Interview Albert Gudmundsson

Albert Gudmundsson is koel als IJsland: ‘Mentaliteit zit in ons dna’

IJsland begon het WK in Rusland met een verrassend gelijkspel tegen het Argentinië van Messi. Het team speelt vrijdag zijn tweede wedstrijd tegen Nigeria. PSV'er en IJslander Albert Gudmundsson (20) kijkt zijn ogen uit. ‘Ik laat het WK gewoon gebeuren. We willen genieten met zijn allen.

Albert Gudmundsson tijdens een training ter voorbereiding op het WK in Rusland Foto AFP

Voor stadion Laugardalsvöllur in Reykjavik staat zijn overgrootvader met precies dezelfde naam als hij, in brons gegoten, bal aan de voet. ‘Ter herinnering aan Albert Gudmundsson, IJslands eerste profvoetballer, 1923 – 1994’, is de tekst op de plaquette.

Hij was de eerste IJslandse voetballer op het vasteland, de tweede buitenlander bij Arsenal. Na zijn loopbaan was hij politicus, onder meer als minister van Financiën. ‘Ik heb hem nooit gezien. Ook niet op film’, zegt Albert Gudmundsson (20), de achterkleinzoon van de vroegere vedette. De PSV’er is verrassend opgenomen in de WK-selectie van IJsland. ‘Iedereen die me iets over hem vertelt, zegt dat hij een van de beste voetballers uit de IJslandse geschiedenis was. Aanvallend. Snel. Goede visie, dribbelaar.’

Zijn vader, Gudmundur Benidiktsson, was ook al profvoetballer. Tegenwoordig is hij beroemd als tv-commentator, zeker nadat hij in totale extase kond deed van de zege op Engeland tijdens het EK van 2016. De beelden op YouTube van de eruptie zijn kostelijk. ‘Toen ik na Euro 2016 terugkwam bij PSV, vroegen ze wie die gekke tv-commentator uit IJsland was. Ik antwoordde: ja, die ken ik goed, dat is mijn pa.’

Zoonlief schaamde zich een beetje voor zijn vader, maar hij vond het ook grappig. ‘Hij is normaal heel relaxt. Maar zodra hij commentaar geeft, wordt hij gek. En als je met IJsland van Engeland wint, is er aanleiding om gek te worden.’ Trouwens: zijn moeder was international van IJsland, in het vrouwenteam. Je kunt spreken van een echte voetbalfamilie.

Hagel en zon

Gudmundsson is een vrolijke, aanvallend ingestelde voetballer. Reserve bij PSV, doch opgeroepen voor het WK. Op deze ochtend in mei traint hij met vier andere internationals, in de week voordat de andere uitverkorenen aansluiten. Het is een zware training met lange sprints, passeeracties en afronden op doel. Het hagelt soms, dan weer regent het of schijnt de zon. Zo gaat dat op IJsland.

Hij rijdt uren later behendig door de niet indrukwekkende avondspits van Reykjavik, op weg naar het stadion van zijn vroegere club KR, in het westen van de stad. Het regent en het is koud, zelfs voor IJslandse voorjaarsbegrippen. KR was zijn club vroeger, als jeugdspeler. Het duel met Breidablik is aantrekkelijk en de sfeer op de tribunes is vredelievend. Tussen de supportersgroepen van de clubs op dezelfde tribune is alleen een roodwit lint gespannen. Niemand gaat door dat lint. Het blijft ook licht, ook op de kunstgrasvelden naast het stadionnetje, waar talloze kinderen onafgebroken voetballen. Daar was Albert vroeger ook te vinden. Hij woonde vlakbij. Grote indoorhallen, waarin IJslanders tegenwoordig ook in strenge winters voetballen, bestonden nog niet bij hem in de buurt.

In de winter speelde hij ook basketbal. Hij zat zelfs in de nationale ploeg tot 15 jaar, waarna hij de keuze maakte voor voetbal. Geld en mogelijke roem speelden daarbij een rol, plus zijn lengte. Met zijn 1.75 meter kan hij beter voetballen dan basketballen. ‘In de zomer voetbalden we tot laat in de avond, soms zelfs tot diep in de nacht. De zon gaat bijna niet onder en het is dan de hele nacht licht in IJsland. Om 21.00 uur, na het eten, ging ik weer naar buiten, en je had niet eens in de gaten dat het opeens al 2 uur ’s nachts was. Ik moest naar school, maar mijn ouders konden roepen wat ze wilden. Ze moesten echt naar het veldje lopen en zeggen: Albert, je moet nu echt naar huis.’

Als hij op het vasteland is, mist hij zijn familie en het eten. Vis met name. Aardappelen, een gehaktbal of varkensvlees, dat hoeft voor hem niet zo. Hij vertrok als jongen van zestien naar Nederland. Dat was moeilijk, maar hij had geen keuze als hij prof wilde worden. ‘Zelfs in moeilijke tijden wist ik dat een mooi leven binnen handbereik lag, als ik maar hard genoeg werkte.’ Bovendien heeft Facetime een deel van de fysieke afstand weggenomen.

De aanvallende middenvelder speelde afgelopen seizoen betrekkelijk weinig in het eerste elftal van PSV. De ploeg stond en hij was meestal veroordeeld tot Jong PSV. Hij heeft nog één jaar een contract, maar hij wil na het WK een gesprek met trainer Phillip Cocu over speeltijd. ‘Ik voelde me geen belangrijke speler van het kampioenselftal, maar ik heb hard gewerkt. Ik heb meegeholpen met het scherp houden van anderen.’ Is hij opgeroepen omdat sterspeler Gylfi Sigurdsson weliswaar is opgenomen in de selectie, doch nog steeds geblesseerd is? Nee, denkt Gudmundsson. Bij IJsland is hij vooral de aanvaller met creativiteit, rond een diepe spits.

Teamgedachte

Hij verheugt zich op de ontmoeting met de wereld. Gudmundsson is net als alle IJslanders gewend Premier League te kijken, maar hij schakelt de laatste jaren steeds vaker naar beelden uit Spanje. Dat type spel bevalt hem beter, door de techniek. In IJsland telt vooral het team. Hoe het kan dat de teamgedachte zo ver is ontwikkeld?

‘Ik weet het niet precies. Nederlandse teams denken vaak aan mentaliteit. Ik speelde eerst twee jaar bij Heerenveen en daarna drie jaar bij PSV. We hadden steeds een mental coach en besprekingen over mentaliteit. Bij IJslandse clubs weten ze bij wijze van spreken niet eens wat een mental coach is. Mentaliteit zit in ons dna. Je gaat gewoon niet het veld op met de gedachte dat je zou kunnen verliezen, of dat het een gemakkelijke dag zal worden. Op het veld geef je alles. Als je dan verliest, blijf je positief. Volgende keer beter. Het is moeilijk te zeggen waar dat vandaan komt. Het is te simpel te stellen dat het met de Vikingen te maken heeft.

‘Ik laat het WK gewoon gebeuren. We willen genieten met zijn allen. Als team weten we dat we elke wedstrijd kunnen winnen. Wij hoeven voor niemand meer bang te zijn.’

IJsland is euforisch over de WK-deelname. Rond de 4.000 IJslanders bezoeken de wedstrijden, etalages in de winkels in Reykjavik zijn versierd. Zijn moeder was er voor de eerste wedstrijd en komt ook het laatste groepsduel met Kroatië in Rusland kijken. Hij heeft trouwens ook nog drie zussen, allemaal jonger dan hij. Ze voetballen. ‘Vooral de jongste is talentvol. Ze is zeven jaar. Ze doet me denken aan Messi.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.