Ajax blijft stoïcijns onder capriolen van arbiter en 'woeste' trainer

Niet de spelers van Ajax trokken zondag in Enschede de meeste aandacht, hoewel Oliseh uit het veld werd gestuurd en Litmanen de partij op magistrale wijze besliste (1-2), maar de trainer....

PAUL ONKENHOUT

Van onze verslaggever

Paul Onkenhout

ENSCHEDE

Morten Olsen pendelde in het Diekman-stadion voortdurend driftig tussen grensrechter en vierde official en gaf, met woeste gebaren en soms uitzinnig van woede, zijn mening over de arbitrage.

Die deugde niet, vond hij, althans, zo leek hij er over te denken. Olsen weigerde na afloop zijn sprints toe te lichten en liet het aan de toehoorders over zijn gedrag te verklaren.

Dat was geen moeilijke opgave: op de leiding van scheidsrechter Van Egmond was in Enschede veel aan te merken en vooral Ajax voelde zich benadeeld. Van Egmond begon de middag als een strenge en consequente leider, maar paste zijn beleid aan naarmate het duel vorderde.

Veelzeggend genoeg slaagde Olsen er niet in met waardigheid te reageren op de arbitrale misstappen. De Deen maakte een nerveuze indruk en het was hem geen moment aan te zien dat zijn ploeg op de weg naar de landstitel niet meer kan verdwalen.

Zo bekeken verdiende Ajax dubbel lof. Met tien spelers tegen elf werd verbeten gejaagd op een triomf en de ploeg liet zich niet afleiden door de scheidsrechter. Ook op de capriolen van Olsen aan de kant werd stoïcijns en professioneel gereageerd.

De supporters konden dat niet opbrengen. Ajax mocht Van Egmond dankbaar zijn dat hij zich doof hield voor de kwetsende spreekkoren uit het vak waar ook voorzitter Van Praag een plaats had gevonden.

De zege kwam Ajax gistermiddag vooral toe omdat FC Twente zo gebrekkig tegenstand bood en zo flauw, schuchter en onbeholpen voor de dag kwam. Niet Ajax, maar FC Twente leek vijf kwartier lang in de minderheid en blameerde zichzelf voortdurend. Zo erg was het dat trainer Meyer naderhand zei dat één aspect van de wedstrijd hem tevreden had gesteld, de uitslag.

Het zijn barre tijden voor de club die volgende maand een nieuw stadion betrekt. Samenhang was in het elftal niet te ontdekken en wat er aan ploegverband bestond, verdween toen achtereenvolgens Ten Caat (24ste minuut), Hulshoff (36ste) en McKinnon (45ste) zich geblesseerd moesten laten vervangen. Ook Bosman was niet fit maar kon niet meer worden afgelost.

Het ontbreken van vechtlust bij de tegenstander speelde Ajax in de kaart. In het eerste kwartier beging Oliseh twee overtredingen (op De Witte en Ter Avest) die Van Egmond, in die fase nog consequent leidend, met gele kaarten bestrafte. De reorganisatie van het elftal nam twintig minuten in beslag en bood FC Twente hoop.

In de 36ste minuut vond Ter Avest met een voorzet een gat in de Amsterdamse afweer en scoorde Sumiala, koppend. Het was voor de eerste maal dat FC Twente de vuist balde. De elfduizend supporters moesten er negentig minuten lang op teren.

Kort voordat Sumiala doel trof, had Van Egmond het definitief verbruid bij Olsen. Hij floot niet toen Ter Avest in het strafschopgebied Ronald de Boer haakte en paste de voordeelregel niet toe toen een Twente-speler hands maakte - waarna Litmanen scoorde. Niet dat het er veel toe deed: van FC Twente had Ajax ook zonder Blind (geschorst) en Oliseh niets te duchten. Met Witschge als spelverdeler in de achterste linie, Laudrup en Litmanen als schakels op het middenveld en Hoekstra en Arveladze als aanvallers domineerde Ajax.

Gerustgesteld werd de ploeg door Arveladze die in de slotfase van de eerste helft op de rand van het strafschopgebied danste op de plaats en doelman Boschker met een laag schot in de linkerhoek passeerde, 1-1. Kort nadien schoot de ontsnapte linksback Sier de bal op de paal. De tweede helft telde slechts één hoogtepunt, een fenomenaal doelpunt van Litmanen in de 65ste minuut.

Onderwijl jonglerend zocht hij, aan de rechterkant van het strafschopgebied, het Twentse doel en de positie van Boschker. De volley met de rechtervoet verraste de doelman en besliste de wedstrijd in het voordeel van het tiental.

Het was de 23ste competitiezege van Ajax dat de landstitel voor het grijpen heeft en, in eigen land althans, ongenaakbaar is. Met enige vrees keek Olsen uit naar drie uitwedstrijden, drie 'finales' zelfs volgens hem. Twee duels werden al gewonnen, van NAC en FC Twente. Zondag speelt Ajax tegen Feyenoord, in Rotterdam.

Hoewel wispelturigheid en gebrek aan harmonie Ajax dit seizoen parten speelt, is de puntenoogst indrukwekkend. Het record aantal winstpunten werd behaald in het seizoen 1971-'72 toen dertig maal werd gewonnen, drie maal gelijk werd gespeeld en eenmaal werd verloren. Dit seizoen staan tegenover de 23 zeges twee gelijke spelen (Roda JC en PSV) en één nederlaag (PSV).

Typerend voor de superioriteit is dat Ajax de ploeg uit de jaren zeventig ook in een ander opzicht naar de kroon steekt. Nooit kreeg Ajax in een seizoen minder doelpunten tegen dan in 1972-'73, achttien. Van der Sar werd tot nu toe twaalf maal gepasseerd.

Wie niet beter weet, zou waarachtig nog gaan denken dat Ajax in het eerste seizoen aan de hand van Olsen over een superieur elftal beschikt dat te groot is voor de eredivisie.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden