© ANP

Toerisme in Nederland groeit sneller dan de economie, grote steden ervaren meer overlast

Overlast en milieubezwaren van het massatoerisme kunnen de groei van het toerisme vooralsnog niet stuiten. Voor de Nederlandse economie wordt toerisme steeds belangrijker. Sinds 2010 zijn de inkomsten daaruit met bijna een kwart gestegen.

Toerisme brengt nu jaarlijks 75,7 miljard euro in het laatje. Het aantal banen in de sector steeg alleen al in 2016 met 2,1 procent naar 641 duizend. In een jaar tijd kwamen er 13 duizend banen bij. Het aandeel van de toerismesector in de totale werkgelegenheid nam daardoor verder toe tot 6,4 procent.

Dit blijkt uit vandaag bekendgemaakte cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Ze zijn in opdracht van het ministerie van Economische Zaken verzameld. De snelle groei van het toerisme leidt vooral in de grote steden tot overlast. Ook de milieubezwaren van massatoerisme worden steeds vaker benadrukt.

Hoofdeconoom Peter Hein van Mulligen van het CBS zegt dat er 'genoeg anekdotisch bewijs is over toenemende overlast'. 'Vooral in steden als Amsterdam, Venetië en Barcelona. Maar macro-economisch zie je daar niet de gevolgen van. Sterker nog: als gelet wordt op het aantal overnachtingen, dan nemen die juist in Amsterdam veel sneller toe dan in de rest van Nederland.'

Toeristen uit het buitenland gaven vorig jaar 21 miljard euro in Nederland uit - 7 procent meer dan een jaar daarvoor. Ook Nederlanders hebben in eigen land meer geld uitgegeven aan vakanties, uitjes en overige recreatie zoals sporten en funshoppen. In 2016 besteedden zij hieraan 45 miljard euro, 1,5 miljard euro (ruim 3 procent) meer dan in 2015.

Tekst loopt door onder de grafiek

Toegevoegde waarde

De toegevoegde waarde van het toerisme (de opbrengsten minus de kosten van de inkoop van bijvoorbeeld de horeca) aan het bruto binnenlands product (bbp) is sinds 2010 met maar liefst 43 procent gestegen tot 24,8 miljard euro. De toerismesector is de afgelopen jaren veel harder gegroeid dan de economie. Hierdoor is het aandeel van de toerismebranche in de toegevoegde waarde gestegen van 3,0 procent in 2010 naar 3,9 procent vorig jaar.

Internationaal gezien is dat overigens niet hoog. Volgens het World Travel & Tourism Council en Oxford Economics draagt toerisme 10,2 procent bij aan het mondiale bbp en werken er wereldwijd nu 292 miljoen mensen in deze sector - één op de tien banen op deze planeet.

Sommige landen danken meer dan de helft van hun inkomen aan toerisme. Aan de top staan de Maldiven (79,8 procent van het bbp), gevolgd door de Seychellen, Macao, de Bahama's en ook Aruba. Van de Europese landen is het aandeel van toerisme in het binnenlands product het hoogst in Kroatië: 18,8 procent. Maar ook in Italië, Frankrijk en Spanje maakt het een relatief groter deel uit van de economie dan in Nederland.

Kenmerk van het toerisme in Nederland is ook het grote aantal deeltijdbanen. Het aantal personen dat werkzaam is in het toerisme is minder groot dan het aantal banen omdat veel mensen twee of soms zelfs drie verschillende baantjes hebben. Ongeveer driekwart van het werk in de toerismesector bestaat uit banen in karakteristieke branches zoals de horeca, luchtvaart, reisorganisaties en kunst en cultuur. Het resterende kwart zijn banen in de detailhandel, het openbaar vervoer en de taxibranche.