Alles ooit gebroken tussen schedelbasis en teen

Gert-Jan Theunisse (42) beëindigde in de Challenge van Scheveningen zijn loopbaan op de ATB-fiets. Tien jaar geleden stopte hij al als wegrenner....

Bijna was hij zijn loopbaan vol valpartijen geëindigd met een nieuwe schuiver. Op het strand bij Katwijk wist wielrenner Gert-Jan Theunisse, rijdend met een akelig groot verzet, maar ternauwernood de plots optrekkende motor van het NOS-camerateam te ontwijken.

Het had er nog wel bij gekund, zei iedereen die het weten kon. Theunisse en de valpartijen, Theunisse en de botbreuken, het waren boeken met vele hoofdstukken. Net zo dik was zijn erelijst. De microfonist van dienst was bij de Beach Challenge minuten bezig met het opdreunen van de palmares van de tegenwoordig op Mallorca wonende Brabander.

Twee weken geleden had Gert-Jan Theunisse organisator Frank Boelé laten weten diens strandwedstrijd te willen gebruiken om zijn officiële afscheid als ATB-coureur te vieren. ‘Eens moet je ermee stoppen’, had Theunisse gezegd.

Dat moment had zich voor de 42-jarige renner al maanden eerder aangekondigd. Na zijn laatste grote valpartij in april, waarbij hij op enkele gladde rotsen borstbeen en heup had gebroken, was hij tot zijn eigen teleurstelling niet meer op zijn oude niveau teruggekeerd.

De conclusie van GJT, de man die door de jaren heen alles brak tussen schedelbasis en teen: ‘Ik word niet meer zo goed als ik was. Koersen waren altijd een kick voor me. Maar ik heb geen zin om achteraan te bengelen. Dan moet ik stoppen.’

Hij had zich de laatste keer dat hij met fiets en al van een rotspartij was gedonderd, bij een Spaanse marathon, zelfs een beetje geschaamd. Zijn moeder Truus: ‘Hij belde niet eens met ons. We kregen het pas na een week te horen dat er iets met hem aan de hand was.’ Vader Tonny: ‘Hij wilde niet dat we direct naar Spanje zouden komen.’

Ze waren gewend geraakt aan al die telefoontjes uit een ver land, waarmee het bericht kwam dat Gert-Jan weer eens iets gebroken had. Het was ondanks alles een apart, zelfs verslavend leven, gaf het echtpaar uit Berghem gisteren aan de meet in Scheveningen toe. ‘Het zal vreemd zijn, onze Gert-Jan niet meer op de fiets.’

Hun zoon stapte op zijn achtste jaar op de racefiets en maakte daarmee met vallen en opstaan een half leven vol. De werktitel was ‘de fiets, de fiets en anders niets’. Zo kwam de biografie over hem (van de hand van Jeroen Wielaert) ook te heten.

Het was een leven van hoogtepunten (bolletjestrui, Alpe d’Huez) en van dieptepunten (drie dopinggevallen, naast vele fracturen). ‘Het wielrennen heeft me veel gebracht’, sprak de man die zijn mavo niet afmaakte omdat hij buitenlandse koersen wenste te rijden.

Na zijn wegloopbaan waren er het training geven (aan olympisch kampioen Brentjens) en het coachen (van wereldkampioene Fullana). Later kwamen het managen (bij Specialized), de revalidatie van een gedeeltelijke dwarslaesie en van een hartaanval, de marathon en ten slotte toch weer de fiets.

Na zeven jaar zonder competitie wenste Theunisse, in 2003, nog een epiloog aan zijn carrière te plakken. ‘Net als een kat heb ik meer levens’, sprak hij. Twaalf marathons won hij op de all-terrain bike, de ATB. Het korte werk was niet aan hem besteed; vijf, zes uur op de fiets, dan begon het dieseltje van Theunisse te gloeien.

Gisteren, klagend en het zand uit de ogen wrijvend: ‘Dat losse zand, da’s niks voor mij.’ Hij werd in de door Bart Brentjens gewonnen koers over 60 kilometer twaalfde en zei dat de loopgedeelten hem genekt hadden. Hij zal nog meer moeten revalideren van zijn heupkwetsuur (‘ik kan nog niet behoorlijk lopen’) om straks weer goed op de fiets te kunnen zitten.

Want – geen misverstand – fietsen blijft Theunisse doen. Hij wil op Mallorca een trainingscentrum opzetten voor lichamelijk gehandicapte renners. Kandidaten voor de Paralympische Spelen zijn bij hem welkom, maar ook Nederlandse ploegen die zich in vorm willen rijden.

De man van 62 kilo en 2 procent lichaamsvet zal zijn pupillen een lesje doorzettingsvermogen kunnen geven. Toen hij een teen kon bewegen, wist hij al dat hij weer uit de rolstoel zou komen. Als andere patiënten een uur trainen genoeg vonden, deed hij er nog twee bij.

Later werd hij door ziekenhuizen gevraagd patiënten te stimuleren. Vader Tonny: ‘De oud-rennerGerrit Solleveld vroeg Gert-Jan met zijn broer te praten. Die was zo negatief over zijn toekomst, na ook een dwarslaesie. Hij kreeg het voor mekaar. Een halfjaar later liep die broer weer.’

De moraal aan het einde van een lang wielerleven, hier op de Scheveningse boulevard: nooit bij de pakken neerzitten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden