REPORTAGE

24 km rustig, 12 km versnellen en dan 4 km knallen

Voor de meeste recreanten waren de 16 kilometer van de Dam-tot-Damloop meer dan genoeg, Michel Butter doet ze na 24 kilometer 'inlopen'. Alles om in Amsterdam straks een goede tijd neer te zetten.

Michel Butter langs het Amsterdam-Rijnkanaal.Beeld Julius Schrank

Voor grootstedelijke nachtbrakers heeft Michel Butter (29) geen oog als hij op de vroege zondagochtend over het stationsplein van Amsterdam loopt. De penetrante geur van hasj, een laveloze zwerver, aangeschoten jongelui: het komt niet bij hem binnen. Zijn hoofd staat naar de marathon.

Half oktober loopt Butter de 42,2 kilometer in Amsterdam, de race waarin hij drie jaar geleden naam maakte door als derde Nederlander onder de 2.10 te duiken: 2.09.58. Ditmaal is 2.11 zijn minimale doel: die eindtijd levert een olympisch startbewijs op.

Na ruim twee maanden hoogtetraining (drie weken 12 tot 14 uur per dag bivakkeren in een hoogtetent, drie weken in de Zwitserse bergen van St. Moritz en 3,5 week op Keniaanse hoogvlakten) is zijn voorbereiding in een cruciale fase aanbeland. Het is nu een kwestie van wat hij noemt 'de motor zuinig afstellen': tijd voor een marathonsimulatie.

Flinke beproeving

De Damloop is te kort voor zo'n simulatie. Voor de 50 duizend recreanten mogen de 16,1 kilometer van Amsterdam naar Zaandam vandaag een flinke beproeving zijn, Butter heeft meer kilometers nodig. Hij gebruikt de Damloop als sluitstuk van een training die begint met 24 kilometer langs het Amsterdam-Rijnkanaal.

'In de marathon draait het om details en dit is de ideale mogelijkheid om van alles te testen', meent Butter. Na een korte warming-up met twee trainingsmaten van Team Distance Runners hijst hij zich op de Prins Hendrikkade in zijn wedstrijdtenue. Hij slikt een cafeïnepilletje ('zoiets als een kopje koffie') en geeft zijn stoelgang door aan coach Guido Hartensveld. 'Twee keer piesen, een grote boodschap.'

Die kennis is van belang voor de voedingsadviseur, zegt Hartensveld. Die wil weten wat de 40 kilometers doen met Butters vochthuishouding. Wat hij drinkt tijdens de training wordt precies bijgehouden: de meefietsende coach heeft een rugzak met bidons bij zich. Die informatie wordt afgezet tegen zijn gewicht voor en na de race.

Om 8.56 uur geeft Hartensveld het startsignaal. De lopers gaan er meteen op fietssnelheid vandoor, langs de ingang van de IJtunnel, voorbij het Scheepvaartmuseum richting de zondagochtendstilte van het Rijnkanaal. Vissers verschuilen zich onder groene paraplu's. Schapen luieren in weilanden, die wit uitslaan van de ochtenddauw.

's Ochtends vroeg vertrokken, maken Michel Butter en zijn trainingsmaten de nodige kilometers voor de marathon.Beeld Julius Schrank

Strikte opdracht

Het tempo luistert nauw bij de marathon, zegt de meefietsende Hartensveld, die elke vijf kilometer bidons aanreikt. 'Een seconde per kilometer te hard kan net verkeerd zijn.'

Butter heeft een strikte opdracht. De kilometers langs het kanaal gaan relatief rustig, in 3.15 tot 3.20. Daarna moet hij tijdens de Damloop het marathontempo van 3.06 lopen (goed voor een tijd van 2.10). Het doel is om in de vier laatste kilometers te versnellen tot 3.02.

De atleten trekken aandacht. Ze lopen strak in het gelid en zien er flitsend uit met hun strakke lijven en roze-geel-grijze tenues. Hun snelheid wekt ontzag. Ze passeren niet alleen fietsers, ze halen met 20 kilometer per uur ook een binnenvaartschip in. Sommige wandelaars klappen spontaan. Butter wordt af en toe herkend: 'Zet hem op, Michel!'

Voor de lopers is het tempo niets bijzonders. Zonder te hijgen praten ze met elkaar. Dat is precies de bedoeling, legt Hartensveld uit. De marathon is een energievraagstuk. Het lichaam verbrandt tijdens de 42 kilometer vet en suikers (koolhydraten). Als de suikers te vroeg op raken, bijvoorbeeld door een te hoog tempo te lopen, schakelt het lichaam noodgedwongen over op vet. 'Daar ga je minder hard op', zegt Hartensveld.

Na 24 kilometer snel omkleden voor de start van de Dam-tot-Damloop.Beeld Julius Schrank

Vetverbranding

Hoewel de atleten tijdens het hardlopen vloeibare suikers tot zich nemen, is dat nooit voldoende om de hele marathon te volbrengen. De vetverbranding moet dus worden getraind door lange afstanden te lopen in een gematigd tempo. De coach: 'Hoe beter die vetverbranding is getraind, hoe minder suikers er nodig zijn voor een tempo van 3.06 minuten per kilometer. Die suikers heeft hij nodig om op het eind nog te kunnen versnellen. Ik ben benieuwd of dat straks lukt.'

Na 12 kilometer keren de lopers. Terug gaan ze, langs de A1, winkelcentrum Maxis, de energiecentrale van Nuon en over het fietspad langs het kanaal. 'Tik op die billen', roept Hartensveld als het groepje hard afloopt op het dansende achterwerk van een vrouwelijke jogger. Butter knijpt even met zijn rechterhand in de lucht.

'Halen we de start?', vraagt de coach. Vroeger liet hij zijn atleten voor de Damloop van Zaandam naar Amsterdam lopen, ze renden dan 16 kilometer heen en 16 kilometer terug. Maar de IJtunnel vormde een probleem. Een paar jaar geleden ging het alarm opeens af. Ze werden gesommeerd te blijven staan.

Nog even een sanitaire stop voor de start.Beeld Julius Schrank

Stoppen

'Dit is de laatste waarschuwing', galmde het door de luidsprekers. Stoppen zou inhouden dat ze start zouden missen. Hartensveld: 'Ik riep maar tegen een camera: we moeten door. We zijn er zo uit.'

Zonder tunnel is er geen probleem. De lopers arriveren op tijd op de Prins Hendrikkade. Een televisiehelikopter hangt in de lucht, bij de ingang van de IJtunnel speelt een drumband. Snel wisselt Butter van hemd. Hij doet zijn behoefte in een urinoir en begeeft zich naar de start. 'Het gaat goed', zegt hij: 24 kilometer in gemiddeld 3.18 per kilometer. Na een pauze van minder dan tien minuten duikt hij met een grote groep lopers de donkere tunnel in voor het belangrijkste deel van de simulatie.

Aanvankelijk vonden Butter en Hartensveld het lastig de Damloop te reduceren tot training, bekennen ze. Zij zijn Noord-Hollanders, voor de streek is het een belangrijke wedstrijd. Maar een wedstrijd levert volgens de atleet een betere simulatie op dan 'op maandag in je eentje 40 kilometer in de polder lopen'. De sfeer, de concurrentie en het enthousiaste publiek brengen hem tot een betere prestatie. Hij loopt makkelijker hard.

Dat blijkt. Butter houdt zich netjes aan het afgesproken tempo, al verliest hij na 5 kilometer wat snelheid door de forse tegenwind (van 3.06 naar 3.09). Zonder een spoor van vermoeidheid dendert hij langs versierde dijkhuisjes. De straatmuziek krijgt geen vat op zijn loopritme. Zijn benen luisteren naar house noch harmonie.

Butter zet zijn hartslagmeter weer recht en kleed zich snel om voor het startschot van de Dam-tot-Damloop.Beeld Julius Schrank
En dan met al 24 kilometer in de benen aan de start van de Dam-tot-Damloop.Beeld Julius Schrank

Een demarrage

Dan is het cruciale moment daar: 12 kilometer gelopen, nog 4 te gaan. Kan hij versnellen? Heeft hij nog voldoende suikers in zijn lijf? Hartensveld geeft een teken, zijn atleet reageert vrijwel meteen. Zijn versnelling heeft veel weg van een demarrage, een zeldzaam fenomeen op de marathon. Uit zijn groepje kan niemand volgen.

Geconcentreerd rent Butter tussen de hagen van toeschouwers door. Hij negeert de drankposten en pakt geen sponsjes aan. Hij heeft alleen oog voor de atletes die zes minuten voor de mannen zijn gestart. Hij passeert er zo veel mogelijk en finisht na 50.24 minuten, ruim 5 minuten langzamer dan de Keniaanse winnaar Edwin Kiptoo (45.19).

Butter glundert. Hij kon versnellen, ondanks de tegenwind. Zijn tijden zijn vergelijkbaar met die uit zijn topjaar, 2012, toen hij in zijn voorbereiding op Amsterdam in ideale weersomstandigheden ook 24 plus 16 kilometer liep. 'Het ging buitengewoon goed', zegt hij. Een geslaagde simulatie, weet hij. Dat belooft wat voor de marathon op 18 oktober.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden