Opinie

'Wielrenners bedriegen niet, maar worden bedrogen door dopingfabels'

Tal van wetenschappelijke publicaties waarin staat dat epo-doping niet werkt,  worden systematisch genegeerd, schrijft sportpsycholoog Bram Brouwer. 'De echte bedriegers zijn diegenen die in hun voorlichting blijven volhouden dat epo werkt en vervolgens de renners voor het gebruik ervan straffen.'

Beeld afp

De honderdste Tour is ondanks alle 'bedrog' nog steeds populair. Filosofe Stine Jensen verklaart dit met een citaat van Petronius: 'De wereld wil bedrogen worden...' (EénVandaag, 29-06-2013). Maar wie bedriegt wie? Het Sorgdrager-rapport, over doping in de wielersport, zegt dat renners bedrogen met epo/bloeddoping (verder epo-doping), waardoor een tweesnelheden peloton ontstond. Volgens Sorgdrager zelf konden 'schone' renners het peloton niet bijhouden. Dat voordeel zou ontstaan doordat met epo-doping het aantal rode bloedcellen stijgt. Bloed kan dan meer zuurstof bevatten en zo meer energie leveren. Dat verbetert prestatie volgens sommigen met zelfs meer dan twintig procent.

Maar waarom presteerden veel renners na een epo-dopingschorsing dan evengoed als daarvoor, toen ze dat epo-voordeel hadden? Er zijn dan drie mogelijkheden: (1) ze gebruikten nooit. Dat lijkt na de vele bekentenissen onhoudbaar. (2) Ze gebruikten nog steeds. Dat lijkt onwaarschijnlijk door de op hen gerichte aandacht. Of (3) epo-doping verbetert wielerprestaties niet/nauwelijks. Dan presteerden Armstrong, Boogerd en anderen op eigen kracht.

Beïnvloeding
Vanuit deze probleemstelling startte een onderzoeksteam van de Open Universiteit en de Maastricht University een studie naar prestatieverbetering door epo. Diverse wetenschappelijke publicaties lieten zien dat het onwaarschijnlijk is dat epo-doping wielerprestaties doorslaggevend beïnvloed. Een Leidse-onderzoeksgroep vond eveneens geen bewijs dat epo wielerprestaties verbetert.

Ja, wielrenners gingen eind vorige eeuw harder fietsen. Maar die ontwikkeling startte al begin jaren tachtig, toen epo nog niet bestond. En ja, de Italianen fietsten begin jaren negentig harder dan de rest van Europa. Maar ze hadden destijds bijna een decennium voorsprong bij het invoeren van (voor wielrennen) moderne trainingsmethoden. En in het land der blinden is eenoog koning. Door de Italiaanse voorsprong aan epo-doping te koppelen, hoefde het niet-Italiaanse peloton niet naar zichzelf te kijken. Niet wij doen het slecht, maar zij zijn oneerlijk! Niets menselijks is renners vreemd.

Enorme boost
Als klap op de vuurpijl werd in 1989 het UCI-klassement geïntroduceerd. De UCI-punten werden waardevol omdat renners ze mochten meenemen naar een nieuwe ploeg. Ploegen konden nu punten (renners) bijkopen als ze te weinig hadden om geselecteerd te worden voor de grote wedstrijden. Daardoor koersten meer renners langer door en dat gaf wielerprestaties een enorme boost. Die ontwikkelingen vielen samen met de eerste verhalen over epo, waardoor een illusionaire causaliteit ontstond: aan twee toevallig samenvallende gebeurtenissen wordt dan een oorzakelijk verband toegekend.

Door diverse psychologische fenomenen leidde die denkfout tot de waandenkbeelden die de wielersport aan de rand van haar bestaan brachten. Ook lieten de studies zien dat als we wielerprestaties aan epo toeschrijven, die epo in dezelfde renners in verschillende landen anders werkt. Opnieuw onwaarschijnlijk. En last but not least, de publicaties leggen de problemen bloot in studies die prestatiebevordering door epo-doping rapporteerden. Het is dan niet ondenkbaar dat epo-doping niet de verhalen over epo genereerde, maar dat die verhalen epo-gebruik veroorzaakten.

Meer zuurstof in het bloed
En de aanname - meer zuurstof in het bloed is harder fietsen - is een fabel. Dan kunt u als tourliefhebber even hard fietsen als uw favorieten. De hoeveelheid zuurstof (naar lichaamsgrootte) in uw en hun bloed verschilt niet significant, tenminste als u gezond bent. Gezonde renners hebben genoeg zuurstof in hun bloed. Meer rode bloedcellen verdikt het bloed wel en dat benadeeld de bloedcirculatie sterk, zeker bij inspanningen. Epo is voor wielrenners dan eerder nadelig dan voordelig.

Toch worden voornoemde publicaties in het epo-dopingdebat genegeerd (zoals bij Sorgdrager). Renners gebruiken dan geen epo-doping omdat ze oneerlijk zijn, maar omdat ze volgens de sportautoriteiten anders het peloton niet bij kunnen houden. De bedriegers zijn dan diegenen die in hun voorlichting het tegenbewijs van hun bewering negeren en daar vervolgens de renners voor straffen. Petronius had gelijk, maar anders.

Drs. Bram Brouwer is (sport)psycholoog en promovendus aan de Open Universiteit op het onderwerp De mythes van epo in de wielersport.

 
En de aanname - meer zuurstof in het bloed is harder fietsen - is een fabel. Dan kunt u als tourliefhebber even hard fietsen als uw favorieten. De hoeveelheid zuurstof (naar lichaamsgrootte) in uw en hun bloed verschilt niet significant, tenminste als u gezond bent
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.