OKT curling

Achter een zwart doek verraden de kreten de curlers die strijden om een olympisch ticket in Leeuwarden

Bijna onopgemerkt voltrekt zich momenteel het olympisch kwalificatietoernooi curling in Leeuwarden. Of, nou, één ding viel al wel op. De sponsornaam in het ijs van Easytoys, een firma in seksspeeltjes, blokkeerde uitzending van de tv-beelden in Japan en de VS.

Erik van Lakerveld
Het Hongaarse team tijdens de wedstrijd tegen Duitsland.
 Beeld Klaas Jan van der Weij / de Volkskrant
Het Hongaarse team tijdens de wedstrijd tegen Duitsland.Beeld Klaas Jan van der Weij / de Volkskrant

De curlers van Nieuw-Zeeland en Zuid-Korea zijn geconcentreerd bezig met hun wedstrijd. Boven het roffelende geluid van de over het ijs glijdende curlingsteen en het piepen van de bezem, klinken de aanwijzingen van Kim Minji voor haar teamgenoot Lee Ki-jeong. Het zijn de typische geluiden van een curlingmatch.

Veel minder gebruikelijk is het geluid van klapschaatsen dat duidelijk te horen is door de zwarte doeken die om de curlingarena hangen. Die verraden dat de wedstrijd in Nederland plaatsvindt en nog specifieker: in de Elfstedenhal in Leeuwarden. Daar vechten tot en met 18 december in totaal 19 landen om de laatste overgebleven startbewijzen voor de Winterspelen in Beijing. Ondertussen maken recreanten hun gebruikelijke rondjes op de 400-meterbaan, van het curling zien ze niets.

De curlers komen van over de hele wereld, van Japan en Nieuw-Zeeland tot Estland en Turkije. Ook Nederland doet mee. Niet aan de wedstrijd voor gemengde teams van zondag, maar vanaf volgend weekend, bij de mannen.

De Nederlandse mannenploeg is de reden dat dit olympisch kwalificatietoernooi (OKT) überhaupt in Friesland terecht is gekomen, vertelt Dagmar van Stiphout, toernooidirecteur. ‘Wij zijn in 2015 begonnen om met een van de kleinste sporten in Nederland te laten zien dat we middelen zouden kunnen genereren om zo de Nederlandse curlingmannen naar de Olympische Spelen te krijgen.’

Schoonmaakbedrijf Asito verbond zich aan het project, steeds benadrukkend dat de connectie tussen bedrijf en sport verder gaat dan vegen. Financieel gesteund schoof de Nederlandse mannenploeg steeds dichter naar de internationale top. ‘Toen zeiden we: laten we dan ook zorgen dat Nederland kennis kan maken met curling en hoe gaaf zou het dan zijn als de plaatsing voor de Spelen hier in Nederland plaats zou kunnen vinden?’

Wortels curling

Van Stiphout en zijn collega’s wilden de sport op ‘een steenworp afstand’ brengen van het Nederlands publiek, dat curling nauwelijks kent. En dat terwijl de wortels van de curlingsport toch echt in de lage landen liggen. Op wintertaferelen van Pieter Breugel de Oudere zijn de opvallende stenen met handvat al te zien. In de tussenliggende 450 jaar is de liefde voor deze sport in onze streken bekoeld. Nederland kent maar vier clubs met samen zo’n 150 leden.

Het ontbreekt aan infrastructuur. Niet dat er geen banen zijn, integendeel. Op veel van de ruim 20 kunstijsbanen in ons land liggen de blauw-rode cirkels die onontbeerlijk zijn voor een curlingwedstrijd. Maar die worden vooral gebruikt door bedrijven en hun personeelsuitjes. Dat is lucratief voor de ijsbanen, maar voor clubs is het moeilijk om beschikbaar en betaalbaar ijs te vinden. ‘Er is geen plek. Alleen ’s avonds als de meesten van ons al naar bed gaan.’

De sport doet denken aan jeu de boules. Het gaat erom om de stenen met handvat zo dicht mogelijk naar de roos - ‘het huis’ - te laten glijden. De werper geeft altijd een draai mee aan de steen, wat ervoor zorgt dat die heel nauwkeurig over de ijsbaan krult (vandaar de naam curling). De ploeg die een of meerdere stenen het dichtst bij het midden van het huis doet belanden, scoort punten.

De fanatiek vegende teamgenoten hebben daarbij een belangrijke rol. Zij warmen met de bezem de toplaag van het ijs op en kunnen daarmee de snelheid en koers van de curlingsteen beïnvloeden. Op één ruwe en één gladde schoen steppen ze met de steen mee.

De wereldcurlingfederatie (WCF), altijd zoekend naar manieren om de sport wereldwijd nog verder uit te bouwen, kende afgelopen zomer het OKT aan Nederland toe. Maar publiek is door de recent aangescherpte coronamaatregelen niet welkom. De plek waar de tribune zou komen te staan, is leeg.

Te klein

Ook zonder covidbeperkingen zouden betalende toeschouwers niet de belangrijkste inkomstenbron zijn geweest, daarvoor is de sport in Nederland nu eenmaal te klein. Het zijn de sponsoren die het OKT rendabel maken. Behalve onder meer Asito, is dat ook Easytoys.

Niet vies van een geintje organiseert de fabrikant van seksspeeltjes, eveneens shirtsponsor van FC Emmen, aanstaande vrijdag een competitie voor bedrijven en prominenten onder de noemer ‘blij dat ik glij’.

Het glijmiddel voor de curlingwedstrijden wordt zondag tussen de duels door opgebracht in de vorm van waterdruppels. Er komt een man met een sproeier in de hand en watertank op zijn rug het ijs besproeien. De bobbelige bovenlaag die daarbij ontstaat laat de stenen nog sneller voorwaarts zoeven.

Niet iedereen ziet de humor in van de sponsoring van Easytoys. Op de eerste dag van het toernooi werd duidelijk Japanse en Amerikaanse omroepen de bedrijfsnaam niet in beeld wilden brengen. Omdat het logo in het ijs geverfd is, zonden ze niet uit. De WCF werkt aan een oplossing, zegt Van Stiphout.

Er werd wel veel aandacht vanuit Japan werd verwacht. Daar is de sport behoorlijk populair, al valt het in het niet bij Zweden en vooral Canada. Miljoenen televisiekijkers schakelen daar jaarlijks in voor de nationale kampioenschappen. En geen land als Canada won zoveel olympische medailles, 11 in totaal, sinds curling in 1998 vast onderdeel van de Winterspelen werd.

Zoveel kijkers zal het OKT niet trekken, zeker niet als de beelden Japan en de VS niet bereiken. In Zuid-Korea konden curlingfans wel zien hoe met het wonderlijke gekletter van de klapschaatsen als soundtrack, Kim en Lee een stukje dichter bij plaatsing voor de Spelen kwamen. Zij verpulverden de Nieuw-Zeelanders met 7-3.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden