli werd bekend dat de Beierse autofabrikant niet alleen de rol van Renault zal overnemen, maar ook die van hoofdsponsor en sigarettenfabrikant Rothmans. Dat is na de aanstelling van voormalig Formule-1-coureur Gerhard Berger als directeur motorsport een tweede teken dat BMW het serieus meent.

Ook Toyota, na General Motors en Ford de derde autofabrikant van de wereld, maakt zich ook op voor een entree in de Formule 1. De eerste gesprekken met Formule-1-tycoon Bernie Ecclestone zijn achter de rug. De Japanners, die al jaren met veel succes meedraaien in het WK Rally, schijnen in onderhandeling te zijn met het team van Peter Sauber.

De grootste verrassing kwam echter van een oude bekende. Ford, met het recordaantal van 174 zeges de meest succesvolle motorleverancier in de Formule 1, heeft een paar weken geleden het team van Jackie en Paul Stewart overgenomen voor een bedrag van 170 miljoen gulden. Stewart was al het enige team dat gebruik mocht maken van de laatste versies van de Ford-motoren.

'Autoracen voorziet ons bedrijf van een prachtige gelegenheid om in een opwindende entourage contact te onderhouden met onze klanten, om nieuwe technologieën te testen, om onze technische mensen zich te laten ontwikkelen en om onze merken over de hele wereld te versterken', somde Fords president Jac Nasser in ronkende taal de redenen op waarom Ford Stewart Grand Prix heeft overgenomen.

'Door de interesse van de andere automerken krijgen we de bevestiging dat we vijf jaar geleden de juiste beslissing hebben genomen door in de Formule 1 te stappen', reageert Wolfgang Schattling, hoofd afdeling motorsport communicatie bij Daimler/Chrysler op de ontwikkelingen.

'De Formule 1 is een van de belangrijkste sporten ter wereld, met de bijbehorende aandacht in de media. Alleen al dat laatste vertegenwoordigde het afgelopen jaar een bedrag van om en nabij de zestig miljard gulden.'

Maar ook de toenemende verdiensten op het gebied van merchandising maken het voor de autofabrikanten aantrekkelijk om in de Formule 1 te stappen. Schattling wil geen mededelingen doen over het bedrag dat daarmee gemoeid is, maar bevestigt dat Mercedes-Benz die afdeling verder gaat uitbouwen. 'De merchandising is zonder enige twijfel zeer profijtelijk.'

Fred van Putten, verkoopleider bij de Nederlandse truckfabrikant DAF en zelf een groot autosportliefhebber, gelooft niet dat de grote autofabrikanten geld overhouden aan hun bemoeienis met de Formule 1. 'Daar zijn de budgetten veel te hoog voor. Het is puur marketing wat ze bedrijven.'

Sinds drie jaar is DAF zelf betrokken bij het Europees kampioenschap truckracen. Van Putten stelt dat bij DAF drie redenen van doorslaggevende betekenis zijn geweest, toen de beslissing werd genomen om te gaan racen. De kans om marktaandeel te winnen, testmogelijkheden en relatiemarketing. 'Op de truckraces op de Nürburgring komen minimaal 275 duizend bezoekers af, twee keer zoveel als bij een normale Grand Prix. Als je dan op het podium staat, naast Mercedes en M.A.N., heeft dat een enorme uitstraling.'

'In de Formule 1 is iets anders aan de hand', stelt Van Putten. 'Je ziet heel duidelijk dat de Formule 1 op zoek is naar alternatieve sponsoring. Tabaksreclame is een aflopende zaak.' Daarmee bevestigt hij de geluiden die FIA-voorzitter Max Mosley onlangs ook al liet horen. Net als Mosley is Van Putten ervan overtuigd dat de renstallen snel op zoek zullen gaan naar andere, grote sponsors en niet zullen wachten tot 2006, als de uitzonderingspositie van de Formule 1 op het gebied van tabaksreclame binnen de Europese Unie afloopt.

'Maar er speelt nog iets', vervolgt Van Putten. 'In Europa bestaat al enkele jaren een gentlemans agreement om niet te adverteren met snelheid en vermogen van auto's. Het duurt niet lang meer voordat die afspraak een wettelijke basis krijgt. De Formule 1 biedt de kans dat te omzeilen.

'In zekere zin maakt de auto-industrie een vergelijkbare ontwikkeling door als de tabaksindustrie een paar jaar geleden. Op het moment dat de tabaksfabrikanten zich met steeds meer beperkingen op reclamegebied zagen geconfronteerd, zochten zij een uitweg in de Formule 1. Nu die weg wordt geblokkeerd, krijgen de autofabrikanten de ruimte om zich in de Formule 1 te profileren. Totdat ook daar weer wordt ingegrepen.'

Niet lang nadat Daimler/Chrysler bekend had gemaakt een aandeel in McLaren te hebben genomen, diende zich meteen een bewijs aan voor deze theorie: het concern zal in samenwerking met McLaren Cars ruim 400 miljoen gulden investeren in ontwerp en productie van de Mercedes-Benz SLR, een soort supersportwagen die in 2003 op de markt moet komen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden