Amazones leggen het af tegen viriel geweld

De amazones waren in de finale van de strijd om de wereldtitel ruim in de meerderheid. Drie vrouwen tegen één man....

Waren de dames, klein van stuk en licht van gewicht, wel opgewassen tegen de gebundelde viriele kracht van Lansink en Cumano? Was de Twentenaar, die zich begin deze eeuw liet omvormen tot Belg, niet al bij voorbaat de nieuwe wereldkampioen?

Want het was niet zomaar een finale volgens het boekje. De vier toppers mochten het eerste rondje draaien op de rug van hun eigen paard, waarna ze datzelfde rondje nog eens drie keer moesten afleggen, maar dan met elkaars rijdieren. Een kwestie van vreemdgaan in optima forma, waar de hippische federatie een net woord voor vond: paardenwissel.

De in Aken verenigde mannenbroeders waren het erover eens dat de vrouwen in de finale te beklagen waren. Vanwege Cumano natuurlijk, het opgewonden standje van Lansink. ‘Die hengst’, zei Jeroen Dubbeldam daags voor de ontknoping, ‘is te groot en te sterk voor de meisjes. Die kunnen het wel schudden. Lansink gaat hier wereldkampioen worden.’

Dubbeldam, de olympisch kampioen van Sydney, leek gelijk te krijgen. Kort voor de finale bleek met hoeveel passie Cumano toeleefde naar de partnerruil. Kort voor zijn eerste kennismaking met de dames liet de hengst ineens een vijfde been uit zijn onderbuik neerdalen, bijna wel tot aan de grond. Lansink zag het gebeuren en lachte in zijn vuistje.

Niet dat het de dames, de Australische Edwina Alexander, de Amerikaanse Beezie Madden en de Duitse Meredith Michaels-Beerbaum, ook maar iets uitmaakte. Madden klauterde in de paddock onvervaard op de rug van Cumano, waarna het projectiel zich snel terugtrok in de ruststand.

De oxers vormden daarna uiteraard geen probleem meer. Madden produceerde met Cumano een voorbeeldig nulrondje, waarna ook Beerbaum en Alexander zich niet lieten kisten door de hengst. De zestigduizend toeschouwers waren onder de indruk van de rijvaardigheid van het trio en klapten hun handen stuk.

Lansink was van de amazones nog lang niet verlost. Alexander liep weliswaar tegen een springfoutje aan (met Shutterfly) en haakte daardoor af, maar Madden en Beerbaum wilden van geen wijken weten. Ze produceerden ieder vier nulrondjes en stuurden al doende aan op een ouderwetse barrage.

Pas toen moesten de amazones capituleren voor het gebundelde geweld van Lansink en Cumano. De Nederbelg had de pech dat hij het bal moest openen, maar zette dit nadeel om in een voordeel door een hels tempo te ontwikkelen met zijn schimmel. Na 45,01 seconden vloog hij zonder averij door de finish. Dat moesten Madden en Beerbaum hem maar eens nadoen.

De amazones gingen ervoor, dat moet gezegd. Dat gold zeker voor Madden, een erkend snelheidsduivel. De Amerikaanse spoot weg, sneed bochten af waar dat mogelijk was en leek af te stuiven op de wereldtitel. Maar bij de laatste hindernis, een oxer, ging het mis. Authentic, een pronkstuk van het Nederlands warmbloedstamboek, trapte een paal uit de lepels en veranderde daardoor het zeker lijkende goud in zilver.

Lansink kon zijn geluk niet op toen hij die paal zag vallen. In zijn Nederlandse jaren had hij alles al gewonnen: de wereldbeker met Libero, olympisch teamgoud met Egano en met Felix welhaast alle Grote Prijzen. Maar de wereldtitel, nee, dat zat er nooit in. Ook niet in de jaren dat zijn weldoeners Horn en Melchior hem voorzagen van het beste paardenmateriaal dat maar voorhanden was.

Op het moment dat Lansink in Aken zijn greep naar de wereldmacht voltooide, was de Nederlandse afvaardiging grotendeels alweer thuis. Te voet gesteld, zoals dat heet, door hun paarden in de halve finale van zaterdag. Jeroen Dubbeldam, Albert Zoer en Gerco Schröder hadden een paar dagen eerder nog zo verrassend uitgehaald in de landenwedstrijd en hadden goede hoop dat het bij die ene titel niet zou blijven. Maar de gouden vorm van hun paarden bleek plotsklaps verdwenen.

Eerst moesten Dubbeldam en Zoer het veld ruimen als gevolg van de ‘schijtfoutjes’ die hun paarden begingen in de piste, die was opgetuigd met oxers die wel heel fors aan de maat waren. Daarna moest ook Schröder, de beste van het Nederlandse stel, eraan geloven. Zijn twee springfouten kostten hem een plaats in de finale. ‘Mijn paard was vandaag een beetje aan de flauwe kant.’

Gelukkig redde Lansink nog een beetje de Nederlandse eer. Maar hij niet alleen. De omroeper van dienst verkondigde tijdens de ereceremonie dat Lansink een Nederlander was. De wereldkampioen wilde de man geen ongelijk geven. ‘Dit is ook een beetje voor Nederland. Daar is het begonnen.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden