Wolfe's obsessief hamerende koperpulsen doen denken aan Louis Andriessen, een van haar leraren, maar ze gebruikt ook het lichte ratelen van kaartjes lang de spaken van een peloton fietswielen.
Wolfe's obsessief hamerende koperpulsen doen denken aan Louis Andriessen, een van haar leraren, maar ze gebruikt ook het lichte ratelen van kaartjes lang de spaken van een peloton fietswielen. © Melle Meivogel

Julia Wolfe is een meesterlijke verhalenverteller

Concert (klassiek) - Anthracite Fields

Julia Wolfe, die met Anthracite Fields de Pulitzer Prize won, is een meesterlijke verhalenverteller. Wolfe's obsessief hamerende koperpulsen doen denken aan Louis Andriessen, een van haar leraren.

Julia Wolfe was erbij, zondag in het Muziekgebouw. Samen met Cappella Amsterdam en Bang on a Can All-Stars, het New Yorkse ensemble dat opereert op de grens van rock en klassiek, nam ze het gulle applaus in ontvangst waarmee haar Pulitzer Prize winnende compositie Anthracite Fields bij zijn Nederlandse première werd onthaald.

Dit mijnwerkersoratorium - 'zo mag je het best noemen', zei ze de 58-jarige Amerikaanse in het praatje vooraf -gaat over het lijden en de heroïek van jonge breaker boys rond 1900, die hun handen tot bloedens toe verwondden bij het sorteren van steenkolen. En het gaat over honderden andere mijnwerkers die Wolfe een naam geeft in het eerste deel van haar werk: John Ace, John Art, John Ash, John Ayres. Met de cadans die zo ontstaat, krijgt de compositie het karakter van een requiem.

Anthracite Fields
Klassiek
Door Julia Wolfe.
Beeld: Jeff Suggs.
Steven van Gils, Cappella Amsterdam, Utrechtse Studenten Cantorij, Bang on a Can All-Stars o.l.v. Daniel Reuss.
2/7, Muziekgebouw aan 't IJ, Amsterdam. De Koorbiënnale duurt nog tot 9/7.

Wolfe is een meesterlijke verhalenverteller, met een idioom dat sterk leunt op de korte, repeterende motieven van de minimal music. Haar obsessief hamerende koperpulsen doen denken aan Louis Andriessen, een van haar leraren, maar ze gebruikt ook het lichte ratelen van kaartjes lang de spaken van een peloton fietswielen.

Altijd is er een rockachtige groove: koren op de molen van Bang on a Can. Maar juist in die ritmische drive konden dirigent Daniel Reuss en de musici elkaar niet vinden. Reuss, gepokt en gemazeld in het melodische koorrepertoire, liet hem als loze lucht uit een strak opgepompte fietsband lopen.

Op de achterwand van de zaal zag je gigantische projecties in zwartwit. Jongetjes met beroete koppies, sommigen ouwelijk en ernstig, sommigen met onverstoorbaar lef. De vormgever Jeff Suggs liet eenmaal kleur toe, toen Wolfe door de tuinen van de mijnwerkersvrouwen werd verleid tot weelderige droommelodieën.

Wolfe heeft haar thema gevonden. Na Steel Hammer en Anthracite Fields is ze opnieuw bezig met een werk over misstanden in arbeiderskringen. Dit keer kiest ze voor de kledingindustrie, met in de hoofdrol een vrouwenkoor. Iets voor de volgende Koorbiënnale.