Miniportretten van de Istanbulse zwerfkat - soms ongemakkelijk door de apolitieke houding
©

Miniportretten van de Istanbulse zwerfkat - soms ongemakkelijk door de apolitieke houding

Film (documentaire) - Kedi

Kedi is een ode aan de katse vrijbuiterij, met al die miniportretten van de Istanbulse zwerfkatten. Door de vluchtigheid verliest de film aan spanning en overtuigt hij niet helemaal als mozaïek-achtig stadsportret.

Kedi

Documentaire

Regie: Ceyda Torun

Met: Bülent Üstün

79 min., in 32 zalen

Ze slapen op straat in kartonnen dozen, bedelen bij restaurants om voedsel, dringen woningen binnen en onderhouden hun kroost in de krochten van trappenhuizen. Waren ze mensen geweest, dan hoorden de zwerfkatten van Istanbul tot de paria's van de stad.

'Als moslim kun je maar beter goed voor katten zorgen, wil je in de hemel komen'

Maandenlang volgde Ceyda Torun de straatkatten van Istanboel: eigengereide overlevers, net als de mensen aan de zelfkant van de stad. Lees hier het interview met Torun. (+)

Nu zijn ze, zeker voor de mannen en vrouwen die in de Turkse documentaire Kedi ('kat') aan het woord komen, even onmisbaar als kenmerkend voor hun metropool. Je moet wel concluderen dat men in Istanboel opvallend eerbiedig omgaat met de honderdduizenden zwerfkatten die er rondlopen. 'Zonder de katten zou Istanbul een deel van zijn ziel verliezen', aldus een inwoner.

Heel divers zijn ze, de kattenvrienden die regisseur Ceyda Torun voor de camera haalt. De feministische kunstenares die wenst dat ook mensen hun wilde kant wat meer tonen. De aan kattenknuffelen verslaafde hippievrouw. De ruw ogende zeeman die - vertederend! - een handvol verweesde kittens melk voert met een spuitje. Allen hebben ze hun eigen, vaak gelovige reden om liefdevol te reageren op de katten die hun pad kruisen. Want het zijn de katten die hier de mensen kiezen, niet andersom.

De katten van Kedi laten zich niet in een huiselijk bestaan inlijven en bepalen zelf hun plek in de maatschappij. Waar de ene kater de kost verdient door op ratten te jagen, krabbelt de ander aan het venster van een eetgelegenheid om duidelijk te maken dat hij trek heeft. Een ode aan de katse vrijbuiterij, dat is Kedi, dat met al die miniportretten van de Istanbulse zwerfkatten en hun hoeders moeiteloos een hartverwarmend effect sorteert.

Tegelijkertijd gaat het nauwelijks ergens naartoe. Torun rijgt de verhalen vluchtig en willekeurig aan elkaar, van wijk naar wijk zwevend met haar drone-opnamen. Door die willekeurigheid verliest de film aan spanning en overtuigt hij niet helemaal als het mozaïek-achtige, met allerhande muziekgenres doorspekte stadsportret dat hij óók wil zijn.

Eén scène, die waarin de aan het raam krabbelende restaurantkat wordt gefilmd, geeft de kijker een nare bijsmaak. Op de achtergrond loopt een klein meisje tussen de terrastafels te bedelen. Torun probeert door middel van de kadrering en de montage de aandacht van haar publiek zoveel mogelijk bij de kat te houden, het meisje tot toevallige figurant reducerend. Een moedwillige apolitieke, niet-maatschappijkritische houding die de hele film typeert en hem soms ongemakkelijk feelgood maakt.

Maar toch: krijg als kattenliefhebber maar eens geen zin om tijdens het kijken zelf aan het kroelen te slaan.