reportage honkbal

Amerikaans honkbal strijkt neer aan andere kant van oceaan: showtime in Londen

Het Olympisch Stadion van Londen is omgetoverd tot honkbalarena. Beeld Getty Images

Om zieltjes te winnen speelden de Major Leagueclubs New York Yankees (met Didi Gregorius) en Boston Red Sox (met Xander Bogaerts) twee duels in Londen. Veel hotdogs, ijskoud bier en nog meer honkslagen.  

Xander Bogaerts zag het meteen vanuit zijn ooghoek. Het gezin van vier dat tijdens een tv-interview driftig naar hem zwaaide, met petjes van zijn club Boston Red Sox op en het shirt van het Nederlands honkbalteam om de schouders. Na het interview wil de Red Sox-persvoorlichter de honkballer meteen weer van het veld halen, maar Bogaerts sprint eerst naar de tribune. De Arubaan, die uitkomt voor het ­Nederlands team, zet snel zijn handtekening op ballen en shirts.

‘Geweldig!’, zegt vader Michaël ­euforisch, die met zijn vrouw Liisa en zoons Pepijn en Moos als fervent honkballers naar eigen zeggen ‘bijna wonen’ in de kantine van de Haagse honkbalclub Storks. Michaël kan het niet ­geloven Bogaerts in levenden lijve te hebben gezien. Van een meter afstand. ‘Ze zijn altijd zo ver weg.’

Vedetten op missie

Het was precies waarom de Amerikaanse topcompetitie Major League de zogenoemde London Series in het ­leven had geroepen. Voor het eerst ­stonden afgelopen weekeinde in het olympisch stadion van de Britse hoofdstad clubs uit de competitie op Europese bodem tegenover elkaar. En ook meteen twee grote namen: regerend kampioen Red Sox en recordkampioen New York Yankees.

Voor even waren de vedetten honkbalmissionarissen. Zoals Bogaerts en ook Didi Gregorius, de Amsterdammer in dienst van de Yankees. Ze noemden het treffen speciaal. Beiden hadden voor de gelegenheid familie en vrienden uit Nederland ingevlogen. ‘We kunnen niemand dwingen om fan te worden van onze sport, maar ik hoop dat dit helpt om honkbal te promoten’, zei Gregorius, die net als Bogaerts nog uitstekend Nederlands spreekt.

De Major League deed er alles aan om de honkbalsport te verkopen aan het oude continent en de spelers op hun beurt keken hun ogen uit. Zo was Gregorius voor het eerst in Londen. Hij kreeg van zijn team extra vrije tijd om de toeristentrekpleisters in Londen af te gaan.

Yankees-coach Aaron Boone bezocht met zijn Red Sox-collega Alex Cora de wisseling van de wacht bij Buckingham Palace. De Britse prins Harry was zaterdag met zijn vrouw ­Meghan bij de eerste wedstrijd. En alsof dat niet genoeg was liepen poppen van bekende Britten als Winston Churchill en ­Freddie Mercury een sprintje tegen de mascotte Red Sox.

Didi Gregorius (rechts) van de New York Yankees en Xander Bogaerts van de Boston Red Sox, tegenstanders in Londen. Beeld Getty Images

Om de Britten mee te nemen in de Amerikaanse sportbeleving hadden tweehonderd cateringmedewerkers in het stadion een speciale training gekregen om het ‘hawken’ in de vingers te krijgen. Oftewel het Amerikaanse sportfenomeen waarbij verkopers van hotdogs en bier al roepend tussen het publiek hun waar verkopen. Die ­training sloeg aan: overal rond het stadion was ‘Ice cold beer!’ te horen, met Brits accent.

Tussen de innings door werden er honkbbalquizjes gehouden met toeschouwers en feiten gedeeld over de geschreven en ongeschreven regels in de sport. Zoals bijvoorbeeld het strekken van de benen in het midden van de zevende slagbeurt, de zogenoemde ­seventh-inning stretch, waarbij traditiegetrouw het lied Take Me Out To The Ball Game uit de speakers schalde waarvan de tekst in karaokevorm op het scherm werd getoond.

Het was allemaal mogelijk iets te veel van het goede voor het merendeel van de fans. Zij waren al bekend de met tradities. Europese supporters grepen de kans hun ­helden te zien spelen. En voor Amerikanen, expats en toeristen, was het een leuk dagje uit.

Zoals Doug Alford, een 77-jarige ­Yankees-fan uit het plaatsje West Orange, zo’n 30 kilometer ten westen van New York. Hij lepelt moeiteloos de ontstaansgeschiedenis van de seventh-inning stretch op, ontstaan in 1910 toen de boomlange Amerikaanse president Taft opstond tijdens een wedstrijd op dat moment en het publiek hem massaal kopieerde.

Klein veld, veel punten

Alford was sinds 1977 niet meer in Londen geweest, zegt hij, terwijl hij met een volle tas vol London Series-souvenirs uit de merchandisewinkel wandelt bij de ingang van het Queen Elizabeth ­Olympic Park. ‘Gekocht voor de buren die op mijn huis passen’, zegt hij.

Het viel hem op dat er in Londen amper over de wedstrijden werd gesproken, terwijl het op de Amerikaanse tv de afgelopen dagen over weinig anders ging. ‘Misschien moet het nog een beetje groeien’, zegt hij.

Onder meer door bijzondere duels. De spelers van de Yankees en Red Sox deden er in ieder geval alles aan het ­publiek te vermaken. Zaterdag waren er na één inning al liefst twaalf punten gescoord. De Amerikaanse honkbalkenners voorspelden al een puntenfestijn, aangezien het iets te kleine veld zich perfect leende voor homeruns. Toen de rook was opgetrokken, stond er na negen innings en bijna vijf uur honkbal 17-13 voor de Yankees op het scorebord.

Of het stadion daardoor volgend jaar bij de tweede London Series plots vol fans zit die nog niet zijn veroverd door de sport van homeruns en hotdogs? Stijn van der Meer betwijfelt het. De speler van het Nederlands team was met zeven vrienden afgereisd naar Londen. Hij stond twee jaar geleden nog met Didi Gregorius en Xander ­Bogaerts op het veld in de World ­Baseball Classic. ‘Ik heb ze nog succes gewenst’, zegt hij lachend.

De Neptunus-speler was onder de indruk van hoe groots de London Series waren opgezet. Hij verwacht ook dat het Europese avontuur van de Amerikaanse topcompetitie een succes wordt, aangezien de honkbalfans wel blijven komen. Volgens hem zat afgelopen weekeinde de halve Nederlandse hoofdklasse in Londen.

‘Maar iets als voetbal zal hier altijd wel het grootste blijven. Kijk maar naar Nederland. Terwijl het Nederlands elftal niet het WK en EK haalt, worden wij wereldkampioen en twee keer vierde op de World Baseball Classic. Wat moet je dan nog meer doen? Het is nou eenmaal moeilijk om iets te overtreffen wat er zo diep inzit.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden