Revolutionair Rusland, 1891-1991
Orlando Figes

Revolutionair Rusland, 1891-1991

Non-fictie

Revolutionair Rusland, 1891-1991

Klappen van het noodlot

Vladimir Ilitsj Lenin gaf zich een keer bloot na het bijwonen van een uitvoering van de 23ste pianosonate van Beethoven: 'Ik sta mezelf niet vaak toe naar muziek te luisteren. Want dan wil ik aardige dingen zeggen en mensen over hun bol aaien. Terwijl je ze in deze tijden op hun kop moet slaan, zonder genade.'

Stel dat V.I. Lenin (1870-1924), aartsvader van de Sovjet-Unie, 's werelds eerste totalitaire staat, zich vaker in het concertgebouw had vertoond: dan hadden Russen misschien wel een aangenamere 20ste eeuw beleefd. Zo mocht het niet zijn. Op papier hadden mensen in Lenins Unie van Socialistische Sovjet-Republieken broeders moeten worden als in het slot van Beethovens negende. Revolutionair Rusland 1891-1991, de nieuwe Orlando Figes, ademt meer de sfeer van Mahlers zesde symfonie, 'de tragische'. De klappen van het noodlot volgen elkaar op. Telkens weer wordt het slechtste scenario werkelijkheid.

Strikt genomen is Revolutionair Rusland 1891-1991 geen helemaal nieuw werk van Figes. De origines van de Russische revolutie beschreef Figes eerder in Tragedie van een volk. De vernietiging van families en sociale verbanden tijdens de Stalinterreur stond centraal in zijn meest aangrijpende boek, Fluisteraars.

In een tijd waarin de erfenis van de Sovjet-Unie aan de rand van Europa dagelijks de actualiteit bepaalt, is een synthese van een eeuw waarin de catastrofes op Russische bodem elkaar opvolgden meer dan welkom. Omdat de auteur Orlando Figes is, maakt Revolutionair Rusland ook kans op de nodige lezers. Weinigen kunnen zo veel rampspoed zo meeslepend en toegankelijk beschrijven. 'De meest begenadigde verteller van de hedendaagse Ruslandhistorici', noemde de Financial Times hem.

De keuze voor het jaar 1891 als vertrekpunt is enigszins arbitrair. In dat jaar was er hongersnood op het Russische platteland. Figes lijkt het vooral te hebben gekozen omdat in 1991 de Sovjet-Unie werd ontbonden. Daarmee kwam er een officieel einde aan een 'revolutionair experiment' dat zijn wortels had in de 19de eeuw.

Ruim vóór 1891 wemelde het in tsaristisch Rusland al van de ondergrondse revolutionaire groeperingen. In de eerste honderd pagina's van Revolutionair Rusland maakt Figes inzichtelijk hoe de tsaren telkens weer kansen misten opstandige intellectuelen, ontevreden burgers en semi-clandestiene politieke partijen tegemoet te komen. Waar deze krachten westelijker in Europa werden 'opgenomen in het systeem', bleven ze in Rusland ver van de macht verwijderd. Ruslands laatste tsaar, Nicolaas II, bleef zichzelf tot 1917 zien als 'de Autocraat' wiens macht van god kwam. Hoe minder opstandige burgers bij het dagelijks bestuur worden betrokken, hoe radicaler ze worden - het is een wet die zich kan meten met die van de zwaartekracht.

In 1872 verscheen Marx' Kapitaal in het Russisch, vijftien jaar vóór de Britten een Engelse vertaling zouden toestaan. De tsaristische censors lieten het passeren met het argument dit 'lijvige, saaie en onverteerbare werk' weinig Russen tot lezen zou verleiden. Dat getuigde van weinig kennis van een intelligentsia die ervan droomde Rusland op radicale wijze naar de moderniteit te loodsen, en bij Marx 'wetenschappelijk' bewijs vond dat het kon.

Een van de lezers was de machtshongerige zoon van een lage edelman, Vladimir Oeljanov (schuilnaam: Lenin), die Marx meteen begon aan te vullen. Conform Het Kapitaal had de Russische boerensamenleving nog een lange weg te gaan voor zij een kapitalistische maatschappij zou zijn waar zich een revolutie kon voltrekken. Lenin, gehaast als elke op macht beluste radicaal, bedacht dat de Russische revolutionairen tijd konden winnen door zelf tot actie over te gaan en de revolutie 'te maken'. Figes: 'Niet het marxisme maakte Lenin tot een revolutionair, maar Lenin maakte het marxisme revolutionair.'

In 1905 kwam het in heel Rusland tot opstanden die de tsaar ternauwernood wist neer te slaan. Nog was het v

oor Nicolaas II niet te laat. De periode 1905-1917 bood volop mogelijkheden voor hervorming. Helaas: het kleine beetje wat de tsaar toestond, was te weinig en te laat. Ronduit verbijsterend was zijn resoluut 'nee' in 1915 tegen een dringend verzoek van zijn eigen conservatieve ministers een compromis te sluiten met het Progressief Blok. Figes: 'Daarmee had de monarchie haar laatste kans verspeeld zichzelf met behulp van politieke middelen te redden.'

In februari 1917, in het holst van de voor Rusland rampzalig verlopende Eerste Wereldoorlog, kwam het opnieuw tot revolutie. Ditmaal was het wel afgelopen met de tsaar. Op dat moment waren Lenins bolsjewieken slechts een radicale cel te midden van vele revolutionaire partijen. In de maanden tussen februari en oktober 1917 konden de Russen, zoals Joseph Roth het formuleerde, de raderen van het noodlot voortdurend horen kraken. Wat als de Grondwetgevende Vergadering sneller bijeen was geroepen? Wat als de mensjewieken zich niet hadden laten intimideren? Wat als Lenin, vermomd met pruik en arbeiderspet, op 25 oktober 1917 was tegengehouden door die regeringspatrouille bij het Taurisch Paleis? Figes: 'Het is een open vraag hoe de geschiedenis zou zijn verlopen als de patrouille Lenin wel had opgepakt.'

25 oktober 1917 was een dag die zijn schaduw over de rest van de 20ste eeuw zou werpen. Zo actief als de bevolking had deelgenomen aan de Februarirevolutie, zo afzijdig stond ze in oktober. Figes: 'Toen de bolsjewieken de macht grepen, bleven de theaters en restaurants gewoon open en ook de trams bleven volgens de dienstregeling rijden.' Immers: 'De revolutie van oktober was een staatsgreep die slechts door een kleine minderheid van de bevolking werd gesteund.'

Het succes van de bolsjewieken lag besloten in een combinatie van goede timing, brutaliteit en meedogenloosheid. 'Wie krijgt wie eronder?', was de vraag waar het voor Lenin om draaide. De brutaalste revolutionaire cel was in het door de tsaar achtergelaten machtsvacuüm gekropen. Op dezelfde wijze zou de meest brute en rücksichtslose van Lenins acolieten in het machtsvacuüm kruipen dat Lenin zelf achterliet toen hij in 1924 op 53-jarige leeftijd overleed.

De raderen van het noodlot kraakten hevig in mei 1922, toen Lenin werd getroffen door een zware beroerte. Tegen de tijd dat Lenin begon te waarschuwen voor Stalin - 'Stalin is te grof' - deed hij dat op papier, want spreken ging niet meer. Lenins testament bevatte meer onaardige woorden voor Stalin, maar deze was inmiddels machtig genoeg om ervoor te zorgen dat het niet openbaar werd gemaakt.

In veel opzichten was Stalin 'gebaard' door Lenin. 'De voornaamste elementen van het stalinistische regime - de eenpartijstaat, het schrikbewind en de leiderscultus - waren in 1924 een feit', stelt Figes. Evengoed was Stalins machtsgreep een volgende klap van het noodlot. Twee dingen weet Figes zeker: 'Lenin zou de collectivisatie van de landbouw nooit met zoveel geweld hebben afgedwongen.' En: 'Lenin had zijn partijkameraden nooit laten opsluiten en vermoorden omwille van hun politieke overtuigingen.'

Stalin deed het allemaal wel. De collectivisatie van de landbouw, bedoeld om met de boerenstand een laatste bedreiging voor het regime te vernietigen, leidde tot een hongersnood die tussen 1931 en1933 bijna negen miljoen mensen het leven kostte. Op de collectivisatie volgde de Grote Terreur waarin partij, leger en andere segmenten van de samenleving werden 'gezuiverd' van 'vijfde colonnes'. Tussen september 1937 en november 1938 werden bijna een miljoen mensen voor het vuurpeloton gezet. In de jaren erna liep het aantal slachtoffers verder op door het grote aantal gedeporteerden dat in de goelag het leven liet.

In de Grote Terreur werden ruim tachtigduizend ervaren officieren van het Rode Leger geëxecuteerd. Toen Hitler in juni 1941 het niet-aanvalsverdrag met de Sovjet-Unie schond, moesten onervaren officieren het op

perbevel voeren. Een onevenredig groot aantal van de bijna negen miljoen soldaten die de Sovjet-Unie tussen 1941 en 1945 zou verliezen, sneuvelde in de eerste maanden.

Wellicht ligt de grootste tragiek van het 20ste-eeuwse Rusland besloten in het feit dat het Europa bevrijdde van één groot kwaad, het nazisme, maar zelf gehavend zou blijven door een ander - het stalinisme. In Revolutionair Rusland verschijnt Stalin op pagina 169 en verdwijnt pas op pagina 327. Tot het aantreden van Gorbatsjov in 1985 behoorden alle Sovjet-leiders (Chroesjtsjov, Brezjnev, Andropov, Tsjernenko) tot de generatie van bolsjewieken die dankzij opperste loyaliteit aan Stalin omhoog kwamen in de partij. Ze zwakten zijn terreur af, maar betwijfelden nooit dat Stalins prestaties belangrijker waren dan zijn misdaden.

De eerste bolsjewiek die werkelijk trachtte af te rekenen met Stalins erfenis was Michail Gorbatsjov. Maar de gevolgen van het stalinistische offensief de oude maatschappij 'met wortel en tak uit te roeien' en daarna 'opnieuw te planten', laten zich gelden tot op de dag van vandaag. Ruslands huidige leider, Poetin, geeft weer op over Stalins prestaties.

'Het zal nog vele decennia duren voor de Russen van de sociale trauma's en wonden uit de Sovjettijd hersteld zullen zijn', is Figes' geloofwaardige conclusie. 'In politiek opzicht is de revolutie misschien dood, maar ze leeft nog altijd voort in de geest van de mensen die werden meegesleept door haar gewelddadige honderdjarige cyclus.'