Als één man het kan, is het Contador

Alberto Contador begint zaterdag aan zijn meesterproef. Hij wil op de valreep van zijn loopbaan de Ronde van Italië én de Ronde van Frankrijk winnen. 'Al mooi dat hij het probeert.'

2009, Alberto Contador (rood) in de Vuelta. Beeld Klaas Jan van der Weij

Kan het? 'Ik denk dat het kan', antwoordt de expert. Kan hij het? 'Het is in elk geval mooi dat hij het probeert', antwoordt de ervaringsdeskundige.

1952, Fausto Coppi beklimt in de Tour de Galibier. De Italiaan won dat jaar voor de tweede keer in één seizoen de Tour en de Giro. Beeld afp

De Spanjaard Alberto Contador Velasco, 33 jaar oud, gaat dit weekeinde op pad voor een reis die hem over 79 dagen, met Milaan als tussenstop en Parijs als einddoel, eeuwige roem moet brengen. Hij wil in één seizoen zowel de Ronde van Italië als de Ronde van Frankrijk winnen. Slechts zeven wielrenners gingen hem daarin voor. Dat deden ze lang geleden.

Daarom luidt de vraag eigenlijk: kan het nog?

1974, Italië. De Belg Eddy Merckx (roze trui) gevolgd door de Italiaan Felice Gimondi. Beeld Hollandse Hoogte

The Boss

Die vraag is opgeworpen door Lance Armstrong. Nadat Marco Pantani in 1998 als laatste het huzarenstukje had voltooid, brak het rijk van The Boss aan. Zeven achtereenvolgende edities van de Tour de France schreef Armstrong op zijn naam, voor zolang als het duurde.

Om daartoe in staat te zijn, deed Lance Armstrong iets dat in geen andere sport mogelijk zou zijn. Hij beperkte het seizoen tot slechts één wedstrijd. Vergelijk dat eens met tennis waarin Rafael Nadal zou besluiten zijn pijlen voortaan alleen op Roland Garros te richten.

Voor Armstrong was het jaar afgelopen na de Tour de France. Daarvoor stonden alle activiteiten in het teken van de Tour. Eén keer in zijn leven reed hij de Vuelta. Dat was in 1998, een kankerpatiënt herrezen uit de dood. Het werd zijn eerste proeve van bekwaamheid als ronderenner. De vierde plaats, ook geschrapt op de eeuwige ranglijst, was het bewijs daarvan. Sindsdien zag de Vuelta hem nooit meer terug.

1982, Frankrijk. Bernard Hinault in de slotetappe van de Tour op de Champs-Élysées. Beeld epa

Herrijzenis

Eén keer in zijn leven reed Lance Armstrong de Ronde van Italië. Dat was in 2009 toen hij zijn tweede comeback maakte. Daarin paste op dat moment de Giro, zij het vooral als belevenis. Plezier leek voorop te staan bij die tweede herrijzenis. Maar in de Tour de France kwam de ware aard van het beestje weer boven, al was dat beestje niet goed genoeg meer voor winst.

Alberto Contador, nota bene zijn ploeggenoot, streek dat jaar met de eer. Hij had zijn hele seizoen afgestemd op de Tour en om die reden de Giro gemeden. Dat werd praktijk. Het wielrennen als moderne mythologie met de Ronde van Frankrijk als een Olympus, als het huis van de goden en als de enige col van betekenis.

Zo legden alle Tourwinnaars van deze eeuw een vergelijkbare route naar de Arc de Triomphe af. Hun seizoen werd een drietrapsraket met in elke voorafgaande maand een kleine ronde als maatstok voor het vormpeil. De Ronde van Italië gold als een valkuil waar een beetje kanshebber met een grote boog omheen fietste. Een dodelijke gang van zaken. Alleen daarom al is het goed, zoals ervaringsdeskundige Erik Breukink vaststelt, dat iemand probeert het patroon te doorbreken.

Grootste talent

Zelf durfde Breukink de combinatie van Giro en Tour in het begin van zijn loopbaan aan. Daarmee was hij ook de laatste Nederlander die in de buurt kwam van een overwinning in een grote ronde. Hij eindigde in 1988 als tweede in de Giro en vervolgens als twaalfde in de Tour met de prijs voor grootste talent als bonus. 'In die tijd zaten er maar drie weken tussen Giro en Tour. Dat brak je op in de derde week van de Ronde van Frankrijk, ook omdat het deelnemersveld daarin toen al sterker was.'

Toch was er in de tweede helft van de vorige eeuw elk decennium wel een wielrenner die in één jaar beide ronden op zijn naam schreef. De grote Fausto Coppi werd in 1949 de eerste. De dubbel bleek het watermerk van de kampioen. Alle vijfvoudige Tourwinnaars combineerden in één of meer seizoenen de Tourzege met winst in de Ronde van Italië. Miguel Indurain was de laatste in die reeks. Hij deed dat in 1992 en 1993.

Winnaars van Giro en Tour in één jaar

- Fausto Coppi (Ita): 1949 en 1952
- Jacques Anquetil (Fra): 1964
- Eddy Merckx (Bel): 1970, 1972 en 1974
- Bernard Hinault (Fra): 1982 en 1985
- Stephen Roche (Ier): 1987
- Miguel Indurain (Spa): 1992 en 1993
- Marco Pantani (Ita): 1998

Beeld -

Exceptioneel talent

Een seizoen later trad Erwin Nijboer in dienst van Indurains ploeg. Hij maakte in 1994 van dichtbij het traject mee dat leidde naar een derde plaats in de Giro en een eerste in de Tour. Anders dan nu, vertelt Nijboer, kwam het seizoen langzaam op gang. 'Half februari trainden we nog met de handjes op het stuur. Voor de eerste wedstrijd in maart hadden we nog geen tweeduizend kilometer gefietst.'

De 50-jarige Nijboer herinnert zich een Amstel Gold Race, waarin Miguel Indurain voortdurend de laatste man in de grote groep was. Toch eindigde zijn kopman bij de eerste dertig door telkens op te schuiven als de wielrenner voor hem afhaakte. 'Zo goed was hij dus al, zo vroeg in het seizoen. We zijn de volgende dag in mijn auto naar Zaventem gereden, het vliegveld bij Brussel, voor een ronde in Portugal. In de taxi hebben we ons omgekleed en vervolgens won hij de proloog. Dat tekende zijn klasse.'

Erwin Nijboer wil er maar mee zeggen: de dubbel is slechts weggelegd voor uitzonderlijke wielrenners. Grootheden als Merckx en Hinault konden in Italië wel eens brandstof sparen voor Frankrijk, zonder dat hun zege in gevaar kwam. Miguel Indurain was zo'n ongenaakbare tijdrijder dat hij daarin afstand nam en zich in de bergen kon beperken tot het weerstaan van de aanvallen.

Nijboer: 'Tegenwoordig worden zijn prestaties vooral in verband gebracht met doping, maar het was echt een kwestie van talent. Indurain was ongelooflijk goed. Twee jaar geleden heb ik in de Pyreneeën nog eens een trainingskamp georganiseerd met mensen uit het Duitse bedrijfsleven. Indurain was mijn mysteryguest, een man van bijna 50 en 90 kilo zwaar. Veel deelnemers waren door en door getrainde types, maar niemand kon bergop zijn wiel houden.'

Stevige kerels

In dat postuur, Miguel Indurain was altijd al een forse kerel van bijna 1,90 meter, ziet Erwin Nijboer een belangrijk verschil met de huidige lichting. 'Merckx en Hinault waren ook stevige kerels, die konden tegen een stootje. Nu zijn het van die smalle mannetjes, allemaal gebouwd voor het klimwerk.'

Dat is ook een reden om te twijfelen aan Alberto Contador als grootheid. Aan de andere kant: 'Er zit wel een goeie kop op, zoals wij bij ons zeggen.' Erwin Nijboer komt uit Twente.

Die kop, smaller dan smal, arriveerde donderdag in het noordwesten van Italië. De Giro begint vandaag met een ploegentijdrit op een vers fietspad bij Sanremo. Eerder deze week zei Contador tegen de Spaanse sportkrant AS: 'Fysiek ben ik klaar voor de Giro, in mijn hoofd ben ik gereed voor wat er daarna komt.'

Dat is de volgorde, bevestigt ploegleider Steven de Jongh. 'We gaan nu eerst voluit voor winst in de Ronde van Italië. Er is geen plan B bij een eventuele tegenslag. Zo'n type is Alberto ook niet. Als hij berekend gaat koersen, doet hij zichzelf de das om.'

Terugkeer

Vier jaar geleden deed Contador al eens een gooi naar de dubbel. Deel één van het tweeluik ging naar wens, maar in de Tour raakte hij door valpartijen achterop en bleek hij lichamelijk opgebrand. Tijdens die expeditie hing de schaduw van een mogelijke schorsing boven zijn hoofd. In de Tour van 2010 was een minieme hoeveelheid van de verboden stof clenbuterol in zijn lichaam aangetroffen. Die schorsing werd later ook werkelijkheid en met terugwerkende kracht ging een streep door zijn Girozege.

Sindsdien meed Alberto Contador de Ronde van Italië om nu, bij terugkeer, geschiedenis te schrijven. De Jongh: 'Het is nu of nooit. Volgend jaar stopt Alberto met wielrennen en dan wil hij ook meedoen aan de Olympische Spelen. Dan wordt het dus lastig. Bovendien heeft hij vorig jaar ook de Vuelta gewonnen. Als het nu allemaal lukt, is het straks een grand slam, zoals in het tennis.'

De voorbereiding heeft zich dit jaar beperkt tot 19 wedstrijddagen. De onvermijdelijke hoogtestage op de Canarische Eilanden, waar de kopmannen zich als monniken terugtrekken in een klooster op een hoogte van twee kilometer, werd met een maand vervroegd. Volgens Steven de Jongh ligt zijn afgetrainde kopman perfect op koers voor de Giro.

Hij heeft nog geen idee hoe het programma in de aanloop naar de Tour eruit ziet. Ruim vijf weken zitten er tussen de finish in Milaan en de start in Utrecht. Louis Delahaije, trainer van het Nederlandse Lotto-Jumbo, zou in elk geval een week volstrekte rust voorschrijven. 'Even loskomen van alles, ook de fiets niet aanraken. Het mentale aspect zal zwaarder wegen dan de lichamelijke inspanning.' Het komt aan op ervaring, zegt Delahaije. Daarover beschikt Contador in ruime mate.

Sneeuw en hitte

Louis Delahaije is de expert die denkt dat de combinatie van Giro en Tour nog altijd mogelijk is, ondanks de verregaande specialisatie. 'Het zal in eerste instantie van twee factoren afhangen: het weer en de concurrentie. In de Giro kun je met alle soorten weer te maken krijgen, van hitte tot sneeuw. Dat kan het lichaam behoorlijk uitputten. En hoe diep moet Contador gaan voor de winst? Het is niet zo'n zware Giro, maar dat maakt het misschien wel lastiger. Waar gaat hij het beslissen? De lange tijdrit halverwege het parcours zal cruciaal worden.'

Dat de combinatie nog altijd mogelijk is, leidt Delahaije af uit de opeenvolging van Tour en Vuelta. 'Die combinatie wordt veel vaker gemaakt, terwijl er een vergelijkbare periode tussen zit. Vaak is de Ronde van Spanje een herkansing voor mannen als Valverde om hun seizoen te redden.'

Over één ding is iedereen het eens: als één coureur van zijn generatie het kan, dan is het Alberto Contador. 'Maar hij heeft de lat hoog gelegd', zegt Erik Breukink. 'Het zal alleen een succes zijn als hij allebei wint.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden