reportage ajax in de halve finale

Ajax, het troetelelftal bij de laatste vier van de Champions League

Hakim Ziyech gaat de bal met de hak spelen tijdens een rondo, Kassper Dolberg is slachtoffer van de goede techniek van de speler in het nieuwe stadion van de Spurs. Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

Tottenham Hotspur - Ajax dient zich aan als confrontatie van puur voetbal, tussen elftallen met lust tot aanvallen. En Ajax is opeens favoriet, in de ogen van het wereldvoetbal.

Ajax is heet in Noord-Londen. De vraag van de buitenlandse verslaggever is treffend, over de geheimzinnigheid die normaliter hangt rond afsluitende trainingen voor topduels, ‘alsof ergens een atoombom is verborgen’. Trainer Erik ten Hag zegt over de openheid, die overigens niet standaard is bij Ajax: ‘We doen het zo het hele seizoen bij Europese wedstrijden. Het is traditie en het geeft een goede vibe met de supporters.’

Of Ajax al op zijn beste niveau is, nu zelfs de finale lonkt? Ten Hag: ‘Ons motto is: we hebben iets bereikt, maar we zijn niet tevreden. We willen elke dag beter.’ De voetbalwereld is nieuwsgierig geraakt naar Ajax, het troetelelftal bij de laatste vier van de Champions League. De trainer: ‘Het maakt niet uit of we favoriet zijn. Als we maar zelfbewust zijn, zonder naïviteit.’ De spelers zijn nieuwsgierig naar het plafond van hun kunnen. Middenvelder Donny van de Beek was vroeger als jeugdspeler van Ajax supporter op de tribunes. Nooit zag hij zijn club zover geraken als nu, nu hij zelf meevoetbalt. ‘Ik heb er ontzettend veel zin in.’

De pers is nieuwsgierig. Buitenlanders willen alles weten over filosofie, strategie, opleiding en aankoopbeleid. De journalisten tikken gretig mee in dat overweldigende nieuwe stadion, waar de ellebogen in de perskamer wegzakken in het pluche van de stoelleuning, waar je bang bent om een slok koffie te knoeien op het hoogpolige tapijt. Voormalig speler van Spurs Rafael van der Vaart: ‘Het oude stadion White Hart Lane valt niet te overtreffen, maar dit is prachtig voor de nieuwe tijd’. 

De supporters van Ajax zijn eveneens nieuwsgierig. Ze komen met vliegtuigen. Of ze reizen met de Eurostar, via Brussel en Lille onder het Kanaal door. Sommigen boekten al voor afloop van Manchester City–Spurs, want dan hadden ze in elk geval een vlucht naar Engeland. Mocht de winnaar een andere club zijn dan verwacht, dan resteerde een treinreis van drie uur naar de andere stad. Sommigen boekten zonder zekerheid van een kaart. Ze zijn gelukkig. Ze schrijven op Twitter dat Ajax al vijf dagen niet heeft gevoetbald. Ze missen hun club.

Ajax opent met zijn aantrekkelijke voetbal zowel de poort naar de toekomst als de deur naar het verleden, naar de vorige periode dat Nederland goed was in clubvoetbal. PSV was, veertien jaar geleden, de laatste vertegenwoordiger namens Nederland in de halve eindstrijd van de Champions League. De kans op de finale groeide, totdat Ambrosini van AC Milan raak kopte in Eindhoven en Johan Cruijff als analist van de NOS oordeelde dat Mark van Bommel geweldig had gespeeld, maar even zijn tegenstander had laten lopen.

Veertien jaar na PSV en Cruijffs analyse, in een tijd van nieuwe financiële wetten in het voetbal, heeft Ajax supporters wakker gekust. De oudere generatie is aangeraakt door de hernieuwde kans op Europees succes, nieuwe liefhebbers zoeken hun weg. Jongeren kozen in de slotfase van vorige toernooien voor Barcelona, Liverpool of Real Madrid, en keerden van vakanties terug met shirtjes van wereldsterren.

Nu is Ajax weer superhip. Naar Juventus-Ajax op Veronica keken 3,7 miljoen liefhebbers, goed voor een marktaandeel van 54 procent. Het duel van dinsdag, acht dagen later gevolgd door de wedstrijd in Amsterdam, belooft veel, vanwege de aanvallende speelstijl van de ploegen. Ajax was door de jaren heen succesvoller dan de Britten, die op hun beurt pochen met hun stadion, ondanks het nog niet zo goede veld. Als een tempel van het kapitalisme rijst de kerk van Tottenham uit boven de sjofele wijk. Een smalle, drukke weg scheidt het reflecterende glas en de panelen van de immense voorgevel met de wat verloederde winkels met schotels op de muur, de ontelbare kappers en nagelstudio’s.

Spurs is vooral een naam. Martin Jol, voorheen trainer in Londen, kon prachtig vertellen over iconen als Jimmy Greaves en Danny Blanchflower. Hij imiteerde de omroeper perfect, met zijn bassende stem: ‘Welcome to White Hart Lane, welcome to the house of the Spurs.’ Spelers als Osvaldo Ardiles, Ricardo Villa, Glenn Hoddle en David Ginola prikkelden de fantasie.

Bij een bezoek van de Volkskrant aan Jol in 2005 liet hij een zelf geproduceerde, fictieve krantenpagina zien uit the Times, uit 2008, na de derde eindzege van de Spurs in de Champions League. Finale gewonnen van Barcelona, in Amsterdam. De ontwikkeling verliep trager dan in zijn motivatiespeech van toen, maar eindelijk is Tottenham beland in de buurt van de finale. Al zegt Ten Hag voortdurend, over wie favoriet is: ‘De waarheid ligt op het veld’.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.