Wat snoeiwerk zou Homo Instrumentalis nog beter maken
©

Wat snoeiwerk zou Homo Instrumentalis nog beter maken

Theater - Homo Instrumentalis (Silbersee)

Homo Instrumentalis' thema past bij de Ruhrtriënnale; de mens die zichzelf door machines overbodig maakt. Silbersees nieuwe voorstelling leidt je van de industriële revolutie via de cybermens naar een fictieve toekomst.

Homo Instrumentalis (***), muziektheater.
Silbersee, 21/9 Gebläsehalle Land-schaftspark Nord, Duisburg.
In Nederland en België te zien tot 5/11.

De weg naar Homo Instrumentalis, de nieuwe voorstelling van het Nederlandse muziektheatercollectief Silbersee, voert langs roestige machines naar een verlaten fabriek in de omgeving van Duisburg.

Het optreden bestaat uit drie composities die je van de industriële revolutie via de cybermens naar een fictieve toekomst leiden, waarin de mens zichzelf overbodig heeft gemaakt en wellicht zal ophouden te bestaan. Het thema past bij de Ruhrtriënnale, het jaarlijkse festival net over de grens dat het fabriekslandschap en de kunsten met elkaar wil verbinden.

Ode to Man (deel 1 en 2), een uitstekend nieuw werk van Yannis Kyriakides, omlijst composities van Luigi Nono en Georges Aperghis. In deel 1 voert Kyriakides vier zangeressen op in transparante maar kuis gesloten toga's. Hun stemmen benadrukken hun individuele persoonlijkheden en zingen een tekst (uit Sophocles' Antigone) waarvan de frases eindigen in schroeiende dissonanten. Uiteindelijk vallen de woorden uit elkaar. In deel 2 ontbreekt de mens, de stem en de zang. Wat blijft, is een pijnlijk hard licht.

Tussen beide delen ligt La fabbrica illuminata (1964), Nono's meesterwerk over de ondergeschiktheid van de mens aan de machine: mensen vormen een lopende band en worden door anderen levenloos afgevoerd. Problematisch is Silbersees versie van Aperghis' Machinations (2000). De combinatie van Wouter Snoeis elektronische klanken en de stemmen is schitterend, maar de nieuwe versie is zo lang dat het gaat vervelen en de relatie met de andere composities verdwijnt. Jammer, maar met wat snoeiwerk te verhelpen.